nieuws

Dintelhavenbrug nieuwe ervaring hogesterktebeton

bouwbreed

rotterdam – De bouw van de Dintelhavenbrug levert nieuwe ervaringen op met hogesterktebeton. Het blijkt een misverstand, dat het verdichten minder energie kost dan van gewoon beton. Er blijkt tweemaal zoveel energie nodig te zijn. Wel is het mogelijk slanker te ontwerpen met hogesterktebeton, vooral als externe voorspanning met kabels van koolstof normaal wordt.

‘Beton met hoge sterkte’ (BHS) noemen ze het bij Rijkswaterstaat. Het is samengesteld uit fijn grind, zand, fijn zand, ongeveer evenveel portland- als hoogovencement, silicafume, half zoveel water als in gewoon beton en wat hulpstoffen om het water effectief te maken.

“Er moet twee keer zoveel energie in om het te verdichten”, is de ervaring van F. Manes, directievoerder van de Bouwdienst Rijkswaterstaat. “De werkingssfeer van de trilnaald wordt gedempt door de stroperigheid van de specie. De trilapparatuur heeft er weinig vat op. We werken met hoogfrequente trilnaalden, misschien zou een lagere frequentie beter zijn, of het trillen van de bekisting.”

Volgens Manes vraagt BHS meer aandacht dan gewoon beton. “Het duurt weliswaar langer voordat het begint te verharden, maar de verwerkbaarheid loopt dan snel terug. Het materiaal is plakkerig en daardoor minder makkelijk te verwerken dan gewoon beton.”

Twee delen

Het is de tweede keer dat in Nederland een brug wordt gebouwd met hogesterktebeton. De eerste was de Tweede Stichtse Brug over het Veluwemeer.

De Dintelhavenbrug is daarmee vergelijkbaar, want het is ook een in hoogte verlopende kokerconstructie die in moten wordt uitgebouwd. De overspanning is echter veel groter dan die van de Tweede Stichtse Brug (192 meter respectievelijk 165 meter).

De Dintelhavenbrug bestaat uit twee delen, waarvan het westelijk deel (enkele koker, 16 meter breed) nu wordt gebouwd. Met het oostelijk deel (dubbele koker, 22 meter breed) kan pas worden begonnen als de oude stalen vakwerkbrug is gesloopt. Het zuidelijk landhoofd komt namelijk op de plaats waar nu de oude brug begint.

Het werk aan het westelijk deel vordert gestaag. De hamerstukken zijn gereed. Om kantelen van de hamerstukken tijdens het uitbouwen te voorkomen, zijn aan weerszijden van de kolommen tijdelijke betonnen wanden geplaatst. Deze worden na het gereedkomen van de brug verwijderd.

Externe voorspanning

De brug wordt traditioneel gewapend, met aangegoten voorgespannen stalen kabels in kokers in het beton. Echter, twee daarvan worden vervangen door kabels van koolstof. Ze bevinden zich buiten de betondoorsnede, tegen het plafond van de koker, over een lengte van 75 meter. De kabels worden verankerd in zware stalen nokken.

“Het is een proef. We zouden slanker kunnen construeren met beton met hoge sterkte. Nu wordt de dikte van het beton nog bepaald door de voorspanning die in de betondoorsnede moet worden opgenomen. Bij externe voorspanning wordt de doorsnede bepaald door de op te nemen drukkrachten”, verklaart Manes.

De externe voorspanning is van koolstof, omdat die geen conservering nodig heeft. Een nadeel van koolstof kabels is echter de relaxatie, de blijvende verlenging, waardoor de trek in de kabel afneemt. “Die gaan we met intervallen meten. We verwachten dat de relaxatie zal meevallen. Bovendien kunnen we de kabels naspannen”, stelt Manes.

Potloodstiften

De koolstof kabels bestaan uit een bundel strengen, vergelijkbaar met dunne potloodstiften, verlijmd in hars. De kabels worden ingepakt in een polyethyleen huls. Ze kunnen weinig buiging hebben en worden daarom op bijzonder grote haspels aangevoerd, met ankers en al, waarschijnlijk per schip.

“We haspelen de kabels in de koker, trekken ze terug en slaan ze netjes op. Het spannen gebeurt pas als de brug gereed is. De koolstof kabels moeten heel voorzichtig worden behandeld. Ze kunnen namelijk maar weinig dwarskracht opnemen. De kerfslagwaarde is laag, als je erop slaat gaat alles aan flarden. Het is heel broos materiaal, het breekt scherper dan glas”, zegt Manes. “Als de proef lukt, gaan we vaker externe voorspanning met kabels van koolstof toepassen. Een kleinere doorsnede van het beton heeft grote voordelen. Het gewicht van de brug is dan lager, dus zijn er minder palen nodig en minder grondstoffen.”

De Dintelhavenbrug wordt gebouwd door Eurodintel VOF, een combinatie van CFE, het Franse bedrijf Dumez en Gebroeders Van Kessel voor het grondwerk en de wegenbouw. Opdrachtgever is Rijkswaterstaat, directie Zuid-Holland. De Bouwdienst Rijkswaterstaat is ingehuurd voor het ontwerpen en de begeleiding van de uitvoering. De bouw is eind 1997 begonnen, de oplevering vindt plaats in november 2001. De externe voorspanning wordt in september 1999 aangebracht.

De bouw van de Dintelhavenbrug. Om kantelen te voorkomen, bevinden zich onder het hamerstuk twee tijdelijke ondersteunende wanden.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels