nieuws

Maaswerken komen in financiele problemen Grindproducenten voorzien tekort van f. 500 miljoen

bouwbreed Premium

“Gedeputeerde Vestjens overschat de reikwijdte van zijn arm als hij denkt de grindprijzen te kunnen beinvloeden door andere projecten te temporiseren.” Dat zegt H. Maessen, directeur van de Panheelgroep, het samenwerkingsverband van Limburgse grindproducenten. Maessen voorziet grote financiele problemen voor de uitvoering van de Maaswerken. Provincie en Rijk willen het f. 2 miljard kostende project voor driekwart betalen uit de zand- en grindopbrengsten. “Vergeet dat maar”, benadrukt Maessen. Hij voorziet een tekort van minimaal f. 500 miljoen.

De directeur van de Panheelgroep reageert hiermee op de plannen voor de aanpak van de Grensmaas. Begin deze week presenteerden de provincie en het Rijk het ontwerp-streekplan en de milieu effectrapportage (mer) voor het omvangrijke project. De Maaswerken moet er voor zorgen dat Limburg nog maar eens in de 250 jaar onder water loopt en dat met name de Grensmaas weer een natuurlijke rivier wordt. Bij elkaar voorziet het plan in de ontwikkeling van zo’n 1500 hectare natuur. Naar schatting gaan de Maaswerken zo’n f. 2 miljard kosten. Daarvan betaalt de rijksoverheid ruim f. 500 miljoen. Het resterende deel moet uit de opbrengsten van zand en grind komen. “Ik denk”, zo voorspelt Maessen”, dat f. 500 miljoen niet te dekken is. Dat is ook een bedrag waar je in onderhandelingen niet uitkomt. Een tekort van f. 10 tot f. 100 miljoen is misschien nog te overbruggen maar f. 500 miljoen, daar kom je niet uit.”

Zorgen zegt de grindproducent vooral te hebben over de voortgang van het project. “We lopen op dit moment al zo’n anderhalf jaar achter op de planning.” Hij vreest dat de feitelijke grindwinning nog jaren op zich laat wachten. “Dat kan inhouden dat de marktpositie van de grindbedrijven in de knel komt als we droog komen te staan.”

Jammer

Volgens Maessen zou het verstandiger zijn geweest als de grindproducenten bij de ontwikkeling van de plannen betrokken waren. “We hebben erom gesmeekt, maar men wilde niet. Uit oogpunt van het mededingingsvraagstuk wilden nocht het Rijk noch de provincie Limburg met ons praten. Dat is jammer want ze hebben zich, zeker met de aannames van de opbrengsten, op een terrein begeven waar ze geen verstand van hebben.”

Maessen vreest een forse verstoring van de marktprijs wanneer in een relatief korte tijd grote hoeveelheden zand en grind op de markt worden gebracht. “Dan kelderen de prijzen.”

De oplossing van verantwoordelijk gedeputeerde Vestjens om greep op de prijs te krijgen door andere grindprojecten te vertragen, wijst de directeur van de Panheelgroep resoluut van de hand. “Daarmee overschat Vestjens de reikwijdte van zijn arm. De markt is de markt, die bepaalt de waarde van het product. Vestjens suggereert daar ook mee dat hij of wij de sleutel van het prijsmechanisme hebben. En zouden wij temporiseren, dan zijn daar de Belgen en Duitsers die er ongetwijfeld meteen inspringen.”

Bezuinigen

Om de dreigende tekorten te dekken, zijn er in zijn visie twee mogelijkheden. Of het Rijk legt er geld bij of gaat schuiven met de projecten, of er wordt bezuinigd. Maessen ziet voor dit laatste mogelijkheden om grind met bestaande baggermolens te verwerken in plaats van eerst geld in landwinninginstallaties te investeren. “Dit kan al snel zo’n f. 100 miljoen opleveren.” Dat het inzetten van baggermolens nogal wat geluidhinder voor de omgeving tot gevolg heeft, onderschrijft Maessen. “Maar het is het een of het ander.”

Limburg reageert laconiek op de kanttekeningen van de grindbedrijven. Vestjens noemde het eerder deze week “een onderhandelingsstrategie van de bedrijven om niet direct al te enthousiast te reageren.”

Reageer op dit artikel