nieuws

Hoe oplossingen weer problemen oproepen Op de bres voor het behoud van Hekelbrug en -sluis in Den Bosch

bouwbreed

De Hekelbrug en de Hekelsluis zijn een onderdeel van de vestingwerken in en rond ‘s-Hertogenbosch. Het verhaal van hun restauratie leest als een spannend boek: een voortdurende aaneenschakeling van oplossingen die weer nieuwe problemen oproepen. Verder veel pionierswerk in een unieke, technisch gecompliceerde situatie.

Een onmogelijk project? Een ding is zeker: voordat deze operatie geslaagd mag heten, moet er nog veel gebeuren…

Kees Vos is teamleider en projectleider bij het Ingenieursbureau Openbare Werken van de gemeente Den Bosch. Ir. Gerard Schouten is werkzaam op de afdeling Instandhouding en Onderzoek van het ingenieursbureau Witteveen +Bos. Beide mannen houden zich nu al twee jaar intensief bezig met een project dat bij voltooiing vijftien jaar van hun leven zal hebben beslaan: de restauratie van de Hekelbrug en Hekelsluis, onderdeel van een totale restauratie van de Bossche vestingwerken. Kees Vos was al betrokken bij een project dat maar liefst vijfentwintig jaar heeft geduurd: de restauratie van de historische waterbouwkundige werken van de Binnendieze. Bij deze ingreep is een open riool omgetoverd tot een fraaie toeristische attractie. Het de bedoeling de Binnendieze en de vernieuwde vestingwerken op den duur naadloos op elkaar aan te sluiten en zo een toeristische trekpleister te creeren die zijn weerga niet kent.

Een van de vragen die ingenieursbureau Witteveen+Bos kreeg voorgelegd luidde: hoe verenig je historische renovatiewerkzaamheden, bestemmingsplannen en parkeeruitbreidingen op zo’n manier dat er een plus-plus-situatie resulteert? Een uitgebreid onderzoek bracht de technische conditie in kaart van elk onderdeel van de vestingwerken, die uit de veertiende tot negentiende eeuw stammen. Conclusie: verschillende onderdelen waren in deplorabele staat.

Op basis van de totaalbeschouwing is een prioriteitenplan gemaakt voor komende tien jaar. De kosten hiervan zijn door het bureau begroot op f. 20 miljoen, de totale renovatiekosten op f. 45 miljoen (incl. btw). Vanwege de technische complexiteit ervan, bleek de renovatie van Hekelbrug en Hekelsluis een van de grootste posten te zijn. Daarop is besloten om dit heikele punt, de verbinding tussen de Singelgracht en de Binnendieze, als eerste aan te pakken.

Technisch complex

Schouten legt uit: “Voor het bouwtechnisch onderzoek hebben we een visuele opname van de sluis en de brug gemaakt. Wat kwam daaruit? Onvoldoende voegwerk, loszittende en beschadigde bakstenen, beschadigd natuursteen, slecht wrijfwerk, gaten in het metselwerk en loszittende pleisterlagen. De scheuren bleken vaak veroorzaakt door een ongelijke zetting en een slechte samenhang van het metselwerk. De brug kampt met ernstige corrosie van de blootliggende wapening en scheuren aan de hoofddraagconstructie. De betondekking, gemeten met behulp van een elektronische dekkingsmeter, bleek op veel punten onvoldoende. Middels een Schmidt-hamer kon dezelfde conclusie worden getrokken voor de betonkwaliteit. Op vier locaties werden over 2,5 meter kernboringen uitgevoerd, waarbij in het onderste gedeelte steeds holle ruimtes in de voegvulling werden gesignaleerd. Kortom, brug en sluis verkeerden in een slechte toestand. Bovendien bleek uit de inspectie dat veel van de schades zich onder het wateroppervlak bevonden.”

Funderingen

Zonder graven of duiken was het dus onmogelijk de staat van de fundering op te nemen. De fundering vormt tot op de dag van vandaag het grootste probleem waar het renovatieteam steeds weer tegenaan loopt. Welke fundemringen zijn voor de Hekelbrug gebruikt? Wat houdt het water nog verborgen? En – hoe kom je daar achter als er geen bouwtekeningen beschikbaar zijn en als je niet eens zeker weet uit welke eeuw de bouwwerken stammen. In de loop der tijd is er veel gevochten in en om Den Bosch en hoe bepaal je wat oorspronkelijk is, of wat vernietigd en weer opgebouwd. Het enige wat je kunt doen is nagaan hoe funderingen werden gemaakt in de vermoede bouwperiode. Soms bestonden die enkel uit koeienhuiden op zand.

Om de fundering nader te onderzoeken werd de middenpijler tot op zekere hoogte drooggelegd. De houtsplinters die toen gevonden werden, gaf het renovatieteam de indruk dat de fundering uit paaltjes bestond. Een fundering die nog wonderwel functioneert, ondanks het feit dat de Hekelbrug een veel gebruikte verkeersader is geworden.

“We zouden wel willen doorgaan met droogleggen totdat we zekerheid hebben over de fundering, maar dat kan niet ongestraft”, vertelt Schouten. “Je hebt kans op onderspoelen. Het risico dat de brug gaat verzakken en instort, is levensgroot aanwezig. We hebben nu het punt bereikt dat we niet meer verder kunnen gaan met droogleggen; nu moet in elk geval de middenpijler worden veilig gesteld. Daarbij moeten we nog een heel ander probleem overwinnen: de kabels en leidingen die over de brug lopen en het (zware vracht-) verkeer dat er dagelijks overheen dendert. Een van die leidingen is een belangrijke watertransportleiding. Als die scheurt hebben we niet alleen een fontein van tientallen meters, maar zit meteen Den Bosch ook zonder water.”

Alsof het renovatieteam nog niet genoeg aan zijn hoofd heeft, wordt het ook geplaagd door tijdsdruk. Vos: “Het project is goedgekeurd in het kader van het Grote-Steden-Beleid. We hebben subsidie gekregen onder de voorwaarde dat zeventig procent van het bedrag voor dit project voor 1 oktober 1998 is uitgegeven. We zullen nog hard moeten werken om deze deadline te halen, want door alle problemen en onzekerheden moet er nog een hoop aan de voorbereiding gebeuren.”

Historie

Schouten licht toe: “We zijn ook betrokken geweest bij de restauratie van de kademuren in Deventer, Leeuwarden en Gorinchem en bij de restauratie van bruggen in Hoorn en Enkhuizen. Bij het herstel van een brug maken we vaak een nieuwe drukboog van metselwerk of beton. Desnoods bouwen we een betonbrug in, een betonnen plaat die apart is gefundeerd en de verkeersbelasting overneemt. Maar dat kan hier allemaal niet. We kunnen niet verhogen, omdat de watertransportleiding direct op de brug rust. Bovendien moet hier een stukje historie worden behouden. Dan past het niet om een moderne, kunstmatige oplossing te gebruiken. We zijn dus ook nog eens gehouden aan de historische uitstraling en bijbehorende bouwmethodieken. Elk voorstel wordt nauwkeurig onder de loep genomen door Bossche organisaties voor monumentenzorg, door de KNNV (Koninklijke Nederlandse Natuurkundige Vereniging) en het IVN (Instituut voor Natuureducatie).”

Het IVN? “Ja, want op de muren komen bijzondere korstmossen en mediterrane planten voor. Ook daar moeten we rekening mee houden.” Een belemmering voor het werk? “Ach, als ik het puur technisch zou bekijken”, antwoordt Gerard Schouten, “dan zou ik zeggen ‘Hup, alle muurplantjes weg’. Ze groeien in de voegen en tasten het metselwerk aan. De steenbreekvaren bijvoorbeeld heeft zo’n kracht dat muren er door afbrokkelen. Nu hebben we de volgende oplossing gevonden: we nemen stukken muur eruit, binden die samen en metselen ze later weer in. Zo is hopelijk iedereen tevreden.”

Combineren en faseren

Momenteel worden onderzoek en uitvoering zoveel mogelijk met elkaar gecombineerd. Daarbij mag de continuiteit van de verkeerstroom niet worden onderbroken. De uitvoerders proberen daarom stapje voor stapje vooruit te komen. “Dit jaar willen we in elk geval de brug, de sluis en de brugverbreding realiseren. Ook een aantal sluiswanden moet goed worden opgeknapt. De handbediende houten deuren worden vervangen en komen functioneel terug. Zoals gezegd, de hekel vormt de verbinding tussen het water buiten de stad en de Binnendieze. Om die reden moeten we de doorstroming en waterverversing van de Binnendieze gedurende de hele restauratieperiode handhaven. Anders gaat Den Bosch binnen de korste keren vreselijk stinken. Een duiker kan niet, vanwege de geringe doorvoer van het water. Dat betekent dat we de deuren gefaseerd moeten aanpakken – eerst de een, dan de ander. Ook de aanpak van de brug zal gefaseerd geschieden. Omdat we nog niet veel zicht hebben op de fundering, is het nog niet zeker wat we daarmee gaan doen.”

Ondanks alle problemen laten Kees Vos en Gerard Schouten het hoofd niet hangen. Zij kiezen steeds een positieve, wilskrachtige invalshoek. “Een onmogelijk project? Welnee, het stelt eisen aan je creativiteit. We kiezen niet de honderd procent veilige route, maar kijken hoe we met behoud van de structuur en cultuur tot een fraaie oplossing kunnen komen. Het is geen eenvoudige opgave, maar daarom vinden we het ook zo leuk!”

De Bredase vestiging van Witteveen+ Bos Raadgevend Ingenieurs kreeg in mei 1996 van ‘s-Hertogenbosch de opdracht om een renovatieplan voor de vestingwerken in de stad op te stellen. Het plan heeft betrekking op Fort St. Anthonie, Westwal, Bastion St. Anthonie, Bastion Baselaar, Hekellaan, Pettelaarsweg, toren voor de Judasbrug, Hekelsluis en Hekelbrug, Zuidwal, Bastion Oranje, Spinhuiswal, Parklaan, Bastion Vught, Muntelwal en de St. Janssingel/Westwal.

Vervolgens werd de projectgroep Vestingwerken samengesteld, bestaande uit Witteveen+Bos, de afdeling Stadsontwikkeling (SO/ROS), de Bouwhistorische en Archeologische Dienst (SO/BAD) en het Ingenieursbureau Openbare Werken van de gemeente ‘s-Hertogenbosch.

Een aantal onderdelen verkeert in slechte staat. De grootste kostenposten voor technisch herstel en milieumaatregelen zijn voorzien bij de Zuidwal, de Parklaan, de Hekelsluis en de Hekelbrug. In totaal is voor de renovatie een bedrag van f. 45 miljoen benodigd (incl. BTW), verdeeld over een periode van vijftien jaar.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels