nieuws

‘Beperk taken Stichting Vakopleiding Bouwbedrijf’

bouwbreed

De taken van de Stichting Vakopleiding Bouw (SVB) kunnen voor de helft naar de samenwerkingsverbanden worden overgeheveld. “Alles wat met de praktijk van het opleiden te maken heeft, moet worden verdeeld over de samenwerkingsverbanden”, vindt Harry Verhoeven, directeur van het samenwerkingsverband te Veldhoven.

Samenwerkingsverbanden zijn professionele ondernemingen die zijn opgezet met werkgeversgelden. Binnen die bedrijven worden jongeren opgeleid voor de bouw. De leerlingen komen in dienst van het samenwerkingsverband en worden gedetacheerd bij aannemers. Zo leren ze in de praktijk een vak. Een dag per week volgen ze bij een Regionaal Opleidingscentrum (ROC) theorielessen.

De Stichting Vakopleiding Bouwbedrijf te Zoetermeer heeft een veel uitgebreider takenpakket. Ze ontwikkelt lesmateriaal, organiseert promotiecampagnes om jongeren te interesseren voor de bouw, is actief bij het werven van aannemers en projectontwikkelaars voor leerlingbouwplaatsen en verzorgt een aantal cursussen.

“Ik wil de SVB niet de nek omdraaien, natuurlijk niet, maar een aantal zaken kan veel efficienter worden aangepakt als de samenwerkingsverbanden meer verantwoordelijkheid krijgen”, constateert Harry Verhoeven.

Als voorbeeld noemt hij de organisatie van open dagen. “Waarom moet dat landelijk worden geregeld?”, vraagt hij zich af. “Het werkt veel beter als je ze regionaal organiseert. Ik heb nog nooit iemand binnen gekregen vanwege de publiciteit rond de landelijke open dag, maar als het lokale huis-aan-huisblad er een stukje over schrijft, staan de mensen te dringen voor mijn deur. Laat de samenwerkingsverbanden dat soort dingen dan ook zelf doen.”

Regionale servicecentra

“Mijn persoonlijke mening is dat de helft van het geld dat in de SVB wordt geinvesteerd moet terugvloeien naar de samenwerkingsverbanden. Wij kunnen dan veel meer doen en we bereiken dan ook veel meer. Als de promotiecampagnes voor 80 procent in handen van de samenwerkingsverbanden komen, dan nemen veel meer mensen kennis van onze activiteiten dan nu het geval is. Wij zijn regionaal actief en kunnen derhalve beter in spelen op de behoeften die in een bepaalde streek leven.”

Verhoeven wil het liefst dat samenwerkingsverbanden uitgroeien tot regionale servicecentra voor de bouw. “Drie jaar geleden was ik de eerste die de samenwerkingsverbanden een taak als uitzendbureau wilde geven. Dat idee werd overgenomen, maar achteraf gezien, kom ik er van terug.

Uitzendbureaus werken vaak met laag opgeleid personeel en dat leidt tot slechte kwaliteit. Het is juist de taak van een samenwerkingsverband om goede kwaliteit te leveren. Opleiden is onze taak. Daarop moeten we ons blijven concentreren. Dat neemt niet weg dat we veel meer kunnen doen voor de bouw.”

Verhoeven wil personeel in dienst nemen dat in drukke tijden bij aannemers wordt gedetacheerd. “Aannemers willen vooral in drukke tijden leerlingen hebben. Er bestaat dus een duidelijke relatie tussen drukte en samenwerkingsverbanden. We spelen daar nadrukkelijk op in door zelf personeel in dienst te nemen dat als er veel werk is in de bouw, kan worden uitgeleend aan bedrijven.”

Detachering lijkt zo op het eerste gezicht op uitzenden, maar is eigenlijk iets heel anders. Een uitzendkracht raakt na verloop van tijd zijn baan kwijt, terwijl in het systeem van Verhoeven de werknemers gewoon in dienst blijven van het samenwerkingsverband. Als er een tijdje geen werk is, worden ze bijgeschoold.

Taken delegeren

Als het takenpakket van de samenwerkingsverbanden op die manier wordt uitgebreid, snijdt het mes aan twee kanten. Zowel voor de leerlingen als voor de aannemers kunnen de samenwerkingsverbanden dan veel meer betekenen dan nu. Een logische stap is dan ook dat de consulenten van de SVB (hun taak bestaat onder meer uit het begeleiden van leerlingen en het onderhouden van contacten tussen de stichting, het bedrijfsleven, de opleidingscentra en de leerlingen) in dienst komen van de samenwerkingsverbanden. “De Wet Educatie Beroepsonderwijs zegt dat voor landelijke opleidingscentra een belangrijke taak is weggelegd, maar niemand verbiedt het bedrijfsleven om taken te delegeren.”

Ook de scholing van volwassenen moet in handen komen van de samenwerkingsverbanden. “De SVB moet zich beperken tot het ontwikkelen van cursussen en de uitvoering ervan volledig bij ons laten.”

Verhoeven benadrukt dat hij geen tegenstander is van de SVB. Hij ziet voor de Stichting Vakopleiding Bouw dan ook een duidelijke taak. “De SVB moet zich volledig concentreren op de ontwikkeling van les- en examenstof want op dat punt staat de taak van de SVB volstrekt niet ter discussie. Dit alles is mijn persoonlijke filosofie. Ik vind de tijd rijp om daarmee naar buiten te komen en het is aan de bedrijfstak om een keuze te maken.”

“Ik wil de SVB niet de nek omdraaien, natuurlijk niet, maar een aantal zaken kan veel efficienter worden geregeld als de samenwerkingsverbanden meer verantwoordelijkheid krijgen”, aldus Harry Verhoeven directeur van het samenwerkingsverband in Veldhoven.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels