nieuws

Fiscaal vriendelijk beleggen (2)

bouwbreed

De lage rentestand en de hausse op de Amsterdamse Effectenbeurs zorgen voor een ware rage bij de particuliere belegger. Introducties van aandelenfondsen, mengfondsen, clickfondsen en themafondsen volgen elkaar in snel tempo op. Hoe kiest u een fiscaal vriendelijke belegging die past bij uw risicoprofiel?

Als u plannen hebt om in risicovolle fondsen te beleggen, moet u gaan praten met de beleggingsspecialist van uw bank. Hij kan op basis van uw gewenste risicoprofiel een maatwerk-beleggingsportefeuille adviseren. Fundamentele keuzes zijn of u gaat beleggen met eigen geld of met geleend geld. Als u zelf aangeeft welk type belegger u wilt zijn, kan de beleggingsspecialist een evenwichtige portefeuille samenstellen.

1. Converteerbare obligaties

Een converteerbare obligatielening geeft een lage rente maar verschaft de belegger het recht om onder een aantal voorwaarden de hoofdsom in te wisselen tegen aandelen van de onderneming.

Als de koers van het aandeel van de onderneming stijgt, stijgt de koers van deze obligaties mee.

Hoogovens heeft recentelijk een converteerbare obligatielening uitgegeven 1997-2007. De coupons geven een lage rente van 4,625% (lager dan de coupons van een staatslening van 5,5%). De uitgiftekoers van deze converteerbare obligaties bedroeg 101% ( f. 198.019 nominale waarde). Inmiddels was de koers in juni gestegen tot 108,75% (waarde f. 215.345).

Als Jan en Truus*) f. 200.000 hadden belegd in deze converteerbare obligaties realiseren zij na aftrek van de rentevrijstelling en belasting (50% IB) netto f. 5625 rente per jaar. Het is hun echter veel meer begonnen om de onbelaste koerswinst van f. 15.345 in circa 3 maanden.

Het voordeel van een belegging in een converteerbare obligatie is dat het (kleine) risico van een obligatiehouder (uitkering van nominale waarde bij aflossing) is gekoppeld aan koerswinst zonder een neerwaarts risico. In augustus 1995 heeft staatssecretaris Vermeend geprobeerd de aantrekkelijkheid van een belegging in converteerbare obligaties voor particulieren te beperken door het conversierecht als rente fiscaal te belasten. De Hoge Raad heeft dat in juni 1996 ongedaan gemaakt.

2. Aandelen

Stel dat Jan en Truus hun f. 200.000 beleggen in 50/50 aandelen Philips en Unilever. Tegen een koers van f. 111,10 kopen zij 990 aandelen Philips voor circa f. 100.000. Unilever noteert een koers van f. 381,50 waarvan zij 262 aandelen kopen. Nu heeft Philips in ’96 f. 1,60 dividend uitgekeerd. De 990 aandelen Philips leveren dus circa f. 1584 dividend op. Unilever keerde in ’96 f. 6,98 dividend uit – voor 262 aandelen circa f. 1829 dividend. De totale dividendopbrengst is f. 3413; voor belasting een dividendrendement van 1,7%. Na aftrek van de dividendvrijstelling voor een echtpaar van f. 2000 is f. 1413 belast (50% IB), resteert een netto dividendrendement van slechts f. 2706 (1,35%).

Het interessante van een aandelenbelegging is niet het dividendrendement maar de onbelaste koerswinst. Als de aandelen Philips en Unilever in 1998 circa 20% hoger noteren is de Philipskoers f. 130 en Unilever f. 457,80, bedraagt de totale koerswinst circa f. 48.000. Onder de huidige fiscale wetgeving is deze koerswinst onbelast.

Een aantal fondsen aan de beurs keert geen contant dividend uit maar agio of stock-dividend. Voor de waarde van het dividend krijgt de belegger er dan extra aandelen bij. Agio-dividend is onbelast en de belegger kan de volgende dag door verkoop van deze aandelen op de beurs zijn belastingvrije winst nemen.

3. Beleggingsportefeuille

Hoe kunnen Jan en Truus nu het beste hun f. 200.000 beleggen met een redelijke risicospreiding en het realiseren van tenminste de rente- plus dividendvrijstelling voor echtparen van in totaal f. 4000?

Mijn advies zou zijn een fiscaal vriendelijke belegging in obligaties, daarbij inspelend op belastinguitstel via Zerobonds of laag rentende obligaties met de kans op onbelaste koerswinst.

Zij kunnen dit pakket combineren met een aandelenbelegging. Zodra de dividendvrijstelling is benut kunnen zij kijken naar aandelen met een onbelast stock-dividend.

Een tussenvorm is een belegging in een portefeuille converteerbare obligaties bij enkele interessante fondsen.

4. Zelf clicken of via fonds

Veel particuliere beleggers durven het risico niet aan om zelf rechtstreeks in aandelen te beleggen. Aan de andere kant zijn ze niet tevreden met de huidige lage rente op spaardeposito’s. Iedere belegger kan zich via een aantal technieken indekken tegen het neerwaartse koersrisico. Stel dat Jan en Truus op 15 augustus 1997 voor f. 200.000 aandelen Philips aankopen tegen een koers van f. 110. Dan kunnen zij op hetzelfde aankoopmoment de transactie veilig stellen met een put-optie Philips die hen het recht geeft over vijf jaar, op 15 augustus 2002, hetzelfde pakket tegen een koers van circa f. 110 te verkopen.

Voor dat optierecht moeten zij een premie betalen die bij dit soort langjarige opties ligt tussen de 10 en 15% van het aankoopbedrag. Jan en Truus zijn dus circa f. 30.000 extra kwijt over een periode van vijf jaar om hun neerwaartse koersrisico af te dekken. Als zij de transactie opzetten met een fonds dat belastingvrij stock-dividend uitkeert (stel 2% per jaar), dan groeit de belegging met circa f. 20.000 stockdividend in deze periode. Resteert nog slechts een premie van 5% ter afdekking van het neerwaartse koersrisico.

Stel nu dat al na 1 jaar de koers van het aandeel Philips is gestegen van f. 110 naar f. 130. Met nog een looptijd van 4 jaar te gaan is dan het recht om in 2002 tegen f. 110 te mogen verkopen ook niet meer zo interessant. Jan en Truus kunnen dan hun put-optie terugkopen (doorrollen). Dat kost wel geld, maar vervolgens kopen zij een nieuwe put-optie om in 2002 tegen f. 140 te verkopen (lagere premie). Met het doorrollen van de put-optie clicken Jan en Truus hun koerswinst zelf vast.

Op basis van dezelfde gedachtegang is een aantal banken medio 1996 AEX-clickfondsen gestart. Zij clicken de AEX-stijging bijvoorbeeld bij 10%, 20%, 40% vast, waarbij het risico van een plotselinge koersval na een stijging – als inmiddels is geclickt – is afgedekt. Veel van deze fondsen hebben een looptijd van 5 jaar.

Wie de kosten van een AEX-clickfonds doorrekent, ontdekt dat zelf een aandelenbelegging beveiligen met een put-optie, gekoppeld aan een fonds met belastingvrij stockdividend, vaak voordeliger is en evenveel zekerheid biedt. De belegger moet dan wel samen met zijn bankier een goede optiestrategie bepalen. Wie geen zin heeft in die soesa kan beter zaken doen met een clickfonds.

Deel 1 van ‘Fiscaal vriendelijk beleggen’ werd gepubliceerd op 22 augustus.

*) De namen zijn fictief.

Door Mr. Marnix van Rij, Landelijke Adviesgroep Vermogende Particulieren, Moret Ernst en Young Belastingadviseurs, Den Haag. Tel. 070 – 328 67 42.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels