nieuws

Faillissementen in bouw nauwelijks gedaald

bouwbreed

den haag – Het aantal faillissementen in alle Nederlandse bedrijfstakken is sinds de invoering van de Wet Schuldsaneringen Natuurlijke Personen (1 december 1998) met 23,5 procent afgenomen. De bouw vormt hierop een opmerkelijke uitzondering. Zo blijkt uit cijfers van Dun en Bradstreet.

In deze sector is het aantal faillissementen weliswaar gedaald, maar slechts met 2,8 procent. Daardoor neemt de bouw in het eerste kwartaal van dit jaar 14,3 procent (105 bankbreuken) van alle faillissementen voor zijn rekening, terwijl dat in het eerste kwartaal van 1998 slechts 11,2 procent was.

De bouw blijft ver achter bij de gemiddelde daling van het totale aantal faillissementen van Nederlandse bedrijven, die 23,5 procent bedraagt. Dit blijkt uit cijfers van Dun en Bradstreet, gebaseerd op de officiele faillissementsgegevens van de Nederlandse rechtbanken over heel 1998. Deze daling in Nederland wordt vooral veroorzaakt door de invoering van de Wet Schuldsaneringen Natuurlijke Personen op 1 december 1998.

Schuldeisers

Privepersonen, eenmanszaken en vennootschappen onder firma kunnen aanspraak doen op deze wet om een regeling te treffen met hun schuldeisers, waardoor zij een faillissement kunnen ontlopen. De nieuwe wet is ingesteld omdat veel faillissementen bij genoemde rechtspersonen werden opgeheven wegens gebrek aan baten.

Dankzij de nieuwe wet kan een schuldenaar tot een betalingsregeling komen met een schuldeiser, via de rechtbank. Als de schuldenaar niet in de vastgestelde periode aan de verplichtingen voldoet, kan alsnog het faillissement worden uitgesproken.

Eenmanszaken

Vooral in branches waar veel eenmanszaken en vennootschappen onder firma actief zijn, is vanwege de nieuwe wetgeving de daling van het aantal faillissementen groot, behalve in de bouw. Bijna zeventig procent van de bouwbedrijven heeft de rechtsvorm eenmanszaak of vennootschap onder firma (vof’s), maar toch blijkt de daling van het aantal faillissementen minimaal.

Het grootste deel van de daling van het aantal faillissementen in Nederland komt voor rekening van eenmanszaken (54,7 procent) en vof’s (26,7 procent). Het aantal faillissementen onder privepersonen daalde met 34,8 procent.

Een nadere beschouwing van de cijfers in de aannemerij leert, dat er grote verschillen zijn per branche. Bij splitsing van het aantal failliet verklaarde aannemers in de eerste helft van 1998 naar hoofdactiviteit, blijkt dat algemene aannemers actief in de woningbouw, relatief vaker failliet gingen dan op grond van het vergelijkbare percentage aannemers viel te verwachten. Van alle failliete aannemers bleek 47,6 procent actief in de woningbouw, terwijl 34,1 procent van alle aannemers actief is in deze sector. Vergeleken met beide voorgaande jaren is het aantal faillissementen in de sector ‘algemene woningbouw’ duidelijk toegenomen.

Loodgieters

Onder ‘loodgieters, verwarmings- en airconditioningsinstallateurs’ is dit jaar – na een lichte daling – echter weer sprake van een stijging.

Relatief lage risico’s lopen elektrotechnische installateurs en aannemers van verfwerk en behang. Ook in de categorieen metselaars, dakwerkers en stukadoors gaan er relatief gezien weinig ondernemingen failliet. Zij vertegenwoordigen 8,9 procent van de actieve ondernemingen in de bouw, maar nemen slechts 4,8 procent van de faillissementen voor hun rekening.

De heer J.J. Niehe, algemeen secretaris van de brancheorganisatie Aannemersvereniging Metselwerken, bevestigt dat de wet Schuldsaneringen Natuurlijke Personen in zijn branche weinig invloed heeft gehad op het aantal faillissementen. “Het slechte, natte weer en de vorst vorig jaar hebben daar meer invloed op. Gezien de ongunstige weersfactoren vind ik dat het aantal faillissementen in onze branche nog meevalt. We hebben als brancheorganisatie overigens geen extra publiciteitscampagne gevoerd om de wet onder de aandacht van onze leden te brengen. Als onze leden eenmaal problemen hebben, komen ze vanzelf bij ons terecht voor juridische ondersteuning.” Niehe bespeurt in zijn branche wel een tendens tot schaalvergroting, die wellicht invloed heeft gehad op het aantal faillissementen.

De Wet schuldsaneringen geldt immers alleen voor natuurlijke personen, terwijl grotere bedrijven veelal een andere rechtsvorm hebben.

Metselaars

“De meeste faillissementen in de metselbranche zijn inderdaad uitgesproken voor bedrijven met zo’n vijftig personeelsleden,” zegt Niehe. “Ons ledenbestand bestaat momenteel voor ongeveer tien procent uit kleine bedrijven. Omdat het werk voor kleine metselbedrijven steeds schaarser wordt, bestaat er een sterke tendens tot schaalvergroting. Zelfs zzp’ers, van wie het aandeel in de hele bouw de laatste jaren fors is toegenomen, neigen er steeds meer toe om zich te verenigen in een vof, met bijvoorbeeld zes a zeven partners die hoofdelijk aansprakelijk zijn.”

Detailhandel

Vooral in de detailhandel, waar ruim tachtig procent van de bedrijven de rechtsvorm eenmanszaak of vof heeft, daalde het aantal faillissementen aanzienlijk met 45,9 procent. Ook in de dienstverlening heeft twee van de drie bedrijven bovengenoemde rechtsvorm. Daar daalde het aantal faillissementen in totaal met 35 procent.

Afgezet tegen de aannemerij zijn er duidelijke verschillen. Daar daalde het aantal faillissementen met 15,4 procent onder eenmanszaken of vof’s, maar dat is minimaal in vergelijking met andere branches. Onder besloten vennootschappen nam het aantal faillissementen in de bouw zelfs toe, met 13,2 procent.

De meeste faillissementen in de bouw werden uitgesproken in Zuid-Holland, 24,8 procent. In deze provincie is bijna een kwart van alle aannemers gevestigd. Dit is ook de provincie die in andere branches de faillissementenlijst aanvoert. In Limburg namen de bankroeten eveneens toe. In de provincies Noord-Brabant, Noord-Holland en Groningen was daarentegen sprake van een forse daling van het totale aantal faillissementen in de aannemerij.

Noord-Holland doet het relatief gezien heel goed, 9,5 procent van alle faillissementen in de bouw vond daar plaats, terwijl 18,4 procent van de bouwbedrijven hier is gevestigd. In Noord-Brabant werd 16,2 procent van de faillissementen uitgesproken, terwijl 16,6 procent van de aannemersbedrijven er is gevestigd.

Verschillen

Uit de aanzienlijke verschillen tussen de diverse bouwbranches, blijkt dat het moeilijk is vast te stellen welke invloed de wet Schuldsaneringen Natuurlijke Personen precies heeft gehad in de aannemerij. Over het algemeen zijn brancheorganisatie terughoudend met het trekken van conclusies op basis van de cijfers van Dun en Bradstreet. Zij stellen dat ook andere invloeden, zoals het weer en de versoepeling van de vestigingswet, enkele jaren geleden, een belangrijke rol spelen bij het aantal faillissementen in de bouw.

Dun en Bradstreet is aanbieder van zakelijk krediet-, marketing- en handelsinformatie.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels