nieuws

Actie, reflectie en dialoog kenmerken werkwijze architect

bouwbreed

Werk van architectenbureau Mecanoo is in het College of Architecture + Urban Planning van de Universiteit van Michigan in de Verenigde Staten tentoongesteld onder de titel ‘The reflective architect’. In de bijbehorende catalogus is een essay van Henk Doll opgenomen over de beroepsuitoefening van architecten. Hij pleit voor ‘reflection in action’, een houding waarbij de dialoog met opdrachtgevers, gebruikers en andere betrokkenen centraal staat. Dit artikel is een verkorte versie van zijn essay.

De Van Nellefabriek, het Rietveld-Schroderhuis, Villa Mairea in Finland en het laboratorium- en kantorencomplex van Johnson Wax in de Verenigde Staten zijn veel bestudeerde voorbeelden van vroeg twintigste-eeuwse architectuur. Ze worden bewonderd om de doorbraak die ze voor de architectuur van deze eeuw hebben betekend. Wat deze gebouwen echter vooral gemeen hebben, is dat ze elk zijn voortgekomen uit een inspirerende relatie tussen opdrachtgever en architect. Deze relaties waren niet louter zakelijk, maar persoonlijke vriendschappen die vaak een leven lang standhielden.

Tegenwoordig zijn de voorbeelden van nauwe samenwerking tussen individuele opdrachtgevers en architecten eerder uitzondering dan regel. Doorgaans is een groot aantal partijen – vaak met tegenstrijdige belangen – betrokken bij het ontwerp- en bouwproces. De opdrachtgever is meestal niet een persoon met wie de architect een duurzame, vruchtbare, professionele en persoonlijke relatie kan opbouwen, maar veelal een onduidelijk gestructureerde verzameling organisaties met ondoorzichtige besluitvormingsprocessen.

Coordineren

Het kan gaan om een professionele opdrachtgever die regelmatig gebouwen neerzet – een projectontwikkelaar, een gemeente, een universiteit – maar ook om een individu of instelling die eenmalig een bouwproject wil realiseren. Tegelijkertijd is sprake van een situatie waarbij niet alleen de formele opdrachtgever, maar ook de toekomstige gebruikers en het publiek actief bij het ontwerpproces worden betrokken.

Architecten moeten in staat zijn in te spelen op de verschillende eisen van deze ‘vraagzijde’. Aan de andere kant, aan de ‘aanbodzijde’, heeft de architect doorgaans tot taak het werk te coordineren van de verschillende adviseurs die onmisbaar zijn bij de totstandkoming van een gebouw.

Reflectie

Architecten moeten in staat zijn in complexe processen te opereren en de vakoefening moet hierop (beter) worden afgestemd. In zijn boek ‘The Reflective Practitioner – How professionals think in action’ onderzoekt Donald A. Schon de beroepsuitoefening van vijf disciplines in de professionele dienstverlening, vanuit de vraagstelling hoe deze professionals te werk gaan bij het oplossen van problemen.

Schon schetst het achterhaalde beeld van de ‘techneut’, de professional als de technische expert die zich een buitengewone kennis, status, sociale bevoegdheid en vrijheid aanmatigt. Ook beschrijft hij hoe professionals worden veroordeeld als elitaire werktuigen van het establishment, die hun deskundigheid misbruiken om de ‘leken’ onder de duim te houden en de status quo te handhaven.

Geen van beide uitersten, zo betoogt Schon, biedt een bevredigende omschrijving van de rol die de professional zou moeten spelen in een steeds verder gedemocratiseerde, pluralistische samenleving. Daarom introduceert Schon het begrip ‘reflection-in-action’, reflectieve vakuitoefening. In tegenstelling tot het louter probleemoplossend werken, door middel van het inzetten van de technische expertise, is reflection-in-action gericht op een kritische definitie van de probleemstelling. Het probleem wordt voortdurend herzien, omgevormd, opnieuw ingekaderd, via interactie met de complexe entiteit die opdrachtgever heet. Een proces dat Schon beschrijft als een “reflectief gesprek met de situatie”.

Bij een reflectieve uitoefening van het vak is de kennis van de vakspecialist niet langer een afgerond geheel. De specialist stelt zich open voor onzekerheid, instabiliteit, uniciteit en conflict. Gezond verstand en intuitie komen rationalisme te hulp en kunnen het specialistische besluitvormingsproces beinvloeden.

Competente beroepsuitoefening vereist het samengaan van probleemstelling en probleemoplossing, het permanent heroverwegen van de situatie, het accepteren van voortschrijdend inzicht, maar ook het vermogen om reflectie te combineren met daadkrachtig handelend optreden.

Kritische kijk

Als we een opdrachtgever vragen: ‘Wat verwacht u van een architect?’ dan varieert het antwoord, maar doorgaans bevat het drie elementen: creativiteit, professionalisme en communicatieve vaardigheid.

Bij creativiteit wordt genoemd: vindingrijkheid, het vermogen vorm te geven aan een idee, esthetisch besef, inspiratie.

Onder professionalisme verstaat men onder meer dat de architect in staat is gebouwen te ontwerpen met de vereiste kwaliteit, kennis van bouwkosten heeft, zich aan de regelgeving en bouwvoorschriften houdt, leiding kan geven aan een team van vakspecialisten en een goed georganiseerd kantoor heeft.

De term communicatieve vaardigheden komt het dichtst bij Schons begrip reflection-in-action. Hieronder wordt door opdrachtgevers verstaan: de affiniteit van de architect met het project, het vermogen te luisteren naar de opdrachtgever, maar ook een kritische houding tegenover diens opvattingen, het vermogen die opvattingen om te zetten in gebouwde vormen en een kritische kijk op de samenleving als geheel.

Architecten moeten niet krampachtig proberen de status quo te beschermen. Ze moeten hun professionaliteit inzetten om te komen tot een kritische beroepsuitoefening. Daarbij gaat het in eerste instantie niet om het oplossen van een (ontwerp)probleem, maar om het herformuleren van elke vraagstelling. Dit gebeurt door problemen, wensen, eisen en mogelijke oplossingen terdege te analyseren en van elkaar te onderscheiden, kortom door flexibel in te spelen op de opgave. Of, zoals Ove Arup eens heeft gezegd: “De vraag waarom en wat er gebouwd moet worden, is veel moeilijker en controversieler dan de vraag hoe er gebouwd moet worden”.

Het zou overdreven zijn te stellen dat geinspireerde individuele opdrachtgevers tot het verleden behoren. Al zijn onze opdrachtgevers veelal organisaties, toch hebben wij met individuele personen duurzame professionele relaties kunnen opbouwen op een vergelijkbare manier als Van der Vlugt, Rietveld, Aalto en Wright destijds.

Persoonlijke signatuur

Wij werken vanuit het besef dat goede architectuur niet in het laboratorium van de solitair werkende architect ontstaat. Een zorgvuldig ontworpen project is alleen te realiseren als resultante van een inspirerende samenwerking tussen opdrachtgever, gebruikers, publiek, adviseurs en de architect. Het is van essentieel belang dat alle betrokkenen zich voor het eindresultaat persoonlijk verantwoordelijk voelen. Alleen in zo’n situatie kan de persoonlijke signatuur van de architect het ontwerp optimaal verrijken.

Het model van Schon – reflection-in-action – zou kunnen worden opgevat als zuiver gericht op het proces en niet van toepassing op de architectuur. Voor ons echter draagt het (ontwerp)proces het karakter van een dialoog, als middel om tot vorm te komen en een doel te bereiken. De vakmatige facetten van de architectuur – verhouding, compositie, ruimte, licht, het ambacht van het bouwen en een tactiel gevoel voor materiaal – zijn niet ondergeschikt aan het proces, maar het resultaat daarvan. Het blijvende in de architectuur is het artefact.

Henk Doll is partner/architect van Mecanoo architecten, Delft.

Literatuur:

Annette W. LeCuyer (red.): ‘Mecanoo’. Uitg. Michigan Architecture Papers. Ann Arbor, Michigan, 1999, ISBN: 1-891197-06-1

Donald A. Schon: ‘The Reflective Practitioner – How Professionals Think in Action’. Cambridge, 1983, ISBN: 0-465-06878-2

De tentoonstelling ‘Mecanoo, the reflective architect’ is tot 27 maart te zien in het College of Architecture + Urban Planning, University of Michigan, 2000 Bonisteel Boulevard, Ann Arbor, Michigan. Daarna zal de tentoonstelling ruim een jaar reizen langs diverse universiteiten en galeries in de Verenigde Staten.

Binnenplaats van het faculteitsgebouw voor Economie en Management van de Hogeschool Utrecht, ontworpen door Mecanoo.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels