nieuws

Vrije energiemarkt stimuleert ‘piekscherend’ gebouwontwerp

bouwbreed

De liberalisering van de Nederlandse gas- en elektriciteitsmarkt blijft niet zonder gevolgen voor ontwerpers en gebruikers van gebouwen in de utiliteitssector. Grootverbruikers zullen de tarieven voor hun basisbehoefte aan gas en elektriciteit weliswaar zien dalen, maar de pieken in hun energieverbruik kunnen de kosten weer aanzienlijk laten oplopen.

De Nederlandse Technische Vereniging voor Installaties in Gebouwen (TVVL) houdt vandaag in Arnhem een bijeenkomst over de kansen en bedreigingen van het vrijgeven van de energiemarkt. ‘Piekscheren’ door een uitgebalanceerd ontwerp van gebouw en installaties lijkt de oplossing.

Op energiegebied vinden in Nederland twee op het eerste gezicht tegenstrijdige ontwikkelingen plaats. Enerzijds is er een streven naar energiebesparing, onder andere om de uitstoot aan kooldioxide te beperken. Anderzijds is sprake van een steeds vrijere energiemarkt met meerdere aanbieders, waardoor grootverbruikers de goedkoopste energieleverancier kunnen zoeken. Goedkopere energie verlengt onvermijdelijk de terugverdientijd voor investeringen in energiebesparende maatregelen en zal de beperking van het energieverbruik dus niet bevorderen. Dat lijkt tenminste de conclusie.

Niet efficient

Ir. J. Mak, spreker op de bijeenkomst van de TVVL, relativeert de mogelijk negatieve invloed van de liberalisering op het investeren in energiebesparende maatregelen. “Elke producent wil zijn capaciteit zo volledig mogelijk benutten en het tijdelijk bijschakelen van productie-eenheden voor het opvangen van pieken in de vraag is niet erg efficient”, aldus Mak. “Een afnemer van energie zal dat merken in de tarieven”, vervolgt hij, “want een piek in het verbruik wordt relatief duur als die samenvalt met de pieken van andere afnemers. Ten opzichte van de ‘basislast’ kan zo’n kilowattuur in een piek wel een factor tien duurder zijn.”

Liberalisering vormt daarom een prikkel om ‘pieken te scheren’, zodat de gebruikscurve afvlakt en de energiebehoefte van een gebouw lager en veel gelijkmatiger wordt. Voor een kantoor kan dat per vierkante meter vloeroppervlak jaarlijks naar schatting vijf gulden schelen op de energierekening. Om dat te bereiken is een integraal ontwerp nodig van gebouw en installaties, zodat de installaties niet het gedrag van het gebouw hoeven te corrigeren.

Investeerders

Mak, lid van de directie van Deerns Raadgevende Ingenieurs in Rijswijk, moet toegeven dat liberalisering van de energiemarkt (elektriciteit per 1 juli 1999 en gas per 1 januari 2000) voornamelijk gevolgen heeft voor investeerders en ontwikkelaars, niet zozeer voor aannemers en bouwvakkers. Het is niet geheel belangeloos dat hij vindt dat investeerders in een zo vroeg mogelijk stadium van een ontwerp een ingenieursbureau moeten inschakelen dat is gespecialiseerd in installatietechniek. Onder het motto dat dan nog volop ruimte is voor technische en architectonische maatregelen om het energieverbruik van een gebouw lager en gelijkmatiger te maken.

Dat kan door zomers in de bodem warmte op te slaan en die er in de winter weer aan te onttrekken. Maar ook een dag/nachtbuffering is mogelijk, met gebruikmaking van bevriezend water en ontdooiend ijs. Andere maatregelen zijn het toepassen van lage-temperatuursystemen en een uitgekiende schakelregie.

Ook het clusteren van bedrijven en instellingen met individuele pieken die niet samenvallen leidt tot een gezamenlijke energiebehoefte die veel gelijkmatiger is, en dus goedkoper. Technische en architectonische aanpassingen tijdens de bouw of na de oplevering zijn vrijwel altijd onrendabel. Beheerders van bestaande gebouwen zullen het daarom wat hun toekomstige energierekening betreft vooral moeten hebben van hun onderhandelingscapaciteiten.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels