nieuws

Milieunieuws

bouwbreed Premium

Door het Ministerie is in 1997/1998 het zogeheten “Actief bodembeheer” geintroduceerd. Belangrijkste gevolg van dat beleid is dat de saneringseisen zijn versoepeld. De terugsaneerwaarde is sindsdien dus geen rigide laag streefgetal meer. Belangrijk aspect bij het nieuwe beleid – om te bepalen welke saneringswaarde nog aanvaardbaar is – vormt de huidige gewenste (gebruiks)functie van het terrein.

Op een speelplaats moet meer verontreiniging de grond uit dan op een industrieterrein. Het gezondheidsrisico (zoals het innemen van een hap zand) is bij een bedrijf immers kleiner.

Het beleid is mede ingegeven door een pragmatischer politiek. Een behoorlijk aantal bodemsaneringsprojecten stagneerde door de toen nog bestaande regel van de ‘multifunctionaliteit’, wat betekende dat alles de bodem uit moest.

Stilstand

In de praktijk waren de kosten als gevolg van deze vergaande eis zo hoog, dat onder andere stadsvernieuwing en exploitanten met stilstand van projecten te maken kregen. Het actief bodembeheer heeft daarin positieve verandering gebracht.

Het nieuwe beleid leidt evenwel ook tot verwarring, bijvoorbeeld bij de te kiezen saneringsvariant. Situaties waarbij het ene adviesbureau de sanering begroot op twee miljoen gulden, terwijl een ander bureau een suggestie heeft voor een half miljoen of zelfs twee ton, zijn geen uitzondering.

Eerste conclusie: een second-opinion kan heel lonend zijn! En duur staat echt niet voor ‘goed’ bij saneringen. Het nieuwe beleid vergt meer van ambtenaren. De toenemende creativiteit van de deskundigen overvalt de ambtenaar dan ook nog wel eens.

Tweede conclusie: kies een adviesbureau vooral uit op creativiteit, maar ook op overtuigingskracht . Een heel degelijk maar daardoor vaak ook zeer kostbaar plan, zal sneller worden aanvaard door de provinciale of lokale overheden (die immers het plan officieel moet goedkeuren) omdat het minder inspanning vergt. Met iets meer inzet zijn enorme financiele voordelen te behalen, overigens soms tot ongeloof van de saneerder, onder meer projectontwikkelaar of, anderszins eigenaar van onroerend goed.

Aangezien het beleid zo’n belangrijke nadruk legt op de functie van het terrein, dient de eigenaar van het registergoed, zich goed rekenschap te geven van zijn wensen.

Kennis

Is het de bedoeling ook op lange termijn de huidige functie te behouden, of moeten er bijvoorbeeld over tien jaar toch woningen komen, zodat alsnog vergaander moet worden gesaneerd. Goede kennis van de ontwikkelingsplannen van de overheid is daarbij belangrijk.

En waar moet straks nog gebouwd worden? Bij de afgifte van de bouwvergunning zal namelijk weer naar de bodem gekeken worden. Het is van belang een goede inventarisatie van toekomstige wensen te maken.

De verkoopbaarheid van het terrein kan door de functiebeperking afnemen, overigens zal bij een lichte saneringsvariant ook de prijs kunnen dalen. Fiscale en boekhoudkundige consequenties kunnen daarvan het gevolg zijn.

Actief bodembeheer vergt enige inspanning, maar het loont.

Mr. drs. Edith van Bellen-Weijnen is advocaat vastgoed-, milieu- en bestuursrecht in Oegstgeest.

Reageer op dit artikel