nieuws

Waterschap geeft voorbeeld duurzame utiliteitsbouw Representatief kantoor met milieubesparende snufjes

bouwbreed

leusden – Het Waterschap Vallei en Eem in Leusden verricht met zijn nieuwe kantoor baanbrekend werk in de duurzame utiliteitsbouw. Het gebouw bevat een scala van energie- en waterbesparende maatregelen. Een rondgang door dit milieu- en mensvriendelijke kantoor, dat 9 november officieel de deuren opent.

Het waterschapshuis is gelegen op bedrijventerrein ‘De Horst’, op steenworpsafstand van haar hoofdader, het Valleikanaal. Ondanks de slechte bewegwijzering is de nieuwbouw niet moeilijk te vinden. Het taps toelopende complex bevindt zich namelijk letterlijk op golvend terrein, een symbolische verwijzing naar de werkzaamheden van de gebruiker. Het in het oog vallende terrein werd gemaakt met een gesloten grondbalans en vormde een integraal onderdeel van het ontwerp.

De nieuwbouw bestaat uit twee zijbeuken van vijftig meter lang, waarin de kantoorruimtes zijn ondergebracht. Beide delen tellen vier bouwlagen en worden van elkaar gescheiden door een atrium, waar de gemeenschappelijke (vergader)ruimtes en het restaurant zijn ondergebracht. Het gebouw heeft een totale oppervlakte van 5000 vierkante meter. Voor de architectuur tekende het Rotterdamse architectenbureau Van Tilburg en Partners.

Buffervijver

Het milieu- en mensvriendelijk aspect is in vele vormen terug te vinden. Zo bestaat het betonnen skelet voor twintig procent uit betongranulaat. De betonnen wanden kregen binnen een fris geel en blauw verfje. De op de begane grond gelegen bestuurskamer grenst aan de zogenaamde buffervijver en kenmerkt zich door veel glas en vurenhouten kozijnen.

De buitengevel van de kantoren is bekleed met roodbruine keramische tegels, aangebracht op houten rachelwerk. Voor het buitenhoutwerk viel de keuze op onbehandeld western red cedar.

Overigens bleken niet alle wensen van de opdrachtgever haalbaar. Technisch directeur van het waterschap mevrouw G.E. Lenstra: “We wilden een goed representatief kantoor, waarbij we bewust hebben gekozen voor de meest milieuvriendelijke materialen. Daarbij moet je soms compromissen sluiten. Om financiele redenen hebben we afgezien van lemen wanden.”

Sedumdak

Het waterschapskantoor is een van de tien utiliteitsprojecten met het predikaat ‘voorbeeldstatus duurzaam en energiezuinig bouwen’. De kantoorbeuken kregen ‘groene’ daken van mos en sedum. Deze natuurlijke dakbedekking werkt niet alleen isolerend, maar is ook bedoeld om regenwater op te vangen en zo het riool te ontlasten. In drogere tijden moet de buffervijver uitkomst bieden.

Het (overtollige) hemelwater stroomt vanaf het iets lager gelegen aflopende sheddak boven het atrium via een goed zichtbare punt boven de ingang van het gebouw naar de vijver. Na zuivering door een helofytenfilter doet het vervolgens als spoelwater voor de toiletten dienst.

Het Waterschapshuis heeft geen koelinstallatie. De werkruimtes krijgen nachtventilatie. Verse lucht stroomt het gebouw binnen door aangebrachte roosters boven de ramen en wordt weer centraal afgevoerd door roosters in de vloeren.

Daglicht

Ook het gekozen verlichtingssysteem is weinig milieubelastend. De plafondverlichting aan de raamzijde neemt af zodra er voldoende daglicht is. Een aanwezigheidsdetectiesysteem zorgt ervoor dat vijftien minuten nadat de werknemers hun werkplek hebben verlaten, het licht automatisch uitgaat. Aan het bureau zelf kunnen de werknemers de verlichting bijstellen. Elk bureau is uitgerust met een bureaulamp van 15 watt. Verwarming en zonwering zijn eveneens individueel te bedienen.

Het waterschapskantoor kostte twintig miljoen gulden (inclusief inrichtingskosten). De bouwkosten beliepen twaalf miljoen gulden (tweeduizend gulden per viekante meter. De dubo-meerkosten kwamen uit op circa zeven procent. Lenstra: “We hebben al in een vroeg stadium ons eigen ambitieniveau geformuleerd. Hierdoor konden we meer dan de helft binnen de bestaande bouwkosten realiseren.”

Een brandende vraag is tot welke besparing al deze milieuvriendelijke maatregelen leiden. Lenstra: “Dat is nu nog moeilijk te zeggen. Op de pv-cellen in het dak staat een terugverdientijd van dertig jaar. Ons regenwaterconcept levert in elk geval een behoorlijke waterbesparing op en wat betreft de verlichting gebruiken we de helft van de normale sterkte. In de toekomst willen we de kosten afzetten tegen een gebouw van dezelfde grootte om te kijken wat we hebben bespaard. Maar in vergelijking met een huurgebouw zullen we met een jaar of negen toch voordeliger uit zijn.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels