nieuws

Bouwvrouwen vechten tegen theekransje-imago Nog steeds uitgesloten van lidmaatschap belangrijke netwerken

bouwbreed Premium

groningen – Vrouwen in de bouw zijn schaars. In het noorden van ons land leken ze lange tijd zelfs helemaal niet te bestaan. Dat was althans de eerste indruk van Bouwvrouwen Noord. Dit netwerk probeert vrouwen in het midden- en hogere kader te mobiliseren. Door elkaar te steunen proberen de leden vastere grond onder de voet te krijgen in de bouwwereld.

Het bestuur van Bouwvrouwen Noord denkt pas sinds een paar maanden aan uitbreiding van de activiteiten en actief werven van leden. Het netwerk bestaat al sinds 1993, maar leidde de eerste vijf jaar een sluimerend bestaan.

Momenteel telt Bouwvrouwen Noord dertig leden. Groeit het aantal tot boven de veertig, dan zal het netwerk splitsen in een Groningse en een Friese afdeling. De filosofie die het bestuur hanteert is, dat het netwerk klein en overzichtelijk moet zijn, zodat de leden elkaar goed kennen.

Een voorwaarde voor het lidmaatschap is een evenwichtige spreiding van leden door de hele bouwkolom. Daarom zijn er tien divisies met elk maximaal vier leden. Is een divisie vol dan wordt een aspirant-lid geweigerd.

“We hebben wat dat betreft geleerd van het landelijke vrouwennetwerk. Dat had binnen korte tijd een overschot aan architecten. Het waren er zelfs zoveel dat het helemaal niet meer functioneerde als een netwerk. Ik spreek uit eigen ervaring als ik zeg dat dat onplezierig is. Het belangrijkste gespreksonderwerp was architectuur, maar daar kwam ik niet voor”, vertelt Elly de Jong. Zij is directeur van een bedrijf dat bedrijfshallen verkoopt. Ze is in eerste instantie lid van Bouwvrouwen Noord om er zakelijk beter van te worden. “Ik heb al twee keer extra offerte kunnen uitbrengen door die contacten.”

Potpourri

De vrouwelijke hand op haar kantoor vertaalt zich in verse bloemen op tafel, potpourri op het toilet en koekjes bij de koffie.

Aan tafel zitten ook Sjoukje de Jong, stedenbouwkundige in de gemeente Smallingerland, en Marieke Bellinga die samen met haar echtgenoot een tegelbedrijf leidt. Opvallend is dat alledrie de dames liever met mannen werken dan met vrouwen. Dat zijn ze in de dagelijkse bouwpraktijk ook zo gewend.

Wel zijn de drie ervan overtuigd dat vrouwen eerlijker zijn tegen elkaar. Ze praten ook op een andere manier over onderwerpen. “Mannen vervallen al snel in gesprekken over succes en geld. Een netwerk dat louter uit vrouwen bestaat kent dat probleem niet”, verklaart Bellinga.

“Wat dat betreft verschillen we helemaal niet van andere netwerken”, vult Elly de Jong aan. Het netwerk organiseert zes bijeenkomsten per jaar. Het regelen van bedrijfsbezoeken en het vinden van sponsors levert geen problemen op. Toch vecht de bouwclub nog regelmatig tegen het theekransje-imago dat aan het netwerk kleeft.

Marieke Bellinga: “De bouw is wat dat betreft een echte mannenwereld. Vrouwen hebben het niet echt makkelijk en worden strenger beoordeeld dan mannen. Ook zijn vrouwen nog steeds uitgesloten van het lidmaatschap van belangrijke netwerken zoals de Lighthouseclub.”

De Bouwvrouwen hebben daarom als doelstelling het steunen en stimuleren van vrouwen in de bouw. Bovendien probeert het netwerk te bevorderen dat meer vrouwen een belangrijke posities innemen in de bouw. Het old-boys-network kan net zo goed voor vrouwen werken. “Als iemand op zoek is naar een andere baan of een bestuursfunctie , is dit netwerk bij uitstek geschikt om dat voorzichtig te ventileren”, besluit Sjoukje de Jong.

Voor meer informatie: Bouwvrouwen Noord, telefoon/fax: (050) 312 48 13.

Reageer op dit artikel