nieuws

‘Mijn advies: afbouwsector blijf vooral herkenbaar’

bouwbreed

den haag – “Ik verzeker u: de afbouwsector is springlevend. Maar ze moet wel haar herkenbaarheid behouden ten opzichte van de andere sectoren in de bouwwereld.”

Acht jaar lang was Rinus Dalhuizen namens de Bouw- en Houtbond FNV bestuurslid van de bedrijfschappen Natuursteenbedrijf, Schildersbedrijf en Stukadoors-, Terrazzo- en Steengaastellers: het Afbouwbedrijf. Komende vrijdag neemt hij ‘met een gerust hart afscheid’.

De bondsbestuurder kijkt “met voldoening” terug op de afgelopen jaren. Dalhuizen stond onder andere aan de wieg van de eind 1997 gevormde federatie van Afbouw Bedrijfschappen. “We zijn nu een federatie maar we gaan naar een hoofdbedrijfschap. Ik ben ontzettend blij dat we die lijn hebben kunnen inzetten. Daardoor zitten we als sector met verschillende poten in het totale bouwgebeuren.”

Volgens Dalhuizen is deze ontwikkeling het imago van de afbouwsector zeker ten goede gekomen. “Wij voeren nu met drie bedrijfschappen in de afbouw- en afwerksector een modern beleid. Gezamenlijk kijken we waar het bedrijf, de werknemers en de consument behoefte aan hebben.” Dalhuizen verwijst in dit verband naar de winterschilder, “dat is niet alleen een begrip geworden, het staat zelfs in de Van Dale” stelt hij trots vast.

Herkenbaarheid

De bedrijfschappen moeten waar mogelijk samenwerken, meent Dalhuizen. “De veranderingen gaan steeds sneller. Veel bedrijven en aangesloten leden moeten nog leren met de snelle veranderingen om te gaan en hebben daarbij steun nodig.”

Hij noemt als voorbeeld de hele wetgeving rond de OPS-problematiek. “Als je geen tijdspad uitzet en niet naar elkaar luistert, bereik je niets. De bedrijfschappen moeten van elkaars kwaliteit gebruik maken. De kunst voor de verschillende bedrijfschappen is wel om naast de gezamenlijke doelen ook een stukje herkenbaarheid te behouden. De dit jaar gehouden Euroskills, de Europese beroepenwedstrijd, was hier een goed voorbeeld van.”

Vakmanschap

Dalhuizen was als bestuurslid onder andere nauw betrokken bij de totstandkoming van de cao’s voor schilders en stukadoors en had ook het arbeidsbeleid en de vakopleidingen in portefeuille.

De aandacht moet naast de technische kwaliteit zeker blijven uitgaan naar de werknemer zelf, stelt Dalhuizen. “Onze leden zijn trots op het vakmanschap. Permanent bijblijven is geen negatieve verplichting, daar heb je recht op, dat hoort bij het moderne vakmanschap. De leden moeten hun eigen verantwoordelijkheid durven nemen, dat is de uitdaging voor de toekomst.”

Initiatieven

Deze maand is Dalhuizen officieel aangetreden als algemeen secretaris. Hij volgt in deze functie Ad Kamp op, die gebruik maakt van de vut-regeling.

Zijn opvolger N. Schotanus adviseert hij vooral actief te blijven bij de hele profilering van de afbouwsector.

“De besluitlijnen in de bouwnijverheid en met name de afbouwsector zijn erg kort. Daardoor heb je een brede kijk op ontwikkelingen en kun je snel met nieuwe initiatieven komen” is zijn ervaring. Als algemeen secretaris zal hij op een breder terrein binnen de Bouw- en Houtbond actief zijn. De afbouwsector verlaat hij echter met een gerust hart. “Deze sector is springlevend, mits ze haar herkenbaarheid behoudt naar andere spelers in de bouwwereld. Laat zien welke kwaliteit je kunt leveren.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels