nieuws

Internationaal materialencentrum Nederlandse en Duitse hogescholen

bouwbreed

enschede – Twee Nederlandse en twee Duitse hogescholen beginnen op 1 september met een internationaal materialencentrum.

Het centrum moet de bestaande materialenkennis van de hogescholen bundelen en verdiepen. En vervolgens die kennis zowel gebruiken in het onderwijs, als bij advisering van het bedrijfsleven. Vanuit Nederland nemen deel de Hogeschool Enschede en de Hogeschool IJsselland (Deventer), vanuit Duitsland de Fachhochschule Niederrhein (Krefeld) en de Fachhochschule Osnabruck. Deze grensoverschrijdende regionale samenwerking levert het project de komende drie jaar ongeveer 1,2 miljoen gulden Europese subsidie op. Zelf moeten de deelnemers in totaal minstens 360.000 gulden investeren, 30% van het subsidiebedrag.

Oppervlaktebehandeling

Het materialencentrum krijgt twee onderdelen. Ten eerste de onderwijstak, waarin het bestaande materialenonderwijs van de hogescholen wordt ondergebracht. Daarnaast een tak voor toegepast onderzoek, bedrijfstrainingen en advisering, die nu nog wordt aangeduid met ‘het expertisecentrum’. Hieronder vallen het pas opgerichte Regionaal Centrum voor Oppervlaktetechnieken van Materialen (RCOM) en het in september beginnende European Centre for Coating and Surface Technology (ECCS). Het ECCS zal zich richten op de verfindustrie en oppervlakte behandelende bedrijven in Nederland en Duitsland. In eerste instantie richten de Nederlanders zich op de Nederlandse, en de Duitsers zich op de Duitse markt. Zonodig zullen de partners naar elkaar doorverwijzen. In feite krijgt het materialencentrum twee nauw samenwerkende vestigingsplaatsen, Enschede en Krefeld.

J. Voogd, coordinator materialenbescherming van de Hogeschool Enschede: “Onze studenten zullen voor het bedrijfsleven toegepast onderzoek uitvoeren, onder leiding van docenten. Op deze manier blijft het onderwijs up-to-date en neemt de kwaliteit toe. Het geld dat we met onze expertise verdienen, investeren we weer in het centrum. Na drie jaar moeten we zo een zelfdragende infrastructuur hebben gevormd, die ook zonder subsidie kan draaien. Die subsidie is nu nog nodig om de markt te kunnen verkennen en opdrachten binnen te kunnen halen.”

Brede expertise

Op het gebied van coatings en oppervlakte behandeling bundelt het ECCS de specifieke expertise van de deelnemende instellingen. De Hogeschool Enschede legt zich vooral toe op onderhoud, zorgsystemen, applicatietechnieken en voorbehandeling.

IJsselland brengt milieugerichte materiaaltechnologie in. Fachhochschule Osnabruck doet veel aan oppervlakte-analysetechniek, Niederrhein legt het accent op verfbereiding: grondstoffen, receptuur, en testen van verf.

Het expertisecentrum zal niet alleen onderzoek gaan doen naar coatings en oppervlaktebehandelingen, maar ook andere materiaalkundige problemen aanpakken, onder andere voor de kunststoffenbranche. Dat onderzoek zal dan buiten het RCOM en het ECCS vallen. Wat materialenexpertise betreft heeft op kunststoffengebied Osnabruck de meeste kennis. Voor keramiek, metalen en ontwerpen ligt het zwaartepunt in Deventer.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels