nieuws

Gemeenten ruzien over Regiovisie 2030 Bouwdrift Zuidlaren ergert buurman Hoogezand

bouwbreed

hoogezand/zuidlaren – Hoewel Groningen en Drenthe, gesteund door vijftien gemeenten, sinds medio 1996 onderlinge afspraken hebben gemaakt in het kader van de Regiovisie Groningen-Assen 2030, komt de samenwerking tussen sommige deelnemende gemeenten nog steeds niet echt van de grond. Zo beschuldigt het gemeentebestuur van Hoogezand-Sappemeer de Drentse buurgemeente Zuidlaren er al enige tijd van te veel woningcapaciteit naar zich toe te trekken. Dit zou in strijd zijn met de Regiovisie 2030. Zuidlaren ontkent ten stelligste dat de Drentse bouwplannen de Regiovisie zouden doorkruisen.

Volgens burgemeester en wethouders van Hoogezand-Sappemeer zou Zuidlaren zich best wat meer mogen inperken met haar plannen voor nieuwe woningbouw. Zuidlaren wil woningen bouwen op een voormalig kazerneterrein, aan de noordoostkant van het dorp, tussen het Zuidlaardermeer en De Groeve, ten westen van Zuidlaarderveen en in de dorpen Donderen en Tynaarlo. Hoogezand-Sappemeer vreest dat die bouwdrift van Zuidlaren ten koste gaat van haar eigen bouwruimte. En dat terwijl Hoogezand-Sappemeer in de Regiovisie juist een belangrijke rol als grote woonkern kreeg toebedeeld.

De beide gemeenten uiten hun kritiek vooral via-via en van enige samenwerking in het kader van de Regiovisie lijkt nog geen sprake te zijn. De verantwoordelijke bestuurders willen best nader ingaan op die onderlinge verhoudingen en de samenwerking die maar niet van de grond wil komen. Volgens wethouder J. Frieling, namens Zuidlaren verantwoordelijk voor ruimtelijke ordening en de Regiovisie 2030, berust de kritiek van buurgemeente Hoogezand-Sappemeer op een misverstand. “Onze bouwplannen voor het zogeheten Hunzedal dateren, hoewel ze nog steeds in een prille fase verkeren, van voor de Regiovisie. Destijds is nadrukkelijk afgesproken om de al in gang gezette plannen niet te betrekken in de Regiovisie en deze gewoon uit te voeren.”

De telefoon pakken

Frieling vindt het overigens opmerkelijk dat hij de kritiek van buurgemeente Hoogezand-Sappemeer steeds via de regionale media moet vernemen. “In Zuidlaren hebben we de gewoonte dat we rechtstreeks contact met de andere partij opnemen als ons echt iets dwars zit. In zo’n geval zou ik de telefoon pakken en mijn collega opbellen. Uit het feit dat dat nu niet is gebeurd, maak ik op dat het kennelijk wel meevalt met de ernst van die kritiek. Ik heb er als wethouder van Zuidlaren niet zoveel behoefte aan te reageren op vage krantenberichten.”

De wethouder onderschrijft de Regiovisie naar eigen zeggen wel degelijk. “Ons toekomststreven is een normale verhouding met buurgemeente Hoogezand-Sappemeer en een steeds eensgezinder optreden. Zeer binnenkort zullen we nader overleg met elkaar voeren. Ik hoop van harte dat we vanaf dat moment met elkaar omgaan als goede buren, net zoals dat het geval is met andere buurgemeenten.”

Cultuuromslag

Ook de in Hoogezand-Sappemeer voor bouwzaken verantwoordelijke wethouders B. Martens (woonplannen) en E. Schmied (ruimtelijke ordening) hopen op een betere samenwerking. Martens: “Er is in de jaren tachtig tussen onze gemeenten een soort cultuurtje gegroeid van onderlinge strijd. Daar moeten we afstand van nemen. Hoewel ik de meest recente kritiek op de bouwdrift van Zuidlaren onderschrijf, moeten we in de toekomst onze kennis uitwisselen op basis van de inhoud van de stukken. De instructie is wat dat betreft heel duidelijk: gewoon opbellen. Daar kan geen misverstand over bestaan.”

Volgens Hoogezand staat de samenwerking in het kader van de Regiovisie 2030 eigenlijk nog in de kinderschoenen. “We moeten in beide gemeenten nodig een inventarisatie maken van alle bouwplannen die er liggen. Dat moet weer leiden tot een conceptplan voor het hele gebied, zodat we die concurrentieslag over de provinciegrenzen zo snel mogelijk achter ons kunnen laten. De knelpunten die er zijn zullen we gezamenlijk moeten oplossen. Daar is het nu wellicht nog iets te vroeg voor, maar ik verwacht dat we in de toekomst veel vaker contact met elkaar zullen hebben. Dat komt de onderlinge verhoudingen zeker ten goede.”

Martens benadrukt dat er een flinke cultuuromslag moet worden gemaakt. “Onze toekomstige plannen op woningbouwgebied moeten gebaseerd zijn op het gezamenlijk belang. Het gaat erom de aantrekkelijkheid van het totale gebied zo goed mogelijk te bevorderen. We zijn het er onderling wel over eens dat de grensstreek tussen beide provincies een afgewogen mix moet zijn van aantrekkelijke woningbouw, recreatie en industrie. Als we vanuit dat perspectief onze bouwplannen invullen, hoeft niets een prima samenwerking met Zuidlaren nog in de weg te staan. Volgens mij is dat gewoon een kwestie van tijd. We moeten als Groningse en Drentse gemeenten allebei nog aan die samenwerking, over de provinciegrenzen heen, wennen.”

De wethouders E. Schmied van Hoogezand (rechts) en J. Frieling van Zuidlaren schudden elkaar de hand op de grens tussen Groningen en Drenthe. Foto: Jan Willem van Vliet

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels