nieuws

‘Straatmaken is een vak dat je moet leren’

bouwbreed Premium

Ondernemerschap en vakopleiding. Het zijn twee zaken die J.J. Meijer, scheidend voorzitter van de Ondernemersbond Bestratingsbedrijven Nederland (OBN), heel hoog hebben gezeten gedurende zijn 27 jaren (mee) besturen van deze branche. Nog altijd vindt het vak te weinig waardering, zo vindt hij.

Rasbestuurder Meijer – hij trad als voorzitter van de afdeling west van de nu 35-jarige OBN toe tot het landelijk bestuur en gaf er sinds 1983 leiding aan – heeft altijd geprobeerd het imago van het bestratingsbedrijf hoog te houden.

Hij stond in 1993 dan ook aan de wieg van de Stichting Erkenningsregeling Bestratingsbedrijven, die uitsluitend bedrijven aanvaardt die en een vakopleidingsdiploma en een inschrijvingsnummer van de SFB Groep kunnen tonen.

Dat betekent dat klusjesmannen – “iedereen denkt al snel te kunnen straten” – geen kans krijgen. Maar ook zelfstandigen zonder personeel kunnen tegenover opdrachtgevers niet bogen op een dergelijke erkenning. Meijer is verheugd dat de stichting met de versoepeling van de Vestigingswet, die voor het bestratingsbedrijf alleen nog een diploma Algemene Ondernemers Vaardigheden eist, haar beide inschrijvingsvereisten niet heeft willen schrappen.

Aanwas en opleiding

Meijer heeft zich ook druk gemaakt om de vakopleiding. Zijn eigen bedrijf in Den Helder heeft altijd een opleidingsploeg in stand kunnen houden en zo elk jaar 7 of 8 jonge mensen een opleiding kunnen bieden.

Daarmee was hij vele collega’s ver vooruit. Niet omdat deze een vakopleiding minder urgent vonden, maar eenvoudig omdat te weinig jongeren geinteresseerd bleken in de bestratingsbranche. Door de geografische ligging had Meijers bedrijf “geen achterland”, zodat hij jeugdigen kon vasthouden. Bedrijven die minder geisoleerd zijn gevestigd, krijgen bij de jeugd direct concurrentie van allerlei ondernemingen in de directe omgeving.

Nu maakt hij zich weer druk om de inhoud van de vakopleiding. De reden is de nieuwe Wet Educatie en Beroepsonderwijs, die de opleiding weer naar de scholen dirigeert. Nu nog verzorgt de Stichting Beroepsopleidingen Weg- en Waterbouw (SBW) deze opleidingen, maar straks mag zij alleen nog leerstof ontwikkelen. Dan verzorgen de scholen de opleiding.

Meijer heeft daar een hard hoofd in. Voor zo’n betrekkelijk klein vak is de interesse van de scholen minimaal. Hij adviseert collega-bestuurders dan ook zitting te nemen in schoolbesturen om zo directe invloed te kunnen uitoefenen. De aanwas van jonge stratenmakers staat toch al onder druk, omdat vakmanschap financieel te laag wordt gewaardeerd en de arbeidsomstandigheden niet optimaal zijn, hoewel de mechanisering nog altijd voortschrijdt.

In rustiger vaarwater

Tijdens zijn 27-jarige bestuurservaring heeft de OBN heel wat wegen bewandeld om voor de leden een zo sterk mogelijke belangenbehartiger te kunnen zijn. In 1981 sloot de kleine bond zich aan bij de VAGWW als sectie bestratingswerken. Maar in 1992 trad de bond weer uit, omdat men binnen de VAGWW nogal eens met de eigen opdrachtgevers aan tafel zat. Vanaf die tijd ging men zelfstandig als OBN verder. Via een driejarig lidmaatschap van de Federatie van Aannemers in de Afbouw- en Nevenbedrijven kwam men tot de vorming van de Confederatie Gespecialiseerde Aannemers (Conga), waar behalve de OBN nog zes werkgeversorganisaties zich bij aansloten.

Inmiddels is de OBN ook daar weer uit. Conga wenste mee te praten over de bouw-cao, maar werd daar door het AVBB van weerhouden. Wel konden de Conga-leden aspirant AVBB-lid worden als zij afzagen van een kort geding. Hiermee had de federatie gedreigd om meepraten over de cao af te dwingen. Zes van de zeven Conga-leden weigerden. OBN stemde toe en maakt nu deel uit van de onder AVBB-vlag opererende GWWO. Zijn organisatie lijkt Meijer nu op de goede plek te zitten. Hij hoopt dan ook dat zijn opvolger G. Visscher uit Oldebroek in bestuurlijk rustiger vaarwater zal komen.

Scheidend OBN-voorzitter J.J. Meijer heeft ook zelf heel wat stenen ‘weggelegd’. Een ernstige rugblessure, waardoor hij zijn bestuurlijke functies heeft moeten neerleggen, heeft daar mogelijk mee te maken.

Reageer op dit artikel