nieuws

Onderzoek verplaatsing asfaltcentrale Bruil

bouwbreed Premium

wageningen – Pas als de Raad van State uitspreekt aan welke milieuvoorschriften de asfaltcentrale van Bruil in Wageningen zich moet houden, wordt duidelijk wie de grootste belanghebbende is bij de verplaatsing en bereid zal zijn een fikse rekening te betalen. De Raad van State doet naar verwachting over een tot twee jaar zijn uitspraak.

Uit onderzoek blijkt dat de verplaatsing van de asfaltcentrale minimaal achttien miljoen gulden kost en maximaal 27,5 miljoen gulden. Provincie noch gemeente hebben tot nu toe geld gereserveerd om in deze kosten bij te dragen.

Op het haventerrein in Wageningen staat sinds 1972 de betoncentrale van de firma Bruil en sinds 1977 de asfaltcentrale. Hoewel er sprake is van een gezoneerd industrieterrein, ligt het bedrijf dicht bij de bebouwde kom en moet het bedrijfsverkeer door de bebouwde kom heen voor af- en aanvoer. De maatschappelijke acceptatie van het bedrijf door de buurt en de politiek holde de afgelopen jaren achteruit. Zowel tegen de vergunning van Gedeputeerde Staten van 1995 als tegen de aanvraag van 1996 zijn bezwaren ingediend door betrokkenen. Bruil zelf maakt bezwaar omdat de vergunning niet ver genoeg gaat, omwonenden en de gemeente Wageningen maken bezwaar omdat de aanvraag te ver gaat.

De rechter is eraan te pas gekomen en de Raad van State moet een uitspraak doen in een bodemprocedure. Hoe die uitspraak ook zal zijn, alle partijen realiseren zich dat er hoe dan ook een probleem blijft bestaan. Alleen het vertrek van de asfaltcentrale uit de Wageningse haven biedt een daadwerkelijk soelaas. De gemeente Wageningen heeft Metrum, een bureau voor management en planontwikkeling uit Utrecht, opdracht gegeven de mogelijkheden tot verplaatsing te onderzoeken.

Er zijn vele variaties mogelijk. Er is een keuze tussen verplaatsing van het hele bedrijf, dus asfalt – en betoncentrale, of alleen de asfaltcentrale. Er is een keuze tussen verplaatsing naar een andere plek in Wageningen of helemaal naar een andere gemeente. Daarbij komt Harderwijk in het vizier, omdat Bruil daar al een nieuwe vestiging aan het bouwen is. Op zich wil Bruil wel meewerken aan een verplaatsing, omdat het vestigingsklimaat er in de Wageningse situatie niet beter op wordt.

Duidelijke hervestigingslocaties zijn er nog niet. Omdat de meeste grondstoffen over water worden aangevoerd, wil Bruil een lokatie aan de rivier. Bovendien moet de vestiging niet te ver van het afzetgebied liggen. Beton verhardt en de transportkosten jagen de prijs omhoog.

De provincie wil zich inzetten voor het vinden van een geschikte locatie, ook als die in een andere provincie dan Gelderland zou liggen. In Wageningen is geen vervangende locatie aanwezig.

Hangijzer

Het heetste hangijzer blijft echter de vraag, wie de verplaatsing zal betalen. De lucratieve optie om de verplaatsing te betalen uit woningbouw op de vrijkomende lokatie is er niet. Het beleid in het kader van ‘Ruimte voor de Rivier’ maakt die bestemming onmogelijk. De gemeente Wageningen wil wel meebetalen, maar heeft er nauwelijks middelen voor. De provincie wil ook bijdragen, maar afhankelijk van wat Bruil en Wageningen op tafel leggen.

Bruil zelf heeft zich nog nergens over uitgelaten. Als de Raad van State uitspreekt, dat de milieumaatregelen moeten worden aangescherpt, groeit het belang van Bruil bij verplaatsing. Dan wordt het voor het bedrijf interessant in een verplaatsing te investeren.

Maar zegt de Raad van State dat Bruil op de huidige manier mag doorwerken, dan levert een verplaatsing geen concreet voordeel op en zal Bruil de eigen bijdrage zoveel mogelijk willen beperken.

Overigens geldt voor de gemeente Wageningen dat met een verplaatsing van Bruil wel een deel van de problemen in het havengebied wordt opgelost. Maar ook de andere bedrijven veroorzaken lawaai en verkeersoverlast en daarvoor moet de gemeente net zo goed een oplossing vinden. De eerste aanzetten daartoe worden gegeven in een plan van aanpak, dat in het najaar is gepresenteerd.

Reageer op dit artikel