nieuws

Desinteresse voor verhoging kwaliteit ‘Deskundigen’ afwezig op symposium B en U materieel

bouwbreed Premium

“Absoluut pijnlijk. We houden een symposium over veilig werken met B en U materieel en slechts een keuringsbedrijf laat zijn gezicht zien.” Directeur Van Loon van keuringsinstelling BMWT toont zich zwaar teleurgesteld. “Dit is typisch voor de stand van zaken in de keuringswereld. Iedereen noemt zich deskundig, maar slechts weinigen hebben kennis.”

De omstreden term ‘deskundigheid’ werd op 5 december jongstleden ingevoerd door de overheid. Sindsdien is de werkgever verplicht zijn materieel periodiek te laten keuren door een deskundig persoon. Die term wordt door velen gebruikt, maar nergens omschreven.

“Wij hebben een omschrijving van die deskundigheid gemaakt”, zegt Van Loon. “Die wordt door niemand tegengesproken, maar ook nergens bevestigd.” De werkgever moet dus zelf bepalen of een keuringsbureau wel echt deskundig is.

Maar ook op andere fronten zorgt de wet- en regelgeving voor problemen. Volgens Van Loon krijgt de BMWT met name veel vragen over de regelgeving van bouwliften, verreikers en tientonmeterkranen. “Men weet niet wie verantwoordelijk is voor wat, wat verplicht is en wat vrijblijvend en welke regelgeving bij welk product hoort.” Bedoeling van het symposium was dan ook inzicht te geven in de regels en hiaten op te sporen.

Directeur Verhelst van verhuur- en verkoopbedrijf Hek van bouwliften, hefsteigers en personen- en goederenliften bijt het spits af. Verhelst vertelt dat de Europese regelgeving is ontwikkeld om de internationale handel te versoepelen. Dat heeft geresulteerd in een aantal richtlijnen, die de kracht hebben van wetten: de Machine-, Liften-, Laagspannings-, en EMC-richtlijn.

Niet onafhankelijk

De Machinerichtlijn (MR) is sinds 1 januari 1995 van kracht voor alle machines, van bouwlift tot draaibank. Een machine die aan de MR voldoet, mag een CE-keurmerk dragen. De fabrikant brengt dat keurmerk zelf aan.

In 1997 trad Bijlage 4 in werking: een toevoeging voor gevaarlijke machines. Die moeten worden gekeurd door een zogeheten Notified Body (Nobo). Voorbeelden daarvan zijn Aboma + Keboma en het Liftinstituut.

Omdat de MR een grove benadering is, was verdere detaillering nodig. Die wordt ontwikkeld door technische committee’s, waarna ‘Brussel’ ze goed moet keuren. Zolang dat niet is gebeurd heten ze Pr en daarna PrEN. De Pr of PrEN heeft de kracht van een aanbeveling en is dus niet verplicht. Ze dienen om de fabrikant een houvast te geven bij de vervaardiging van zijn machine. Deze kan echter ook zelf een risicoanalyse maken, los van de voorschriften in de PrEN. Die hoeft hij niet laten keuren door een Nobo om het CE-merk te mogen gebruiken. Als hij dat wel doet, staat hij juridisch wel sterker als er iets misgaat.

Bouwliften vallen onder de MR, maar niet onder bijlage 4. Een bouwlift met CE-merk is dus niet noodzakelijkerwijs gecontroleerd door een Nobo en kan ondeugdelijk zijn. Hefliften vallen wel onder Bijlage 4: het keurmerk is betrouwbaarder. Maar Verhelst wijst erop dat Nobo’s geacht worden door heel Europa dezelfde normen te hanteren, terwijl dat in de praktijk nogal verschilt. En een fabrikant kiest zelf in welk land hij zijn machine laat keuren. Wel is het zo dat de fabrikant verantwoordelijk is voor zijn product, keurmerk of niet. “Het is geen onafhankelijk kwaliteitslabel.”

De praktijk wijst volgens Verhelst echter uit dat de meeste ongelukken gebeuren door onzorgvuldig gebruik. De verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij de werkgever. “Men leest de handleiding niet of onderhoudt de machine slecht. De belangrijkste volgende stap is volgens mij dan ook om mensen op te leiden.” Hek is hier zelf mee begonnen en geeft met andere bedrijven cursussen in de omgang met hefsteigers en bouwliften.

Hijsbewijsknop

Productmanager Cox van NIBM wijst erop dat de fabrikant wel aansprakelijk is voor zijn product, maar slechts totdat iemand er wijzigingen in aanbrengt. “De verantwoordelijkheid voor dat stuk van de machine ligt dan bij die persoon.” NIBM fabriceert tientonmeterkranen. Volgens technisch manager Nieling is het hoog tijd dat daarvoor een hijsbewijs in het leven wordt geroepen. “Nu mag iedereen die ouder is dan zeventien jaar de kraan besturen. Wij vinden dat onverantwoord.” NIBM pleit daarom voor een klein-hijsbewijs, waarbij de grens op twintig tonmeter moet komen te liggen.

Extra reden daarvoor is de ‘hijsbewijsknop’, een knop waarmee het vermogen van een zware kraan wordt omgezet naar dat van een tientonmeterkraan. Voor als er niemand is met een hijsbewijs. Een zeer fraudegevoelig systeem.

Een ander moeilijk punt van de kraan is stabiliteit. De kraan is ontworpen voor moeilijk bereikbare bouwplaatsen en heeft dus een klein draaicirkel en compacte afstempeling. Daardoor moet wel extra worden gelet op de grondsoort, aanwezigheid van kabels en leidingen en de grootte en het materiaal van afstempelschotten. “Eigenlijk moet na elke plaatsing en verder elke dag een opstellingskeuring worden uitgevoerd”, zegt Nieling. Een idee dat door de zaal als onmogelijk van de hand wordt gewezen. “Dan ben je dus niet meer mobiel”, is een reactie. “Terwijl een van de charmes van de kraan juist de verrijdbaarheid is.”

Onduidelijk blijft of de opstellingskeuring verplicht is. Voor mobiele kranen geldt die verplichting namelijk niet, voor andere wel. Maar wat is een mobiele kraan? Over het algemeen worden kranen met een transportonderstel als mobiel gezien en dat heeft de tientonmeterkraan. Maar de spieringkraan is ook mobiel en moet toch worden gekeurd. Sprekers en de zaal worden het niet eens. “Het is helder dat deze zaken nog niet helder zijn”, zegt Van Loon. “Weer een reden om met een aantal wijze mannen om tafel te gaan zitten.”

Over de grenzen

Dat geldt ook voor de status van de verreiker in zijn verschillende toepassingen. Valt een verreiker die als hoogwerker wordt gebruikt onder de regels voor hoogwerkers? En is een hijsbewijs nodig voor een verreiker met een jib of lier (een haak dus)? “Nee”, is het stellige antwoord van Van Loon. “Een verreiker is een verreiker. Een verreiker met bak is een verreiker met bak en een verreiker met lier is een verreiker met lier.” Dat betekent dat in de hoogwerkbak materiaal mag worden vervoerd en dat mag worden gehesen zonder hijsbewijs.

“Een slechte zaak”, vindt De Blank van de Federatie voor Kraanverhuurbedrijven. “Het risico van hangende lasten aan een verreiker is volgens mij hetzelfde als dat risico bij kraan. Dan zouden de regels ook hetzelfde moeten zijn.” Voor roterende verreikers gaat dat ook gebeuren. Waarschijnlijk al in het jaar 2000 vallen alle verreikers die meer dan vijf meter naar links en naar rechts uitslaan onder de kraanregels.

De verreiker is een populair stuk materieel, omdat het zich leent voor zoveel verschillende toepassingen. Gebruikers verzinnen zelf ook nieuwe mogelijkheden en laten daar de voorzetstukken bij maken. Directeur Noyens van Manitou Nederland waarschuwt daar echter voor. “Koop de voorzetstukken gewoon bij de fabrikant van de verreiker. Dan zijn de gekeurd en goed.”

Ook andere experimenten leiden volgens Noyens tot problemen. “Het is een nieuw machientje met veel mogelijkheden. En dan gaan de mannen experimenteren. Daarbij lopen ze tegen grenzen aan en gaan eroverheen. Vorige week is nog een band geexplodeerd, omdat die niet voor de goede toepassing werd gebruikt. Ik denk dat dat geexperimenteer het grootste gevaar is van de verreiker.”

Ook Noyens wijst op het belang van opleiding (die voor de verreiker niet verplicht is, maar door Evo wordt gegeven), onderhoud en keuringen. Van Loon voegt daar nog aan toe dat de aannemer niet te goed van vertrouwen moet zijn. “In het bouwliftencircuit zijn onlangs een aantal bouwliften verkocht als PrEN-liften, maar waren dat niet. Op dat moment is de aannemer verantwoordelijk bij ongevallen. Hij moet dus zorgen voor een certificaat en niet vertrouwen op de woorden van de leverancier.”

Wie is aansprakelijk?

De fabrikant is aansprakelijkheid voor de deugdelijkheid van zijn machine. Bij aanpassingen is degene die die heeft uitgevoerd echter aansprakelijk voor dat onderdeel. De aansprakelijkheid van de fabrikant vervalt dan. De werkgever is verantwoordelijk voor voorlichting en goed gebruik.

Wat is verplicht?

Alle machines moeten voldoen aan de Machinerichtlijn. Gevaarlijke machines moeten daarnaast voldoen aan Bijlage 4. Dit is wettelijk verplicht.

De Pr en PrEN zijn detailleringen voor het ontwerp van machines. De fabrikant kan zijn machine volgens die normen ontwerpen, maar hoeft dat niet te doen.

Een CE-keur geeft aan dat een machine aan de normen voldoet. Het keurmerk wordt echter door de fabrikant aangebracht. Het is dus geen onafhankelijk keurmerk.

Bijlage 4 materieel wordt verplicht gekeurd door een Notified Body. Het CE-merk heeft daar dus een grotere betrouwbaarheid. Notified Bodies zijn echter niet in alle landen even streng. De fabrikant bepaalt zelf in welk land hij zijn materieel laat keuren.

Voor niet-Bijlage 4 materieel staat de keuring vrij. Periodieke keuring door deskundig persoon verplicht

Reageer op dit artikel