nieuws

Milieunieuws Aan- en verkoop van verontreinigde grond

bouwbreed

Vaak komen kopers en erfgenamen met de vraag of na aankoop van verontreinigde grond iets te verhalen valt op de voorganger(s). Die vraag is doorgaans niet zo maar te beantwoorden.

Een belangrijke rol spelen feitelijke omstandigheden, zoals de hoedanigheid van partijen. Hoe professioneel zijn ze? Een gemeente of projectontwikkelaar die koopt van een particulier die zich van geen verontreiniging bewust is en deze al helemaal niet veroorzaakt heeft, moet zelf alert zijn. Een dergelijke koper zal zich bijvoorbeeld moeten verdiepen in de historie van het terrein en indicatief onderzoek laten verrichten.

Illustratief is een jonge uitspraak van de rechtbank Breda. Een gemeente koopt van gebroeders X in 1991 een terrein met opstallen. De gemeente voert een indicatief onderzoek uit alvorens tot aankoop over te gaan. Conclusie: met de bodem is niets aan de hand.

Enkele jaren later blijkt het toch mis te zijn. Bij de sloop en herinrichting van het terrein komt onder meer een ophooglaag met sintels aan het daglicht. Kan de gemeente met succes de verkoper aanspreken die in de overeenkomst heeft gesteld dat hem terzake van (het veroorzaken van) bodemverontreiniging niets bekend is? Een dergelijke bepaling wordt, in wisselende bewoordingen, in meerdere overeenkomsten gehanteerd. De rechtbank stelt dat die bepaling de koper niet baat. Daarbij is nog van belang dat de gemeente moet bewijzen dat de verkoper wist dan wel behoorde te weten dat sprake was van verontreiniging.

De transactie zelf is een moment om alert te zijn. De onderzoeksplicht van koper enerzijds en de informatieverplichting van verkoper anderzijds zal de rechter later tegen elkaar afwegen. Natuurlijk dient als uitgangspunt eerlijkheid troef te zijn. Indien de verkoper zeker weet dat sprake is van verontreiniging zal hij de koper daarop in beginsel moeten attenderen. Koper kan dan aanvullend onderzoek doen en afspraken maken over sanering of kosten daarvan verdisconteren in de koopprijs.

Overigens is een slechte ontwikkeling dat sommige milieuadviesbureaus met werkelijke dumpprijzen elkaar beconcurreren als het gaat om indicatieve bodemonderzoeken. Daarmee gaat onherroepelijk ook de kwaliteit van de onderzoeken omlaag. Met name historisch onderzoek is daarbij de dupe.

Mr drs E.I.P.M. van Bellen-Weijnen, Oegstgeest

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels