nieuws

HSL-Lobby stierf in schoonheid

bouwbreed Premium

Retoriek, imago en beelden wogen zwaarder dan argumenten. Ir. W.J. van Grondelle, teammanager Verkeer en Vervoer bij de Stichting Natuur en Milieu, beschrijft in het boek ‘Lobbyen in Nederland’ hoe het bijna was gelukt het HSL-trace door het Groene Hart te torpederen. Wat moet je doen om een Kamermeerderheid achter jouw plan te krijgen? En waarom lukte het toch net niet?

De zes organisaties hadden elk hun eigen redenen om zich tegen de doorsnijding van het Groene Hart te verzetten. “De ANWB benadrukte vanaf het begin van de HSL-discussie het belang van een ruimtelijke visie op de Randstad in internationaal perspectief”, schrijft Grondelle. “De functie en mogelijkheden van de HST vroegen daarbij om integratie met de bestaande ruimtelijke en openbaar-vervoersstructuur.”

De Kamer van Koophandel Haaglanden legde het accent op de economische functie van een HSL. Bij de natuurbeschermingsorganisaties Vereniging Natuurmonumenten, Wereld Natuur Fonds en de Stichting Natuur en Milieu spitsten de motieven zich uiteraard toe op het belang van natuurgebieden en de versterking van het openbaar vervoer. De Westelijke Land- en Tuinbouworganisatie WLTO voelden weinig voor ruimtebeslag en doorsnijding van landelijk gebied.

Analyse van de standpunten van de Kamerfracties leerde dat er wel een duidelijke meerderheid was tegen het Groene-Harttrace, “maar nog bepaald geen stabiele meerderheid voor een andere oplossing”. “Er waren grote risico’s”, schrijft Van Grondelle. “Van meet af aan was duidelijk dat het vinden van een of twee regeringsfracties voor ons standpunt in feite een inbaar zou zijn in het regeringskamp. Kon ‘paars’ dat aan?”

De auteur herinnert eraan dat ‘paars’ eerder voor een Kamermeerderheid was gezwicht; bij de beslissing het trace van de A73 op de oostelijke Maasoever te projecteren. Maar of dat een tweede keer zou gebeuren? ‘Paars op zijn best!’, gaf de premier zich bij de keuze voor een ‘compromistunnel’ over aan holle retoriek. ‘Het allerbeste wat je maar kon bedenken’, zongen de ministers Jorritsma (V en W) en De Boer (VROM) in koor.

Van Grondelle gaat uitvoerig in op een omstandigheid die destijds vrijwel geheel buiten de discussie is gebleven, maar die in het Torentjesoverleg zwaar zal hebben gewogen. “De spoorwegmaatschappijen van Frankrijk, Belgie en Nederland hebben een contract, waarbij de totale exploitatiekosten worden verdeeld naar rato van de verblijftijd van de treinen in elk land. Dus hoe sneller dee trein Nederland uit is, des te lager zijn de exploitatiekosten.” Daarom hamerde NS zo overdreven op het belang van de kortst mogelijke reistijd.

Toch slaagden de zes erin het kabinetsbesluit tot mikpunt van brede maatschappelijke kritiek te maken. We weten hoe het afliep met de motie die Van Heemst (PvdA) en Versnel (D66) indienden. Er was een Kamermeerderheid voor het alternatief. Totdat het kabinet het machtswoord sprak. Wallage en Wolffensperger gingen om.

Van Grondelle heeft er een spannend verhaal van gemaakt. Waarom het net niet lukte, heeft volgens de auteur veel met prestige te maken. “Als een onderwerp zo’n politieke lading krijgt als bij de HSL, gaan volstrekt andere krachten – verborgen agenda’s – agenda’s een rol spelen. Dan staat ook een brede maatschappelijke coalitie op een gegeven moment machteloos.”

Dolf Dukker

‘Lobbyen in Nederland, professie en profijt’ is samengesteld door prof. dr. M.P.C.M. van Schendelen en mr. B.M.J. Pauw. En is een uitgave van Sdu Uitgevers.

Reageer op dit artikel