nieuws

Leerlingbouwplaatsen met uitsterven bedreigd

bouwbreed

Het aantal weken dat aankomende bouwvakkers praktijkervaring opdeden op een leerlingbouwplaats liep in 1996 terug tot 13.788. In 1995 lag het aantal ‘leerlingbouwplaatsweken’ nog op 18.090.

Het aantal leerlingbouwplaatsen loopt zelfs zo sterk terug dat indien het tij niet spoedig keert, binnen vijf jaar geen enkele leerlingbouwplaats meer bestaat.

Dit blijkt uit het jaarverslag van de Stichting Vakopleiding Bouwnijverheid (SVB). In 1995 werden 18.090 ‘leerlingbouwplaatsweken’ gerealiseerd, terwijl dit er in 1996 slechts 13.788 waren. De daling met 4302 leerlingbouwplaatsweken is te meer dramatisch omdat er volgens de planning in 1996 21.000 ‘leerlingbouwplaatsweken’ moesten komen.

Het is niet de eerste keer dat het aantal weken waarin aankomende bouwvakkers praktijkervaring kan opdoen sterk daalt want in 1995 werden er ruim 6000 leerlingbouwplaatsweken minder gerealiseerd dan in 1994. Niettemin noemt L. Steijn van het Nederlands Verbond van Ondernemers in de Bouwnijverheid (NVOB) de mogelijkheid dat de leerlingbouwplaats uitsterft “strikt theoretisch.”

De terugloop van het aantal leerlingbouwplaatsen was het grootst in het westen van het land. Daar werden vorig jaar 2868 leerlingbouwplaatsweken gerealiseerd, terwijl dit er in 1995 nog 4078 waren. Ook in de regio noordoost was de terugloop sterk -van 10.389 leerlingbouwplaatsweken in 1995 naar 7186 in 1996- terwijl in het zuiden een lichte stijging plaats vond: van 3623 in 1995 naar 3734 in 1996. Desondanks werd ook hier de planning van 5000 leerlingbouwplaatsweken niet gehaald.

Dit jaar moeten volgens de planning van de SVB 23.000 leerlingbouwplaatsweken worden gerealiseerd en volgend jaar zouden het er zelfs 25.000 moeten zijn. Of deze aantallen worden gehaald is nog maar de vraag, want aannemers en opdrachtgevers lopen nog steeds niet warm voor de leerlingbouwplaats.

‘Meer voorlichting’

Mevrouw M. Lenshoek van de SVB zegt dat de terugloop van het aantal leerlingbouwplaatsen te wijten is aan onbekendheid met het fenomeen bij met name de opdrachtgevers.

“Aannemers zijn vaak wel bereid om mee te werken aan leerlingbouwplaatsen, maar de opdrachtgevers zijn vaak nog niet zo ver. We gaan ons de komende jaren richten op het informeren van deze groep. Hierbij denken we onder meer aan het geven van informatie aan woningbouwcorporaties en gemeenten”, aldus Lenshoek.

De komende tijd gaat de SVB campagne voeren in de richting van opdrachtgevers. Lenshoek: “We hebben veel contacten opgedaan tijdens ontbijtbijeenkomsten, die we vorig jaar organiseerden en die contacten gaan we verder uitwerken.”

L. Steijn van het NVOB zegt dat het noodzakelijk is om meer voorlichting te geven over leerlingbouwplaatsen aan opdrachtgevers en aannemers. “Veelal wordt gedacht dat een leerlingbouwplaats veel duurder is en meer tijd in beslag neemt dan een gewone bouwplaats. Als je het echter goed organiseert valt het nog al mee.”

Vrouwen en allochtonen

Niet alleen daalde het aantal leerlingbouwplaatsen ook het aantal vrouwen dat een bouwopleiding volgt nam af. In 1996 volgden 61 vrouwen een opleiding in de bouw, in 1995 waren het er 75. In het schooljaar 1996-1997 lieten 15 vrouwelijke leerlingen zich inschrijven voor de primaire opleiding, terwijl dit er in het vorige schooljaar nog 30 waren.

Het aantal leerlingen van buitenlandse afkomst neemt echter toe. In 1996 waren er 369 in opleiding, terwijl dit er een jaar eerder slechts 228 waren.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels