nieuws

Productiegroei in gww het meest onzeker

bouwbreed Premium

Met uitzondering van de woningbouwproductie voorziet het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid dit jaar een groei voor alle bouwsectoren. Ook tot en met 2003 zal de jaarlijkse productie toenemen. Behalve alweer voor de woningbouw, die na volgend jaar met 2,5% per jaar zal dalen. Het voorspellen van de gww-activiteit blijkt het moeilijkst.

Onduidelijk is of de nodige financien voor de geplande infrastructuur tijdig beschikbaar komen. Dat bleek uit een presentatie van EIB-directeur prof.drs. A. Buur, dinsdag tijdens een studiemiddag. De verwachtingen voor de gww-productie op middellange termijn zijn niet ongunstig. Het kabinet heeft infrastructuur hoog in het vaandel staan. Maar de financiele randvoorwaarden zijn de belangrijkste bepalende factoren voor de feitelijke productiegroei in de komende jaren.

De vraagtekens die Buur daarbij zelf aanbracht, zijn de volgende: “Welk realiteitsgehalte heeft het inboeken van private financiering voor de bekostiging van de Betuwelijn of de Hogesnelheidslijn als iedereen weet dat beide spoorlijnen bedrijfseconomisch nooit te exploiteren zijn?”

En: “Ik realiseer mij dat de particuliere investeerder die f. 900 miljoen over heeft voor een tunnel om een deel van het Groene Hart bovengronds in tact te laten, nooit gevonden zal worden.”

Substantiele groei van investeringen in de infrastructuur lijkt volgens hem de komende jaren vooral afhankelijk te worden van het vinden van alternatieve financieringsbronnen: naast private middelen, meevallers door economische groei.

Werk in onderhoud

Alle andere productiviteit lijkt gemakkelijker aan te geven. De woningbouw stabiliseert dit jaar en loopt daarna met 2,5% per jaar aan productie terug. Herstel en verbouw van woningen daarentegen neemt nog altijd toe. Met 1,5% dit jaar en vervolgens met 2% de komende jaren. Het grootste deel van de totale verbeterproductie zal in de ongesubsidieerde sector plaatsvinden. In dit verband moeten de aannemers het vooral hebben van de sociale verhuurders.

Met een bedrag van ruim f. 17,5 miljard steekt onderhoud van gebouwen dit jaar ver uit boven de nieuwbouw in de utiliteit ( – 12,5 miljard) en lijkt de komende jaren percentueel ook nog harder te groeien. Bijgaande grafiek maakt dat duidelijk.

Arbeidsmarkt

Wat in de grafiek ontbreekt, is de vraag welk effect een en ander zal hebben op de werkgelegenheid. Voor dit jaar wordt nog een toename verwacht van 1,3% tot 366.000 manjaren. Dat is het saldo van een 1%-groei in de b en u-sector en van 2,5% in de gww. Na dit jaar voorziet het EIB geen groei meer. Eerder zal er sprake zijn van een afname van de werkgelegenheid. Desondanks blijft er een grote behoefte aan werknemers als gevolg van de grote uitstroom.

In de laatste kolom is de gemiddelde jaarlijkse mutatie tussen 1999-2003 zichtbaar. Duidelijk is dat de nieuwbouw woningbouw vanaf 1998 daalt, volgens de cijfers van het EIB met 3,6%.

Reageer op dit artikel