nieuws

Prinses Margrietkanaal doet binnen enkele jaren dienst als hoofdvaarweg voor Noord-Nederland

bouwbreed Premium

leeuwarden – De opwaardering van het Prinses Margrietkanaal ligt enkele jaren voor op het schema. Hoewel de eerste fase, verbreding van het kanaal nog niet is afgerond, is de uitvoering van de tweede fase al begonnen.

Het betekent dat de diepgang van de hoofdvaarweg tussen Lemmer en Delfzijl op 4,90 meter wordt gebracht. Ook worden in deze tweede fase de eerste kunstwerken aangepakt, de Fonejachtbrug in de N-31 tussen Leeuwarden en Drachten en de spoorbrug bij Grou.

Het is een werk dat in totaal een investering vraagt van ruim 660 miljoen gulden, want naast de verbreding en verdieping van het kanaal worden ook alle oude bruggen vervangen. Maar die komen pas na 2000 aan de beurt. Hoewel beide provincies de vaarweg beheren, stelt Den Haag het geld beschikbaar.

De upgrading van het kanaal is nodig omdat het volume van de scheepvaart op de noordelijke binnenwateren de komende jaren zal toenemen.

“Niet zozeer de intensiteit, als wel de grootte van de schepen”, verduidelijkt ing. Haitsma, projectleider vaarwegen van Friesland. Daarom wordt het kanaal in de eerste fase verbreed, en in de tweede uitgediept.

Het kanaal is nu nog een klasse vier kanaal, maar wordt straks klasse 5A. Anders gezegd: schepen tot 1350 ton kunnen nu gebruik maken van het kanaal. “Als fase 2 klaar is, begin volgende eeuw, kunnen schepen tot ruim 2000 ton door het kanaal en is vier laagscontainervaart ook mogelijk”, vervolgt de projectleider.

Met het breder maken van de vaarweg bleek dat ook de diverse bruggen in Friesland en Groningen een bredere doorvaart moeten krijgen. Ze worden daarom allemaal vervangen.

De eerste brug, bij Lemmer, is al klaar. Tijdens de laatste maanden van de oude brug mocht vrachtverkeer er al geen gebruik meer van maken. De sluis bij Lemmer wordt overigens niet vergroot. Volgens Haitsma kan die nog wel een paar jaar mee. “We verwachten dat ook de grotere schepen nog wel in die sluis kunnen, maar er wordt al wel over vervanging gepraat, maar pas na 2015.”

Dat de Fonejachtbrug en de spoorbrug bij Grou al in de planning zijn opgenomen, heeft andere redenen. De Fonejachtbrug, onderdeel van de N-31, in Friesland beter bekend als ‘dodenweg’.

De vele ongelukken hebben Rijkswaterstaat ertoe genoopt de verdubbeling naar voren te halen. Het eerste deel tussen Nijega en Drachten is inmiddels klaar. Het tweede deel richting Leeuwarden wordt ook verbreed.

Onderdeel daarvan is de vervanging van de Fonejachtbrug, een dubbele brug, want ook een lokale verbinding kruist met dezelfde brug het kanaal. Met de vervanging van de Fonejachtbrug wordt volgens planning in 1999 begonnen. Maar volgens de projectleider vaarwegen lijkt het erop dat het Rijk achterloopt met de procedures. Hij verwacht dat het werk in 2000 begint.

De Fonejachtbrug kost rond 35 miljoen gulden. Want behalve een bredere doorvaart wordt de brug ook verhoogd.

Hoewel het een beweegbare brug wordt, zal er slechts beperkt worden gedraaid, bepaalde de minister van Verkeer en Waterstaat, die een aquaduct te duur vond. Alleen voor bijzondere transporten, onder andere van de scheepswerven noordelijk van de brug, gaat de brug open.

Voor de recreatievaart is er een alternatieve staande mastroute bedacht. In de N- 31, ter hoogte van de brug Langdeel komt een aquaduct, waarmee een belemmering van de recreatievaart verdwijnt.

Met de aanleg van de staande mastroute vindt ook scheiding plaats van beroeps- en pleziervaart.

De spoorbrug bij Grou is dermate laag dat voor bijna elk schip de brug moet worden gedraaid. Daarom wordt de nieuwe brug twee meter hoger. Doordat er een dubbelspoor over ligt, is de brug slechts beperkt open voor de scheepvaart. Daarmee is het een grote bottleneck in de noordelijke hoofdvaarroute.

Naast de verbreding en verdieping wordt ook gedacht aan het optimaliseren van de aftakkingen naar Sneek, Heerenveen, Drachten en Leeuwarden. De gedachte vindt haar oorsprong in de provinciale nota ‘behouden door te veranderen’, waarin het provinciaal bestuur twee zones voor verdere industriele ontwikkeling heeft aangewezen.

Het gaat om de A-7, waar Sneek, Heerenveen en Drachten aan liggen en de Westergozone, die doorkruist wordt door het Van Harinxmakanaal.

Nieuw baggerdepot

Bij Trije, net ten noorden van Grou, heeft de provincie plannen ontwikkeld voor de aanleg van een nieuwe baggerdepot met een capaciteit van 600.000 kubieke meter. Volgens Haitsma zijn die plannen geen afgeleide van de verbreding van het kanaal. “Daarbij komt veel eigen grond vrij, die grotendeels suikerschoon is.”

Maar de afgeleide plannen zorgen ook voor de nodige baggerspecie en daarop vooruitlopend zijn deze plannen op tafel gekomen. Daarnaast staat het depot ook open als opslag voor derden.

Reageer op dit artikel