nieuws

Gedoogbeleid bewijst hypocrisie overheid

bouwbreed

Minister van ruimtelijke ordening in de Vlaamse gewestregering, Steve Stevaert, is er in korte tijd in geslaagd zich een imago aan te meten van een onverbiddelijke ‘sloopminister’, die geen enkel pardon kent voor illegaal gebouwde villa’s en andere bouwwerken. Met de verkiezingen in zicht wil de minister zich opnieuw profileren.

De afgelopen maanden heeft Stevaert via de rechter meer illegale bouwsels in Vlaanderen laten afbreken, of de afbraak laten bevelen, dan zijn voorgangers samen in pakweg dertig jaar. Vooral heeft hij het gemunt op grote villa’s en andere kapitale bouwwerken, zoals het klooster van Boudewijn (nota bene de laatste wilsbeschikking van de overleden vorst) en het domein van multimiljonair Leon Melchior, beide in Belgisch-Limburg gelegen. Juist daarom heeft hij voor zijn sloopacties bij een deel van de Vlaamse bevolking een zekere populariteit verworven. Die ziet daarin het ‘bewijs’ dat Stevaert niet alleen de kleine man maar ook de rijken aanpakt. Ook de meerderheid van de Vlaamse parlementsleden en van de media keurt het harde beleid van Stevaert goed, zij het met een aantal bedenkingen.

Concessie

Met de verkiezingen voor een nieuw Belgisch en Vlaams parlement op 13 juni in zicht, heeft Stevaert zopas een opmerkelijke concessie gedaan die menig criticus van zijn harde beleid ongetwijfeld milder zal stemmen. Als ook de Raad van State snel werkt, zullen vanaf 1 juni in Vlaanderen geen bouwvergunningen meer aangevraagd hoeven te worden voor veranda’s, tuinhuisjes, duiven- en kippenhokken, siervijvers en zwembaden, tuin- en voetpaden en opritten voor garages. Niet voor niets heeft Stevaert voor dit segment gekozen. Hier worden tot nu toe verreweg de meeste bouwovertredingen begaan en dus ook de meeste overtreders (potentiele kiezers) bereikt. Reeds begane overtredingen worden bovendien achteraf alsnog gelegaliseerd, zo heeft Stevaert beloofd.

Zijn plotselinge mildheid kan niet los van de komende verkiezingen worden gezien. De Vlaamse socialisten (SP), waartoe Stevaert behoort, staan er in de peilingen zeer slecht voor. Als de voorspellingen bewaarheid worden, krijgt de SP nog maar 13 tot 15 procent van de Vlaamse kiezers achter zich, 5 procent minder dan in 1995. Ze zou dan waarschijnlijk ook niet meer voor regeringsdeelname in aanmerking komen. Oorzaak van het dreigende drama voor de SP zijn de Agusta- en Dassaultsmeergeldaffaires waarvoor verschillende SP-kopstukken (zoals NAVO-baas Willy Claes) gerechtelijk veroordeeld werden. Stevaert probeert kennelijk met het uitdelen van geschenken zijn steentje bij te dragen om de verkiezingsschade voor de SP te beperken.

Toch blijft er ten aanzien van zijn sloopbeleid een wrang gevoel bestaan. Ofschoon illegaal bouwen niet kan worden getolereerd, is het juist de Belgische en Vlaamse overheid die dit verschijnsel tientallen jaren lang heeft gedoogd en er financieel van heeft geprofiteerd. Het zijn de burgemeesters en wethouders (christen-democraten, socialisten en liberalen) van honderden gemeenten, die zelf de bouwwetgeving aan hun laars lapten en bouwvergunningen uitdeelden als warme broodjes aan hun inwoners, die tegelijk hun kiezers waren. De wildgroei aan alle mogelijke illegale bouwwerken, van sporthallen tot zwembaden en van garages tot kasten van huizen, is een typisch voorbeeld van de Belgische mentaliteit waarbij iedereen ‘zijn plan trekt’ en zich niets aantrekt van de overheid die in dit land per definitie zijn vijand is.

Chaos

Dat er wel degelijk sprake is van een wat hypocriete houding van de Vlaamse overheid wordt juist bewezen door haar gedoogbeleid. Dat ging zover dat zij tientallen jaren meewerkte aan voorzieningen zoals gas-, water-, elektriciteit- en telefoonaansluitingen voor honderden illegaal gebouwde huizen. Zelfs de Vlaamse overheid zelf heeft massaal infrastructuurwerken aangelegd zonder de vereiste bouwvergunningen. Als die nu allemaal plotseling ook afgebroken zouden moeten worden, zou de chaos niet te overzien zijn.

Flagrante bouwdelicten moeten worden bestraft, maar afbraak van woningen zou zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. Wil men de overtreders bestraffen, dan zou men ze achteraf alsnog een boete kunnen opleggen. De burgers mogen niet plotseling de dupe worden van een stedenbouwkundig beleid van een minister die zich wil profileren, terwijl zijn voorgangers de toestand tientallen jaren uit de hand lieten lopen door laks op te treden en zo verwachtingen te wekken dat toch alles mocht.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels