nieuws

Hoe duurzaam is het begrip duurzaam?

bouwbreed Premium

Bij haast elke introductie van Duurzaam Bouwen-beleid in de dagelijkse bouwpraktijk ontstaat een woordenstrijd. Of het nu om een Vinex-locatie gaat of een bankgebouw, altijd roept er wel een door de wol geverfde stedenbouwer, architect of aannemer dat hij of zij al jarenlang duurzaam bouwt en dat daar helemaal geen nieuw beleid of stimulerende instrumenten voor nodig zijn. Spraakverwarring is het gevolg. ‘Duurzaam’ wordt dan verward met duurzaam in de betekenis van stevig en met een lange levensduur, aldus prof. Kees Duijvestein. Maar voor werkelijke duurzaamheid vindt hij een rigoreuze aanscherping van het beleid noodzakelijk.

Het begrip Duurzaam Bouwen werd in 1989 door het ministerie van VROM bij het eerste Nationaal MilieubeleidsPlan geintroduceerd. ‘Ecologisch bouwen’, ‘milieu-vriendelijk bouwen’, ‘milieubewust bouwen’, ‘mens- en milieuvriendelijk bouwen’ en ‘energiebesparend bouwen’ waren enkele van de vele begrippen die tot dan toe gebruikt werden. Duurzaam Bouwen (DuBo) moest aan alle onduidelijkheid een einde maken.

‘Duurzaam Bouwen’ werd afgeleid van ‘Duurzame Ontwikkeling’, volgens het Brundtland-rapport een ontwikkeling waarbij aan de behoeften van de huidige generatie wordt voldaan zonder dat daardoor de mogelijkheden van andere volkeren en toekomstige generaties worden verminderd. Duurzaam is de vertaling van het Engelse sustainable. Helaas heeft het begrip duurzaam in Nederland een tweede, meer gebruikte, betekenis die in het engels vertaald wordt met durable. CFK’s, asbest, PVC, verzinkt staal en verduurzaamd hout zijn misschien durable/duurzaam maar allerminst sustainable/duurzaam.

Het is daarom niet verwonderlijk dat in vele discussies de begrippen durable/duurzaam en sustainable/duurzaam door elkaar worden gehaald. Vaak uit onwetendheid, soms uit onkunde en gebrek aan vakmanschap om met nieuwe randvoorwaarden om te gaan, een enkele keer camoufleert het de onwil om zaken anders aan te pakken.

‘Sustainable’ is in het Nederlands ook onderhoudbaar of handhaafbaar. Daarmee hebben Nederlanders ervaring, sterker nog iedereen met een Nederlands paspoort heeft er voor getekend. Op de kaft daarvan staat immers ‘Je maintiendrai’ – ik zal handhaven.

Corbulo

De grond-, weg- en waterbouwsector heeft van oudsher te maken met projecten met een lange levensduur. De waterverbinding tussen Leiden en Rijswijk werd onder bevel van de Romeinse veldheer Corbulo in de eerste eeuw van onze jaartelling gegraven. Een 1900 jaar oud kanaal, als dat niet duurzaam is. Zeer waarschijnlijk gegraven door de plaatselijke bevolking, waarbij de toenmalige sociale omstandigheden niet vielen onder de huidige definitie van duurzaam.

Grachtengordel

Ook de door stedenbouwer vaak als bijzonder duurzaam aangehaalde Amsterdamse grachtengordel heeft inderdaad een lange levensduur maar is indertijd allesbehalve duurzaam ontwikkeld. De enorme turfvoorraden uit de veen-gebieden in Holland zijn opgestookt op een vergelijkbare wijze als waarmee wij nu de aardgasvoorraden onder Nederland en het continentale plat verbruiken zonder dat rekening gehouden wordt met de eindigheid ervan. Door die energievoorraad, relatief dichtbij en op bevaarbare afstanden, hadden de Hollanders de tijd en de mogelijkheden om andere zaken op poten te zetten. De handel met de Oostzeelanden heeft bijgedragen aan de ontwikkeling van Amsterdam, maar de verdere ontwikkeling van de Amsterdamse grachtengordel is pas goed op gang gekomen nadat de kolonien ontdekt en vervolgens vaak uitgebuit waren. Ook de lucratieve slavenhandel heeft aanzienlijk bijgedragen aan de rijkdom van de Amsterdamse kooplieden en daarmee ook aan de opbouw en het onderhoud van de grachtengordel. Daarmee is de grachtengordel over de eeuwen gezien wellicht zeer ‘durable’ maar zeker niet ‘sustainable’.

Milieu-efficiency

Tijdens de voorbereidingen voor de Wereld milieuconferentie in Rio de Janeiro is door Opschoor en Weterings (1992) de relatie tussen milieudruk, wereldbevolking, welvaart en milieu-efficiency aangegeven. Duidelijk werd dat voor een echte duurzame ontwikkeling van Nederland een verhoging van de milieu-efficiency noodzakelijk is met ongeveer factor twintig.

De nationale pakketten Duurzaam Bouwen voor woningbouw, utiliteitsbouw, stedenbouw en de GWW sector zijn hulpmiddelen om te komen tot een duurzame ontwikkeling in de Nederlandse bouw. Berekend is dat het toepassen van alle ‘vaste maatregelen’ uit het Nationale Pakket Woningbouw een verbetering oplevert van ongeveer twintig procent, dat wil zeggen een verbetering met slechts een factor 1,25! Om de factor twintig te halen is verdere uitbreiding en aanscherping van de maatregelen noodzakelijk.

Ondanks al het enthousiasme en de goede beleidsvoornemens is het aantal bouwlocaties waar serieus werk van DuBo gemaakt wordt, nog beperkt. ‘Serieus’ houdt dat Duurzaam Bouwen vanaf het initiatief en in ieder geval vanaf de locatiekeuze en het stedenbouwkundig plan als structurerende voorwaarde wordt meegenomen.

Kabel

De definitie van Duurzaam Bouwen heeft een hoog abstractieniveau. Een voorbeeld uit de praktijk van het ontwerpend onderzoek maakt de definitie concreter. Bij het Delfts Interfacultair Onderzoek Centrum ‘Duurzaam Gebouwde Omgeving’ van de TU Delft werkt een twintigtal onderzoekers en ontwerpers gedurende vijf jaar aan de mogelijkheden om de milieubelasting van de Nederlandse bouw met een factor twintig terug te dringen. Hierbij worden drie lijnen gevolgd: die van de actoren, de gebieden en de stromen. Deze lijnen staan voor de proceskwaliteit, de ruimtelijke kwaliteit en de milieukwaliteit.

Bij de proceskwaliteit gaat het om alle betrokkenen die tijdens de hele levensduur met het gebouwde in aanraking komen. Van bestuurders, ambtenaren, stedenbouwer, architecten en aannemers tot en met beheerders, bewoners, gebruikers en uiteindelijk de slopers.

Bij de ruimtelijke kwaliteit komen begrippen als biodiversiteit maar vooral ook ontwerpkwaliteit aan de orde. Stedenbouwer en architecten hebben nogal eens de neiging zich daar helemaal voor in te zetten, zonder het belang van andere kwaliteiten te onderkennen.

Bij de milieukwaliteit gaat het om het beperken van de milieugevolgen. Energie, water, materiaal, mobiliteit en afval kunnen opgevat worden als stromen die door gebouwen en steden gaan. Hoe smaller en trager de stromen, hoe beter het over het algemeen voor het milieu is. Door gebouwen goed te isoleren wordt er minder fossiele brandstof gebruikt, waardoor er minder uitputting van de voorraad is en minder uitstoot van kooldioxide.

Deze drie kwaliteiten van Duurzaam Bouwen staan niet op zichzelf. Ze moeten worden geintegreerd zoals strengen samen een kabel vormen. De hierboven aangeduide onderdelen van de drie kwaliteiten zijn in die beeldspraak dan de vezels waaruit de strengen zijn opgebouwd. Door hun samenbundeling is het een kleiner probleem als een van de vele vezels eventueel wat zwakker is. Het DuBo proces is geen serie geschakeld proces, geen ketting; DuBo is een parallel proces, een kabel. Een ketting is zo sterk als de zwakste schakel, de DuBo kabel haalt de kracht uit de integratie.

De drie kwaliteiten van Duurzaam Bouwen zijn maar hoogst zelden evenwichtig in een persoon verenigd. In bouwteams zijn daarom deelnemers uit diverse vakgebieden nodig om een goed resultaat te halen, bijvoorbeeld architecten en constructeurs voor de ruimtelijke kwaliteit, ontwikkelaars en volkshuisvesters voor de proceskwaliteit en energie- en waterdeskundigen voor de milieukwaliteit. Gezamenlijk dragen zij bij aan een goed product.

Prof. ir. C.A.J. Duijvestein is hoogleraar MilieuTechnisch Ontwerpen aan de faculteit Bouwkunde van de TU Delft, en directeur van ontwerp- en onderzoekbureau BOOM-Duijvestein te Delft. Dit artikel is een bewerking van zijn bijdrage aan de bundel Vastgoed Reeel’.

Als proceskwaliteit (actoren), ruimtelijke kwaliteit (gebieden) en milieukwaliteit (stromen) zijn geintegreerd vormen ze samen een sterke DuBo-kabel. Juist door hun samenhang is het minder erg als enkele vezeltjes minder sterk zijn. Het is geen ketting, die zo zwak is als de zwakste schakel.

‘Bouwteams nodig met kennis uit veel vakgebieden’

Reageer op dit artikel