nieuws

Staalsector heeft in de bouw de wind duidelijk mee

bouwbreed Premium

den haag – Het gaat goed met staal in de bouw. De marktaandelen ontwikkelen zich gunstig mede als gevolg van de goede milieu-eigenschappen van dit materiaal. De staalbouwbranche heeft de bouw veel te bieden, maar de interesse moet wel van twee kanten blijven komen.

Dit zegt drs H. van Appeldoorn, voorzitter van het Staalbouw Instituut, bij de opening van de Staalbouwdag 1998 in Amersfoort.

De staalbouw in faciliteiten voor opslag-, productie- en kantoorfuncties volgt de economische groei die Nederland tot nu toe doormaakt. Dat het goed gaat illustreerde de voorzitter aan de hand van cijfers. Het marktaandeel van stalen draagconstructies in de verdiepingbouw bijvoorbeeld is gestegen tot 30 procent. Zeven jaar geleden was dat nog maar 17 procent.

De stijging zal zich nog doorzetten gezien de interessante grote projecten die op stapel staan: de toren van Foster op de Kop van Zuid in Rotterdam, het Breitner Centre, het nieuwe hoofdkantoor van Philips in Amsterdam en het nieuwe hoofdkantoor van ING. In de hallenbouw heeft staal een marktaandeel van 87 procent.

De voorzitter is ervan overtuigd dat de branche de bouw veel te bieden heeft. De staalbouw is volgens hem bereid om als partner samen met de bouw zo’n uitdaging aan te gaan. Dat is niet alleen gunstig voor de branche en de bouw, ook opdrachtgevers en eindgebruikers zullen daar hun voordeel mee kunnen doen.

Het gaat volgens Van Appeldoorn ook goed met staal en het milieu. De aandacht is overigens aan het verschuiven van de milieu-eigenschappen van het materiaal naar die van het gehele gebouw. Dat staal er goed voor blijft staan, wordt zeker in de hand gewerkt door de belangstelling voor industrieel, flexibel en demontabel bouwen, aldus de voorzitter. Deze bouwwijze betekent gebruik van staal. De bouwelementen van het staalskelet worden industrieel gemaakt, de staalskeletbouw is naar vormgeving als functionaliteit erg flexibel en stalen gebouwen zijn in beginsel demontabel. Dat laatste maakt de weg vrij naar hergebruik van bouwdelen of naar recycling.

De situatie waarin behalve het Staalbouw Instituut ook het Staalbouwkundig Genootschap, de Samenwerkende Nederlandse Staalbouw en de Staalfederatie Nederland ieder op eigen wijze de staalbranche van informatie voorzien, noemt Van Appeldoorn niet optimaal. Om hieraan een eind te maken onderzoeken de voorzitters van deze organisaties de mogelijkheid de dienstverlening aan de productkolom bouw te verbeteren.

Reageer op dit artikel