nieuws

Japan en China domineren ontwikkeling van tuibruggen Deskundigen waarschuwen in Malmo voor stilstand

bouwbreed Premium

malmo – De vrije overspanning die met tuibruggen kan worden gerealiseerd is in het afgelopen decennium in een hoog tempo groter geworden en nu op weg naar de duizend meter. Als die trend doorzet, moet de technologische ontwikkeling gelijke tred houden, want anders gaat het ten koste van de kwaliteit en dus ook de veiligheid.

Dit was in het Zweedse Malmo het uitgangspunt voor een conferentie van de International Assocation for Bridge and Structural Engineering (afgekort IABSE). Op een steenworp afstand van de qua vrije overspanning (490 meter) langste gecombineerde auto/rail-tuibrug in aanbouw ter wereld, de Sontbrug, werd een scala aan concrete projectervaringen uitgewisseld, die onder (veel) meer duidelijk maakten dat de bepleite ontwikkeling van de technologie zich niet alleen zal afspelen in West-Europa, de Verenigde Staten en Japan.

China

China wordt in de eerste twintig jaar van de komende eeuw in ieder geval het land waar de nieuwe records zullen worden gevestigd. Dat verzekerde Haifan Xiang van de Tongji Universiteit in Sjanghai. Als het alleen op tuibruggen voor autoverkeer aankomt, is het absolute record (890 meter vrije overspanning) momenteel in handen van de Tatarabrug in Japan, maar het designinstituut van Tongji heeft inmiddels het concept-ontwerp afgeleverd dat 950 meter overbrugd. De meeste constructie-ingenieurs zien een vrije overspanning van 1500 meter bij de huidige stand van zaken als het maximaal haalbare. Japanse experts van de Tokyo Metropolitan University hebben een tuibrug van 1500 meter al in het laboratorium beproefd en geven, na afdoende maatregelen te hebben getroffen tegen statische en aerodynamische instabiliteit, groen licht.

Verschuiving

Met Japan meegerekend ligt trouwens het zwaartepunt van de ontwikkeling al in Oost-Azie. Daar bevinden zich, gerekend vanaf volgend jaar, zeven van de tien langste tuibruggen, zo schetste de Deense hoogleraar Niels J. Gimsing van de TU in Lyngby in zijn inleiding de huidige stand van zaken. Voor wat betreft de materialenkeuze is volgens Gimsing sinds de jaren zeventig een verschuiving zichtbaar geweest van staal naar beton. In de jaren zestig domineerden met het eerstgenoemde materiaal de Duitsers de ontwikkeling.

Waaiervorm

De vormgeving van de bedoelde tuibruggen en -viaducten varieert sterk. Ze onderscheiden zich van ‘gewone’ hangbruggen door de montage van de dragende kabels. Deze kunnen evenwijdig aan elkaar staan, maar ook in een waaiervorm, maar in alle gevallen staan ze schuin of hellend. De pylonen nemen allerlei vormen aan, bijvoorbeeld als enkelvoudige pijlers of als een H of een A, om niet te spreken van de aparte pylonen van de nieuwe brug over het Zwarte Water bij de Zwolse wijk Stadshagen, welk project ook werd gepresenteerd in Zuid-Zweden, samen met de jongste IJsselbrug van Kampen.

De kabels en de pylonen zijn de meest opvallende elementen, waarmee de waardering voor een tuibrug vanuit esthetische overwegingen staat of valt. In een overzicht van de design-ontwikkeling in de afgelopen kwart eeuw signaleerden Spaanse experts in Malmo, juist vanwege de neiging tot steeds fraaiere en opvallendere ontwerpen, de noodzaak van speciale aandacht voor slijtage- en vibratieproblemen. Veel van dat soort problemen hebben zich alleen voorgedaan bij door meervoudige kabelsystemen gedragen tuibruggen, zo hielden zij hun gehoor voor aan de hand van recente projecten van Spaanse bodem.

De tuibrug over de oeresund tussen Denemarken en Zweden in aanbouw. Aan deze twee oostelijke, ruim tweehonderd meter hoge pylonen zijn de tuien al vastgemaakt.

Reageer op dit artikel