nieuws

‘Schrappen van Vestigingswet ondergraaft poldermodel’

bouwbreed

“Het schrappen van de Vestigingswet betekent de bijl aan de wortel van ons veel geroemde poldermodel.” NVOB-voorzitter Joop Ravesloot, al acht jaar betrokken bij de perikelen over de Vestigingswet, is somber gestemd. Hij vindt dat het ministerie van Economische Zaken er een potje van maakt.

“Als de Vestigingswet wordt afgeschaft en iedereen zich aannemer mag noemen, is dat het einde van de organisaties. De rijksoverheid verliest dan georganiseerde partners om te overleggen. Daarmee is het poldermodel ten dode opgeschreven”, vindt Ravesloot.

Al acht jaar houdt hij zich binnen het AVBB, waarvan hij vice-voorzitter is, bezig met de plannen van EZ rond mededinging en vestigingswet. “Het heeft ons f. 1,5 miljoen gekost om het schip te laten belanden waar het nu ligt. De bouw is er nu in de Vestigingswet niet slecht uitgekomen. Maar als het verder gaat, dan gaat het mis”, aldus Ravesloot.

Hij doelt hiermee op de lobby vanuit de bouw om de bedrijfstak toch nog op een niveau in de Vestigingswet te houden, waarbij ook nog vaktechnische eisen gesteld worden. Argument daarvoor is dat bij constructieve werkzaamheden meer komt kijken dan boekhoudkundige kennis.

Volgend jaar wordt deze wet, die in 1995 van kracht is geworden, opnieuw bekeken. Niet denkbeeldig is dat dan alsnog wordt besloten de Vestigingswet op de schroothoop te gooien. De NVOB-voorzitter is het daar dus absoluut niet mee eens. Daarbij speelt voor hem ook het kwaliteitsaspect een rol. Juist het NVOB is druk bezig de bouw een kwaliteitsimpuls te geven door aanscherping van de lidmaatschapscriteria. Onder andere door het KOB-diploma te eisen.

Sluipenderwijs

Evenmin als Ravesloot het ministerie kan volgen over de Vestigingswet, begrijpt hij EZ op het gebied van de mededinging. “EZ roept: ‘Leg de zweep over dat luie bedrijfsleven. Kist (directeur-generaal Nationale Mededingingsautoriteit, red.) kom uit je hok.’ De werkelijkheid is concentratie na concentratie na concentratie. Vendex met Koninklijke Bijenkorf bijvoorbeeld.” Ook in de bouw ziet hij concentraties optreden, maar dan sluipenderwijs. De grote jongens nemen continu kleinere over.

Voor Ravesloot staat vast dat deze manier van werken aan voldoende concurrentie, de verkeerde is. Hij wijst op de beschuldiging aan het adres van de oliemaatschappijen die prijsafspraken zouden hebben gemaakt. “Heel gemakkelijk als je maar twee concurrenten hebt.” Ravesloot moet er dan ook niet aan denken dat er regionaal nog maar uit drie aannemers te kiezen valt.

“Opdrachtgevers kunnen nu goed voetballen met bouwers. Het is de vraag of zij dat ook nog kunnen als er nog maar drie bouwers over zijn”, zegt Ravesloot retorisch.

Morgen verschijnt een bijlage over de verkiezingen. Hierin geeft de bouw onder meer aan hoe zij over vier jaar ‘Paars’ denkt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels