nieuws

Model Bouwverordening bagatelliseert probleem Werknemers blijven blootstaan aan gevaren van asbest

bouwbreed

De Model Bouwverordening laat weinig over van de algemene plicht tot asbestonderzoek. Het risico dat slopers toch in aanraking komen met asbest en dat afkomende materialen en vrijkomend puin asbest bevatten, blijft dus bestaan. Het Nationaal College van Deskundigen Asbestverwijdering, Asbestonderzoek en Laboratoria toont zich, met de betrokken bedrijven en organisaties, uitermate bezorgd.

VROM publiceerde op 13 juni vorig jaar bij Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) de regeling van het deskundig asbestonderzoek. In juni van dit jaar verwerkte de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) deze regeling in de Model Bouwverordening. Het resultaat van de besprekingen in het platform technische Bouwwetgeving van de VNG doet weinig recht aan de zwaarte van het asbestprobleem en aan het beleid dat VROM daarvoor opstelde. Als gevolg daarvan blijven verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid onduidelijk en blijft het gevaar van ongecontroleerde emissies bestaan. Dat laatste kan de gezondheid van de betrokken werknemers schaden. De wijze waarop de VNG de onderzoeksregeling implementeerde staat ook haaks op de verwachting van de bureaus. Die verkeerden in de veronderstelling dat de verplichting op 14 juni 1997 in werking kwam.

Triest

“Ik vind het triest dat de overheid de implementatieregeling voor het asbest jarenlang liet sloffen terwijl men wist dat er grote problemen mee waren”, stelt voorzitter G. Blankendaal van het College van Deskundigen. “Nog steeds valt er elk jaar een behoorlijk aantal asbestdoden. Het was de eerste keer dat een vertegenwoordiger van de overheid met de VNG onderhandelt over een compromis. Als dat maanden heeft geduurd kan ik me goed voorstellen dat je niet meer terug wilt. Daar komt bij dat de partijen die met de VNG praten eigen belangen behartigen. Het blijft evenwel een feit dat deze gang van zaken geen recht doet aan de inspanningen van de bedrijfstak onderzoek en verwijdering asbest in de afgelopen jaren. De bedrijven moesten nogal wat doen om hun procescertificaat voor asbestonderzoek rond te krijgen. Er zijn ook al aanhoudingen geweest bij bedrijven die in afwachting van de certificaatverstrekking al met asbestwerk begonnen. Dat zou dan ten onrechte zijn geweest. Adequate controle leidde er inmiddels ook al toe dat sommige bedrijven door een overtreding hun certificaat kwijt raakten.”

“De bedrijfstakorganisaties zien de overheid nu als een onbetrouwbare partner”, weet Blankendaal.

Kamervragen

“De overheid heeft dat aan zichzelf te wijten omdat men maanden achtereen over een compromis heeft onderhandeld. Naar verwachting worden over deze kwestie ook Kamervragen gesteld. In het begin kreeg VROM op enkele punten ongelijk, later op andere punten weer wel gelijk en daarmee was men tevreden. Zo is er een regel die stelt dat er geen onderzoek hoeft te komen wanneer een aannemer zegt dat er geen asbest in een po zit. Dat zal al snel het geval zijn omdat onderzoek voor een aannemer lastig is. Vroeger haalde hij dat materiaal zelf weg en reed het naar de stort. Het gezondheidsaspect wint echter aan belang. Ook in dat opzicht is de huidige gang van zaken niet goed te begrijpen. De particulier schakelt steeds vaker een gespecialiseerd bedrijf in voor het verwijderen van asbest. Ook in gevallen waarin ze het materiaal zelf mogen weghalen.”

Overtreding

“Mede daardoor verloopt de asbestverwijdering steeds beter”, vindt Blankendaal. “Het sanctiebeleid liegt er niet om. Er komt een betere structuur in de informatievoorziening van de colleges naar de markt. Als we een overtreding constateren waarschuwen we meteen de certificerende instelling. Die neemt dan gepaste maatregelen. De grondslag voor het procescertificaat asbestverwijdering is de Beoordelingsrichtlijn die sinds 1 april in aangepaste vorm functioneert. Aanvankelijk zat er enig verschil tussen de visie van de Arbeidsinspectie en de BRL. Dat is nu niet meer het geval en adviseert de Arbeidsinspectie ook niet meer om maar gewoon een raam open te zetten tijdens het verwijderen van asbest. We voeren nu met de Raad voor de Accreditatie een actie om de aansluiting op de STER-laboratoria beter te maken. Die zitten ook in het College van Deskundigen zodat ze weten wat er rond verwijdering en onderzoek speelt. Ook de opleidingen krijgen nu meer structuur en worden afgesloten met een officieel diploma.”

Verglazen

“De bedrijfstak gaat ervan uit dat de asbestactiviteiten tot ver in de volgende eeuw doorgaan”, zegt Blankendaal. “Er moet echter meer gebeuren. Het verwijderde asbest komt nu op de stortplaats en blijft daar. Buitenlandse ervaringen tonen aan dat asbest zich goed laat verglazen en bijvoorbeeld goede diensten kan bewijzen in de oeverbescherming. Daardoor vermindert tevens de import van materialen als basalt. Verglaasd asbest is dusdanig gebonden dat ook na breking geen vezel vrijkomt. Duitsland heeft inmiddels een technische voorsprong met verglazing. Daarentegen heeft men daar meer waardering voor onze aanpak van de verwijdering. Het is de bedoeling dat Duitsland het Nederlandse KOMO-certificaat accepteert zodat Nederlandse bedrijven in de bondsrepubliek asbest ke verwijderen.”

Puinbreker werkt onder water

De TU Delft gaat na of de zogeheten ‘Van der Nagel-breker’ na enkele aanpassingen meer kan dan stofvrij puin breken. Deze machine breekt puin onder water waardoor bijvoorbeeld geen asbestvezels in de lucht komen. Begin september worden de bevindingen nader besproken. De Novem heeft drie soorten subsidie in het programma die voor de verdere ontwikkeling van de breker ke dienen. Voor de fabricage van de machine is inmiddels ook een zakelijke partner gevonden. De ‘Van der Nagel-breker’ is een ontwikkeling van C. van der Nagel, directeur van het Schiedamse P. v.d. Kooij Transport. Een beschrijving van de breker verscheen in Cobouw van 6 juni.

Brief aan ministeries

De huidige implementatie van een wettelijk verplicht certificaat voor verwijdering en voor onderzoek van asbest heeft veel onrust veroorzaakt bij de bedrijfstak(organisaties). Het College van Deskundigen bracht de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de ministeries van VROM, Binnenlandse Zaken en Sociale Zaken door middel van een brief op de hoogte van deze zorg. De VOAM, BABEX, VVTB en VAVB ondertekenden deze brief eveneens. Tot op heden ontving het College alleen een reactie van de staatssecretaris van Sociale Zaken.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels