nieuws

Hong Kong verbouwt in komende vijf jaar voor 40 miljard gulden

bouwbreed

den haag – De Britse overdracht van Hong Kong aan China betekent niet het einde van de bouw in de voormalige kroonkolonie. Integendeel, de komende vijf jaar reserveert Hong Kong een kwart van de financiele reserves van 160 miljard gulden in de bouw. Dit zegt dr. N. Kraunsoe, algemeen directeur van het Hong Kong Convention and Exhibition Center.

De overdracht van Hong Kong aan China komt niet uit de lucht vallen. Sinds de ondertekening van het teruggaveverdrag in 1983/1984 heeft bijvoorbeeld het zakenleven zich op ‘periode Peking’ voorbereid. De regering houdt vast aan de belofte die ze vijftien jaar geleden deed: een land, twee systemen.

Bouwkundig gezien verandert er volgens Kraunsoe niets. Peking legt Hong Kong geen Chinese normen op. Ook de manier van zakendoen blijft hetzelfde. Hong Kong behoudt de huidige status nog 49 jaar. Wat er daarna gebeurt blijft een vraag. “Als je ziet hoe China in de afgelopen twintig jaar veranderde, is niet ondenkbaar dat het land in 2047 dezelfde positie als Hong Kong inneemt.”

Het bestuur van Hong Kong beschikt over de op drie na grootste financiele reserves. “Jaren achtereen bleven de uitgaven onder de begroting,” rekent Kraunsoe na. “Fiscale heffingen en de opbrengst van grondverkoop leverden eveneens forse bedragen op. Groot-Brittannie en China spraken af dat Hong Kong de reserves niet zou verbruiken. Na de overdracht liet Peking aan Hong Kong de beschikking over 160 miljard gulden aan direct opeisbare middelen. Hong Kong blijkt zuinig en besteedt ongeveer achttien procent van het Bruto Nationaal Product.

Kraunsoe noemt de Chinese regering redelijk capabel. “Ze slaagt erin een volk van 1,2 miljard mensen te besturen, ondanks een tekortschietende infrastructuur, uitermate grote provincies en een veelheid aan bevolkingsgroepen die zich soms weinig aan het centrale gezag gelegen laten liggen.” Het leger speelt nog steeds een niet te verwaarlozen rol, ook al is ‘defensie’ grotendeels gedepolitiseerd. Sociale onrust is latent aanwezig, maar blijft uit zolang er geen voedseltekorten zijn en de overheid werklozen een alternatief biedt voor inkomen uit werk.

Weerslag

Het landsbestuur maakt zich grote zorgen over het milieu en de energievoorziening, die voor het overgrote deel op steenkool draait. Peking liet inmiddels een aantal centrales moderniseren. “De kosten daarvan vinden hun weerslag in de gebruikersrekeningen”, vult Kraunsoe aan. “Hier doet zich het probleem voor dat in een groot deel van het land armen wonen. Het tempo waarin agrarische gronden veranderen in bedrijventerreinen wekt dusdanig grote zorgen, dat Peking bij wet deze conversie wil inperken. Wet en regel moeten ook de vervuiling van de grote rivieren indammen. China beschikt over een goed milieuministerie dat niet altijd politieke instemming geniet. De uitvoering van de maatregelen verloopt moeilijk omdat op een bevolking van 1,2 miljard het gevaar voor verarming uitermate groot is.”

Hong Kong maakt zich druk over de groeiende eigen bevolking. Het huidige inwonertal bedraagt 6,5 miljoen en loopt op tot 8,1 miljoen in 2011. Een klein deel daarvan komt van het vasteland, al onderhoudt China een strenge grenscontrole. In de komende jaren ontwikkelt Hong Kong ruim vijfhonderd hectare woningbouwgrond. Het vroegere vliegveld Kai Tak biedt eveneens ruimte aan woningbouw. In het verlengde daarvan groeit de behoefte aan infrastructuur die bij elkaar nogal wat grond in beslag neemt. Bouwgrond komt ook vrij door de herontwikkeling van industrieterreinen.

“Bouwen in Hong Kong is verre van goedkoop,” weet Kraunsoe. en noemt als voorbeeld de uitbreiding van het congrescentrum. “Per vierkante meter ging het om zo’n vierduizend gulden. Uitzonderlijk zijn deze prijzen evenwel niet. Soortgelijke bedragen gaan ook in de Verenigde Staten om. Hong Kong is wellicht niet het meest efficient maar wel zeer effectief. De hoogte van de bouwkosten houdt verband met het grote aandeel aan geimporteerde materialen. De realisatie gebeurt vooral door de eigen bouwvakkers.”

Gevaar

Bouw vindt onder meer plaats op Lantau-eiland dat nog nauwelijks is ontwikkeld. Moderne baggertechnieken maken landaanwinning eenvoudiger, door zand uit de Parelrivier vanonder het slib te halen. Kraunsoe: “Landaanwinning met slib gebeurt nauwelijks meer omdat de grond dan minstens vijf jaar moet consolideren. In Hong Kong tonen sommige ingenieurs bedenkingen tegen landaanwinning. Nog maar een paar projecten zoals het opvullen van de baai tussen Kai Tak en het eiland komen in uitvoering. Een ongebreidelde inpoldering verkleint de ruimte voor het water uit de Parelrivier dat daardoor sneller stroomt en vervuilingen als zware metalen uit de zeebodem losmaakt. In het verlengde daarvan dreigt het gevaar van een versnelde erosie langs de eilanden.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels