nieuws

Ups en downs van een Londens roltrappenproject

bouwbreed

Uitvoerder Saan becijfert meerwerk continu

“Een miljoenenproject”, zo noemt Frans van Schaijik het plaatsen van roltrappen in twee stations van de Londense Jubilee-metrolijn. Een project ook dat miljoenen heeft gekost, voegt de directeur van Koninklijke Saan uit Diemen er meteen aan toe. Niet in de laatste plaats omdat vertragingen het bouwkundige deel van het metrowerk teisteren. “Van de oorspronkelijke financiele planning klopt intussen niets meer. Op de locatie loopt constant iemand rond die al het meerwerk becijfert. Doe je dat niet, dan eindig je gegarandeerd met een tekort onder de streep.”

De vergoeding van meerwerk veroorzaakt niet zelden lange discussies. Het contract voorziet evenwel duidelijk in bijbetaling, al is van sommige hamerstukken niet meteen duidelijk of zij wel of niet onder meerwerk vallen. “Neem een kraan die op een stoep staat”, legt Van Schaijik uit. “Rond die plek staan ook borden. Dan nog moeten er twee mensen links en rechts van de kraan op de stoep staan. Zij moeten de voetgangers waarschuwen dat ze een afzetting naderen met daarachter een kraan. De opdrachtgever hield ons voor dat dit onder de algemene veiligheidsvoorschriften valt en dat Saan dat behoorde te weten. Maar dat wisten we niet, dus stonden we op betaling. Dat is ook uiteindelijk gebeurd maar, voor het zover kwam is heel wat tijd verstreken.”

Extreme eisen

Deze week levert Saan de roltrappen van het metrostation London Bridge op. Op deze locatie moest Saan aan “redelijk gangbare veiligheidseisen” voldoen. Bij station Westminster gelden volgens Van Schaijik extreme eisen. “Op een gegeven moment wilde de opdrachtgever alle beschikbare informatie over de opleiding van de kraanmachinisten. Zo moest er een Engelse vertaling van de cursusboeken komen. Die bestaat niet, dus moesten we de vertaling laten maken. Vervolgens kregen we het verzoek de opleidingspapieren en deskundigheidsbewijzen nog gedetailleerder te vertalen. Daar zeiden we zeer beslist ‘nee’ op. Het moet een keer genoeg zijn. Al deze inspanningen dragen niet bij aan grotere veiligheid en betere kwaliteit.”

Veel, heel veel tijd moest Saan uittrekken voor het opstellen van ‘method statements’. Die moeten bij wijze van spreken elke stap beschrijven die het personeel op de locatie zet. Het protocol illustreert hoe het personeel een roltrap van de vrachtwagen haalt en hoeveel mensen de trap op de aangegeven plek brengen, tot en met de procedure voor het aandraaien van de bouten. Volgens Van Schaijik gaat de projectbeschrijving zelfs zover dat het protocol aangeeft wanneer de vrachtwagen afslaat om de locatie op te rijden. Op dat moment moet er een man voor en een man achter de vrachtwagen staan. De man voor geeft de man achter een teken dat de chauffeur achteruit kan rijden. Waarna de man achter tot de beschreven losplaats meeloopt.

Grote moeite

“Deze beschrijvingen zijn zo gedetailleerd dat we er aanvankelijk grote moeite mee hadden. Ze vertellen de concurrentie exact hoe we werken. Dat geef je zomaar uit handen, in de hoop dat het document niet in verkeerde handen komt. Omdat de planning telkens verandert moet je ook de ‘method statements’ keer op keer herschrijven. Keurt ‘de veiligheid’ de beschrijvingen af, dan mag het personeel de bouwplaats niet op. Toezichthouders kijken met het boek in de hand of iedereen de handelingen op de beschreven wijze uitvoert. Vergt de situatie een andere aanpak, dan moet je eerst een verzoek tot wijziging indienen.”

Van Schaijik noemt de Jubilee-lijn een megaproject dat ruime aandacht geniet. Zijn bijdrage moet in de toekomst commercieel voordeel opleveren. Nu al trekken de Londense werken de aandacht van andere roltrappenleveranciers. Maar eenvoudig wil Van Schaijik het metroproject zeker niet noemen. “Op de locatie ontbreken de voorzieningen om een roltrap op de gewenste plek te krijgen. Dat moet met eigen middelen gebeuren. De langste roltrap is zo’n 60 meter en kwam in tien delen aan. Dat maakt de plaatsing heel zwaar. Om te voorkomen dat het personeel extreem overbelast raakt, moet je flink investeren in hulpmiddelen. Ook de veiligheid vergt meer dan ruime aandacht. Voor iedereen staat er een hek rond de openingen, totdat wij in de diepte de roltrap plaatsen; dan worden ze weggehaald. En nogmaals: de uitbreiding van de Jubilee-lijn is een prestigeproject. Daar kun je je geen ongevallen veroorloven.”

Plaatsingskosten

De gemeente verleent maximale medewerking aan het project. Mochten er op zeker moment toch problemen rijzen, dan handelt opdrachtgever Orestein en Koppel die af. Dat is ook in zijn belang. O en K is namelijk pas klaar wanneer een roltrap gebruiksklaar is. Een klant koopt een geplaatste roltrap. Van Schaijik: “Voordat O en K een offerte indient praat men al men ons over de plaatsingskosten. Wij op onze beurt geven technisch advies aan de fabrikant om een roltrap niet in z’n geheel, maar in drie of vier stukken te leveren. Alleen bij eenvoudige projecten rekent de producent zelf uit hoeveel de plaatsing zal kosten. Er bestaat geen vuistregel voor de begroting van plaatsingskosten. Dat verschilt per locatie. Als de montage een aantal weken in beslag neemt, kan de helft van de offerte uit plaatsingskosten bestaan.”

O en K Groot-Brittannie huurde Saan in voor de twee moeilijkste stations van de Jubilee-lijn. Volgens Schaijik durfden Britse bedrijven het werk niet aan. Niet in de laatste plaats omdat de montage van de roltrappen tussen de andere werken door moet gebeuren. Een uitermate complexe zaak, want elk bedrijf heeft zijn eigen veiligheidsfunctionaris op de locatie. En Van Schaijik constateerde nog iets anders. “Er worden ook politieke spelletjes gespeeld. Langzaam aan kregen de bedrijven door dat ze in maart niet gereed zouden zijn, en werden bang voor claims. Dus probeerden ze de aansprakelijkheid bij anderen te leggen of probeerden met forse druk een snellere realisatie af te dwingen.”

Tegenslagen

De Britten willen met het project bewijzen dat ze dit soort grootschalige werken gemakkelijk aankunnen. De betrokken bedrijven werken hoofdzakelijk op het continent. Van Schaijik noemt het niet ondenkbaar dat ze het metroproject elders in Europa willen herhalen. Maar vooralsnog is het een moeizaam project.

De uitvoerenden moesten nogal wat tegenslagen verwerken. Bij het boren van de metrotunnels verzakten bijvoorbeeld grond en gebouwen. Daarmee liep de bouwtijd aanmerkelijk op. Aanvankelijk moest de Jubilee-lijn deze maand in gebruik komen. Aan die termijn hielden de uitvoerenden tot het laatste toe vast. De Britse transportminister stemt er nu mee in dat het project een jaar later wordt opgeleverd. Of de metro daadwerkelijk in maart 1999 rijdt, staat volgens Van Schaijik evenwel nog te bezien. Er moet nog heel wat vertraging worden ingehaald.

“Tijdens de drukste periode werkten we met 27 man op de locatie. Twee man ondersteunden de ene keer in Diemen en de andere keer in Tilburg het project met de administratie, facturering, tekeningen maken en plannen herschrijven. De vestiging Tilburg is het bedrijf Wilborts dat Saan in maart 1996 overnam. Dat had op dat moment een commercieel-technisch functionaris voor de roltrappen en zo’n vijf monteurs. De inzet van 27 man trok dus een forse wissel op de organisatie. ‘Londen’ zette een aanmerkelijke uitbreiding in gang. Het leidde er onder meer toe dat we mensen nieuw moesten aannemen en opleiden. Twee daarvan bleken niet in de groep te passen en dat zit je even met een probleem. In het uiterste geval hadden we mensen moeten inschakelen van onderaannemers waarmee we contracten hebben.”

Spanningen

Het personeel is tien dagen op en vier dagen af. Gemiddeld werken ze van half acht ’s ochtends tot tien uur

’s avonds. Voor de overnachting reserveerde Saan hotelkamers. “Als dat eenmalig is is dat goed te doen”, meent Van Schaijik. “Vorig jaar mei begon het project. Door vertragingen bij de bouwkundige aannemers kwam het werk even stil te liggen. In oktober keerden we terug. Het lag in de bedoeling dat we het hele project met twee ploegen zouden doen. Om de achterstand in te halen, moesten we er echter drie inzetten. Vandaar het totaal van 27 man. Dat zijn niet alleen monteurs. Het gaat bijvoorbeeld ook om kraanmachinisten en chauffeurs die de roltrappen bij de fabriek afhalen. Dat gebeurt voor een belangrijk deel met eigen materieel. Sinds drie weken is de derde ploeg niet meer nodig, terwijl de tweede ploeg deze week terug komt. De overblijvers werken tot en met juni in Londen. Aangenomen dat er geen verdere vertragingen meer optreden.”

De markt groeit

Nederland telt twee bedrijven die roltrappen plaatsen. De markt van de Benelux biedt volgens Van Schaijik, directeur van Koninklijke Saan, geen plaats voor meer. Internationaal is er wel meer concurrentie. De Nederlandse roltrappenbedrijven ondervinden nagenoeg geen concurrentie vanuit het buitenland. In Belgie bieden daarentegen nogal wat Franse bedrijven hun diensten aan. Wilborts in Tilburg was aanvankelijk een relatief klein bedrijf dat hoofdzakelijk in de Benelux en Noord-Frankrijk werkte. De overname door Saan moet de internationale activiteiten fors vergroten. Van Schaijik ziet daarvoor diverse mogelijkheden. Roltrappen zijn een groeimarkt. Niet in de laatste plaats omdat sommige landen voor bepaalde gebouwen een roltrap verplicht stellen. Grote winkelbedrijven willen de klant zo makkelijk mogelijk van de ene naar de andere verdieping brengen. Geleidelijk aan groeit ook de vervangingsmarkt. Dat is bijvoorbeeld in de Londense metro het geval waar nog veel houten roltrappen zijn. Enkele jaren terug deed zich in een van de stations een grote brand voor. Dat versnelde het besluit om de roltrappen te moderniseren.

Montage van de roltrappen moest gebeuren door de andere werkzaamheden heen. Een ruime investering in hulpmiddelen voor het horizontale en verticale transport van roltrappen voorkomt fysieke overbelasting van het personeel.

Er bestaat geen vuistregel voor de begroting van plaatsingskosten. Dat verschilt met locatie. Als de montage een paar weken in beslag neemt, kan de helft van de offerte uit plaatsingskosten bestaan.’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels