nieuws

Tarieven bouwleges wekken verdenking NVB-onderzoek brengt grote verschillen aan het licht

bouwbreed

voorburg – Klachten over de hoogte van bouwleges zijn gegrond, stelt de Nederlandse Vereniging van Bouwondernemers (NVB). Een steekproef onder tien gemeenten toont grote verschillen in de tarieven. Den Haag spant de kroon met een vast tarief van 22,2 procent van de bouwkosten. Verdacht veel, vindt het NVB.

Drie ministers (Peper van Binnenlandse Zaken, Jorritsma van Economische Zaken, Zalm van Financien) en een staatssecretaris (Remkes van VROM) hebben een brief ontvangen waarin de bouwondernemers aandringen op vier maatregelen. Meest vergaand is de invoering van een maximum op de hoogte van de heffing. Daarvoor is een wijziging van de Gemeentewet nodig.

“Wat ons steekt”, zet NVB-woordvoerder mr. F.A.H. Nuss de kwestie op scherp, “is dat niet te controleren valt of de gemeenten zich houden aan de wettelijke bepaling dat de gemeenten geen winst mogen maken op de heffing van leges. Bij zulke grote verschillen in de hoogte van de tarieven ga je je onwillekeurig afvragen of de gemeenten inderdaad geen winst maken.”

Door vaag te zijn over de doorberekening van lasten van andere diensten kunnen gemeenten alle kanten op. Er bestaat in feite geen limiet op de toerekening van kosten, constateert het NVB.

Aanneemsom

Afgezien van de invoering van een limiet, ligt de oplossing in een klip en klare, uniforme grondslag van de bouwleges in alle gemeenten. Als voorbeeld noemen de bouwondernemers ‘de aanneemsom conform de UAV 1989 exclusief omzetbelasting’ of ‘een raming van de bouwkosten volgens het normblad NEN’.

Derde maatregel is de gemeenten te verplichten exact te omschrijven welke diensten voor de heffing worden geleverd. En, dus ook het opnemen van de verplichting geld terug te betalen indien de werkzaamheden slechts ten dele worden uitgevoerd.

In het tegenovergestelde geval, dus bij navordering, moeten de gemeenten zich volgens het NVB gewoon aan bestaande wetten houden en niet, zoals nu vaak gebeurt, hun eigen regels stellen.

Bouwkosten

Alle onderzochte gemeenten -Den Haag, Haarlem, Rotterdam, Leiden, Amsterdam, Zwolle, Delft, Eindhoven en Zaanstad- hanteren verschillende tariferingen.

Het NVB komt met concrete voorbeelden. Zo berekent Den Haag een vast tarief van 22,2 procent van de bouwkosten met een minimum van 487 gulden. Het Amsterdamse tarief begint met tien procent voor projecten tot 100.000 gulden en loopt op tot zeventien procent van de bouwkosten van projecten van een miljoen gulden. Vanaf een miljoen hanteert de hoofdstad een degressief tarief, afnemend tot twaalf procent van de bouwkosten boven de tien miljoen gulden.

De gemeenten zijn evenmin eensgezind over wat precies onder bouwkosten wordt verstaan. Inclusief- of exclusief btw?, is zo’n geschilpunt. Weer springt Den Haag er uit door de omzetbelasting erbij te tellen. Bovendien rekent de residentie ook de ‘bijkomende kosten’ tot de bouwkosten.

Den Haag gaat ook aan kop bij de toepassing van verhogingen. Moet, bijvoorbeeld, het bestemmingsplan worden gewijzigd dan betalen bouwers in Den Haag ruim zeven procent van de bouwkosten extra. Amsterdam en Rotterdam kennen voor dergelijke gevallen geen toeslagregelingen.

Woordvoerder Nuss geeft toe dat het onderzoek door de beperkte opzet niet representatief is voor het gehele land.

Gezien de reacties van leden in kleinere gemeenten gelooft hij overigens dat de situatie daar niet veel beter zal zijn

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels