nieuws

Letselschade voor 1996 alsnog verhaalbaar

bouwbreed

utrecht – Werkgevers en werknemers kunnen alsnog loonschade vergoed krijgen voor de periode 1994 tot 1996 bij arbeidsongeschiktheid die veroorzaakt is door derden. Dit is het gevolg van een uitspraak van de rechtbank in Arnhem in een hoger beroepszaak die verzekeraar RVS had aangespannen.

Tot nu toe werd aangenomen dat over de periode ’94-’96 het zogenoemde verhaalsrecht voor deze schade niet mogelijk was. De uitspraak van de rechtbank in Arnhem geeft alsnog de mogelijkheid doorbetaald loon bij ziekte te claimen bij de veroorzaker van die ziekte of arbeidsongeschiktheid. Uitvoeringsinstellingen sociale verzekeringen hadden deze mogelijkheid altijd al.

“Bij de Wet terugdringing Ziekteverzuim (WTZ) die op 1 januari 1994 van kracht werd, heeft de wetgever nagelaten werkgevers en werknemers ook een verhaalsrecht te bieden voor de kosten van ziekte, veroorzaakt door derden”, verklaart arbeidsdeskundige Paul Cool van inZbureau Cool in Utrecht. “Pas per 1 februari 1996 werd een wettig verhaalsrecht mogelijk, maar zonder terugwerkende kracht en zonder expliciete toestemming tot verhaal van alle kosten.”

Plicht

De WTZ legde werkgevers een loondoorbetalingsplicht op van twee of zes weken, afhankelijk van de omvang van het bedrijf. Eind 1996 werd die plicht verlengd tot 52 weken.

Cool voert al jaren juridische strijd tegen het ontbreken van verhaalsrecht. De zaak die diende voor de Arnhemse rechtbank betrof een werknemer van aannemer Berghege in Oss, die in 1989 een auto-ongeluk kreeg. Als gevolg daarvan kon de werknemer van eind 1994 tot medio 1995 in totaal 42 dagen niet werken. De veroorzaker van het ongeluk was verzekerd bij RVS, maar die weigerde op te draaien voor doorbetaling.

Cool spande voor werknemer en werkgever een procedure aan bij de kantonrechter in Wageningen. Voor de werknemer eiste hij betaling van zeventig procent van het nettoloon, voor de werkgever betaling van de resterende dertig procent. De kantonrechter wees beide vorderingen toe.

Beroep

Tegen dit vonnis tekende de RVS beroep aan. De verzekeraar voerde aan dat de werknemer geen inkomensschade heeft geleden, omdat de werkgever zijn nettoloon voor honderd procent heeft doorbetaald. De werkgever had volgens RVS geen wettelijk verhaalsrecht. Die werd immers pas per 1 februari 1996 ingevoerd.

De Arnhemse rechtbank verwierp beide verweren. Wat betreft de werknemer meende zij dat de veroorzaker van arbeidsongeschiktheid de primair aansprakelijke partij is. Daardoor krijgt de loondoorbetaling het karakter van een voorschot dat pas definitief wordt als geen verhaal mogelijk is. Voor de werkgever gold volgens de rechtbank hetzelfde.

“We hebben nu de eerste overwinning behaald. Nu gaan we verder werken aan de hoogte van de schadevergoeding. Want alleen nettoloon is onvoldoende, gezien de bijkomende kosten”, zegt Cool.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels