nieuws

‘Verletregeling wordt extra omvalrisico’

bouwbreed Premium

“Zo’n nieuwe verletregeling is voor loonintensieve onderaannemers gewoon een omvalrisico extra. Bij de oude regeling werd vorstverlet vanaf het eerste moment uitbetaald. In de nieuwe opzet komen de eerste negen dagen voor eigen rekening. En wanneer je geen omzet kan maken, valt er bij de hoofdaannemer niks te declareren”.

Aan het woord is Willem A.M. van Heijningen van de gelijknamige groep in Bosch en Duin, houdstermaatschappij van onder meer Top Groep Nederland BV. Hij reageert op deze actualiteit, zoals zijn groep dat steeds doet als er ten aanzien van bouwplaatspersoneel het nodige van bovenaf dreigt te veranderen. Zo trok hij als een der eersten aan de bel toen er sprake bleek van een wijziging van de carpoolregeling, die voor bouwvakkers heel slecht zou uitwerken.

Doordat zijn onderneming creatief op de nieuwe regeling zal reageren, zal het met dat omvallen van de Top Groep wel meevallen. Omdat in kleine ploegen wordt gewerkt, kunnen die snel van de ene bouwput naar de andere worden gedirigeerd als zich grote verschillen in temperatuur voordoen.

Maar kleine gespecialiseerde onderaannemers lopen er toch een extra risico door, zo meent hij. Een snellere deblokkering van G-rekeningen lijkt hem de aangewezen weg om mogelijke faillissementen als gevolg van dat eigen risico te voorkomen.

Voornamelijk vaklieden

Dat de directie van de Van Heijningengroep – ertoe behoren ook nog Bouwpoint Bouw- en Timmerwerken BV en Timeflex BV – zo alert reageert komt omdat de bedrijven praktisch uitsluitend uit vaklieden bestaan. Zo’n Top Groep bijvoorbeeld kent zo’n 250 vaklieden, die vanuit twee vestigingen in Utrecht en Maassluis groepjes van 2 tot 4 mensen naar diverse hoofdaannemers sturen om daar werk in regie uit te voeren. De vaklieden zelf kunnen zowel in Groningen als in Limburg wonen, ze worden naar de dichtstbijzijnde werken gedirigeerd.

Van Heijningen verlaat per 1 mei aanstaande na vijfeneenhalf jaar als algemeen directeur de groep, waarvan hij wel eigenaar blijft. Hij werd er als interim manager bijgehaald omdat de club financieel in problemen kwam “als gevolg van de bedrijfscultuur die wildgroei te zien gaf.”

Vrouw aan het roer

Met vakbonden, de fiscus en het Sociaal Fonds Bouwnijverheid werden afspraken gemaakt, waardoor de groep ook af kon komen van het stigma een uitzendbureau in de bouw te zijn, terwijl ze dat niet was en dat toendertijd ook was verboden.

Van Heijningen wordt opgevolgd door drs. Marja J.M. van Buul,die in november 1994 in dienst van Van Heijningen Groep kwam. Sinds juli 1996 is zij als adjunct-directeur speciaal belast met algemene en sociale zaken. De sociologe zal zich als directeur veel bezighouden met het personeels- en arbobeleid, opleidingen etcetera. De Groep wenst zich namelijk blijvend te onderscheiden met vaklieden. Of om het met Van Heijningen te zeggen: “Wie de vakman heeft, heeft de markt”.

Reageer op dit artikel