nieuws

Netelenbos zet corridors uit in wascoschets

bouwbreed

den haag – Het ministerie van Verkeer en Waterstaat heeft een eigen Wascoschets. Een kleurig antwoord op de houtskoolschets van minister Pronk van VROM. Daarin staan de corridors al wel ingekleurd.

De Wasco-schets gaat ervan uit dat de mobiliteit groeit, de verstedelijking toeneemt en water meer plek opeist. “We zijn bij het ministerie afgestapt van het idee dat alles bereikbaar moet zijn”, betoogt A. Jansen de directie Strategie en Coordinatie van Verkeer en Waterstaat tijdens een conferentie van het Nirov over de ruimtelijke ordening.

Grote steden

Verkeer en Waterstaat gaat uit van drie internationale corridors. In gele wasco lopen ze allemaal dwars door de drie grote steden in de westelijke randstad. Een loopt via Utrecht naar het Ruhrgebied en een tweede via de Brabantse stedenrij naar het Ruhrgebied. De derde takt via Breda naar Antwerpen. Daarnaast onderscheidt het ministerie twee corridors tussen de Belgische stedendriehoek naar het Ruhrgebied en van het Ruhrgebied verder naar Noord-Duitsland.

Verder markeert het kaartje met rode wasco drie grote economische gebieden; de Randstad met de vier grote steden, het Ruhrgebied en de stedendriehoek Antwerpen, Brussel en Gent.

De schetsen in wasco pretenderen geen blauwdruk te zijn, maar geven een kleurrijk perspectief op de ruimte. “Wasco mag dan vettig zijn, maar het is wel een stuk duurzamer en kleuriger dan houtskool”, klinkt toch een sneer van Verkeer en Waterstaat in de richting van VROM. De geschetste corridors passen in de filosofie van de startnotitie Ruimtelijke Ordening van VROM. In de houtskoolschets zijn echter helemaal geen tekeningen in houtskool te vinden. Minister Pronk wil dan ook nog geen corridors aanwijzen.

Perspectievennota

Verkeer en Waterstaat heeft met wasco de opgaven van het ministerie op vier kaarten ingekleurd. Een groot deel van haar taken is geschetst in de onlangs uitgekomen Perspectievennota.

Verkeer en Waterstaat kiest op bepaalde gebieden een andere manier van denken. Een van de belangrijkste is wel dat de bestaande infrastructuur als ordenend principe gaat gelden. “Beter gebruik maken van bestaande infrastructuur is de filosofie. Daardoor zijn de bestaande wegen en spoorlijnen de rode draad waar andere ontwikkelingen op aan gaan sluiten”, betoogt Jansen.

De inrichting van Nederland is nog lang niet af, maar een geruststellende gedachte is misschien dat 95 procent van de huidige inrichting in 2030 nog onveranderd zal zijn.

Voor die overige vijf procent dient de bestaande situatie het uitgangspunt te zijn.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels