nieuws

Cementovens branden prima op versleten vloerbedekking Strenge wetgeving verhindert gebruik alternatieve brandstof

bouwbreed Premium

De geur van vers tapijt stijgt op uit de loods op het bedrijventerrein in Arnhem. Op de vloer ligt een bont palet van kleine en grote lappen vloerbedekking. RetourVloer heet het bedrijf dat oude karpetten en tapijtafval verwerkt tot brandstofkorrels voor cementovens. De korrels zijn milieuvriendelijker dan andere brandstoffen zoals steenkool, zegt mr. Ton van den Oever directeur van RetourVloer. Toch verbiedt de Nederlandse wet het gebruik.

Het stalenboek van de interieurinrichter steekt schril af bij de rollen versleten kantoortapijt in de loods aan de Nieuwe Havenweg te Arnhem. Ton van den Oever loopt er onverschillig overheen. Het maakt niet uit of de stalen vuil worden of kreuken. Nog even dan zijn ze samen met de andere karpetten verwerkt tot grijze korrels van ongeveer een kubieke centimeter.

De balletjes worden met vrachtwagens afgevoerd naar cementfabrieken in Duitsland en Belgie, waar ze als brandstof dienen. “Het is een goed alternatief voor steen- en bruinkool”, zegt Ton van den Oever. “We verwerken uitsluitend textiele vloerbedekking en dat levert brandstof op met een lage verontreinigingsgraad. Een bijkomend voordeel is dat vloerbedekking voor 30 procent uit krijt bestaat, dat kun je dus zo in het cement verwerken. Ik ben de enige in Nederland die het procede toepast. In Duitsland wordt ermee geexperimenteerd in het kader van een pilotproject.”

Ton van den Oever ontwikkelde het idee om tapijt tot brandstof te verwerken toen hij in dienst was van de Grontmij. Omdat dit bedrijf niet verder wilde gaan met verfijnen van het procede begon hij voor zichzelf.

Het terrein waarop zijn bedrijf is gevestigd huurt hij van Ballast Nedam. Voor wat betreft het ontwikkelen van nieuwe toepassingsmogelijkheden voor oude vloerbedekking werkt hij nauw samen met DSM. In de toekomst zal het volgens Van den Oever mogelijk zijn om het materiaal voor allerlei doelen te gebruiken. Nu al is er een Duitse fabrikant die er kunststof tegels van maakt.

Bij RetourVloer werken naast Van den Oever acht mensen. Vier in de productie, twee als vertegenwoordiger in Duitsland en Belgie, en twee op kantoor.

Onbekend in Nederland

De brandstofkorrels mogen in Nederland niet worden gestookt vanwege wettelijke beperkingen voor het gebruik van alternatieve brandstoffen.

M. Poesen van de Eerste Nederlandse Cement Industrie (ENCI) te Maastricht is niet op de hoogte van de mogelijkheid om vloerbedekking tot brandstof te verwerken. Volgens hem zijn er in Nederland nooit proeven mee zijn gedaan.

“Wel gebruiken we autobanden als alternatieve brandstof”, aldus Poesen. “We onderzochten ruim 100 stoffen op hun bruikbaarheid voor de cementovens en die autobanden bleken als enige geschikt te zijn.”

De overige materialen vielen af omdat ze het milieu te veel vervuilden of omdat ze slecht waren voor de kwaliteit van het cement.

Duitse en Belgische cementfabrieken gebruiken op beperkte schaal vloerbedekking. RetourVloer richt zich op die markt. “De cementovens van mijn afnemers zijn aangepast voor deze brandstof. Bovendien moeten de fabrieken een vergunning hebben en die wordt alleen afgegeven als ze voldoen aan de Europese milieurichtlijnen.”

Afvalverwerking

Een grijper spert zijn muil open, neemt een hap uit de berg vloerbedekking en spuwt het spul op een lopende band. “In deze fase vindt de eerste bewerking plaats. Het tapijt wordt versneden en alle valse materialen zoals metaal en puinresten worden er uitgehaald”, vertelt Van den Oever. Dat gebeurt met behulp van onder meer een enorme magneet die alle spijkers of paperclips die in de vloerbedekking zijn blijven haken aantrekt en vasthoudt. Daarna wordt het tapijt tot kleinere stukjes versneden en die stukjes worden verwerkt tot brandstofkorrels.

“Gewone afvalverwerkingsbedrijven hebben grote moeite met vloerbedekking”, vertelt Van den Oever. “Wij gebruiken daarom aangepaste apparatuur waardoor we het tapijt kunnen snijden zonder dat ieder ogenblik de machines vastlopen.”

Het tapijt dat hij bewerkt is afkomstig van bedrijven en overheidsinstellingen in binnen en buitenland. Zij leveren afgedankte vloerbedekking of tapijtrestanten af en betalen daarvoor een vergoeding. Van den Oever: “Ze zijn goedkoper uit dan wanneer ze naar de ‘gewone’ afvalverwerkingsindustrie gaan. In feite zijn we een afvalverwerker zonder vuilverbrandingsinstallatie. In plaats van afval te verbranden maken we er een nieuw product van.”

Tot brandstofkorrels verwerkte vloerbedekking zijn een schoon alternatief voor steen- en bruinkool, aldus T. van den Oever van RetourVloer. Foto: APA

Reageer op dit artikel