nieuws

‘Inpassing infra: creativiteit markt’

bouwbreed

den haag – Mobiliseer de creativiteit van de markt om de inpassing van infrastructuur te regelen. De rijksoverheid moet zich beperken tot een visie op de gebieden economische en ecologische vitaliteit en de belevingswaarde van de ruimte. Vroegtijdig inschakelen van diverse partijen voorkomt vertraging in de besluitvorming en overschrijding van de budgetten. Dit zijn de hoofdlijnen van de Raad voor Verkeer en Waterstaat over de inpassing van infrastructuur.

In het advies van een commissie uit de raad, onder leiding van prof.dr. Jacqueline Cramer, wordt geconstateerd dat infrastructurele projecten nog te veel vanuit de sector verkeer en vervoer worden benaderd. Dat is te beperkt, zo vindt de raad. Gevolg is dat ‘inpassen’ van infrastructuur doorgaans neerkomt op ‘aanpassen’.

De raad komt met een totaal andere benadering. Dit gaat uit van

integrale hoogwaardige oplossingen die maatschappelijke meerwaarde opleveren. Herontwikkeling en ‘total design’ zijn de trefwoorden. Dit betekent wel een

andere wijze van beleidsvoorbereiding en financieren.

Een ander punt is dat het in de visie van de raad afgelopen moet zijn met compensatie in de zin van vergoeding voor hinder of aantasting. Een ontwerp moet zodanig zijn dat compensatie niet nodig is. Dat is alleen aan de orde als het niet mogelijk is de verschillende belangen te verenigen.

Om dit te bereiken moet de creativiteit worden gemobiliseerd, vindt de raad en beveelt het concept van ‘creatieve concurrentie’ aan.

In deze visie past ook een andere financiering. Voor het verkeers- en vervoerdeel van de infrastructuur is en blijft het ministerie van Verkeer en Waterstaat verantwoordelijk, zo vindt de raad. Maar waar projecten kansen bieden voor verrijking met andere functies ligt het voor de hand dat de belanghebbenden meebetalen.

Dit betekent dat de huidige procedures volgens de Tracewet en het Meerjarenprogramma Infrastructuur en Transport niet goed zijn. Vooralsnog denkt de raad dat

oprekken van bestaande procedures wel een mogelijkheid biedt.

De Tweede Kamer moet zich in een eerder stadium bezighouden met de inpassingsdiscussies. Nu zit zij aan het eind van de lijn. Ook moet de Kamer sturen op hoofdlijnen en uitgangspunten bewaken. Daarmee is een gedetailleerde bemoeienis van de baan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels