nieuws

Metaalbranche vindt regels dwangmatig

bouwbreed

‘De regeldwang is in veel opzichten te groot. De toenemende complexiteit van de samenleving, de regeldrift van de politiek en de doorwerking van de Europese regelgeving hebben tot gevolg dat de administratieve lasten cumuleren, ondanks dat de overheid stelt te streven naar vermindering van die lasten. Er is in dat verband nog altijd veel te weinig coordinatie en afstemming. Regels moeten op een aanvaardbare wijze als middel tot een nuttig doel leiden, maar mogen nooit een doel op zich zijn. Bovendien moeten de baten ervan de kosten overstijgen, anders werken die regels contraproductief’.

Dit schrijft de METAALUNIE (met meer dan 9000 leden de grootste ondernemersorganisatie voor het midden- en kleinbedrijf in de metaal) in haar jaarverslag over 1996.

Volgens de organisatie denkt de overheid in totaliteit nog te weinig vanuit de praktijk van het ondernemerschap:

‘Dat wekt weerstand op, werkt belemmerd en leidt niet zelden tot nodeloze verspilling van tijd, energie en geld. Wat te vaak ontbreekt is een echte dialoog. Daardoor is er een kloof tussen de bedrijfspraktijk en wat de politiek en ambtelijke instellingen bedenken. De politiek en het ambtelijk apparaat zouden moeten inzien dat het direct inspelen op wat er werkelijk in het bedrijfsleven leeft (en vooral bij het zo gedifferentieerde en belangrijke mkb) juist ook tot voordeel strekt van dat apparaat. Men realiseert zich nu vaak niet, dat men zichzelf tegenwerkt.’

Sterke groei

Uit dit jaarverslag blijkt dat het industriele midden- en kleinbedrijf (mkb) in de metaal in 1996 een sterke groei liet zien, vooral in de sectoren machine- en apparatenbouw, elektrotechniek en transportmiddelen. Dat het producerende mkb in de metaal de conjuncturele wind sterk mee had, blijkt ook uit het feit dat de groei op de buitenlandse markt sterk is toegenomen en dat in belangrijke mate bij de exporterende bedrijven de investeringen zijn gestegen. De volumegroei van de totale afzet door het mkb in de metaal wordt voor 1996 berekend op ruim 4%.

De ontwikkeling van de werkgelegenheid in 1996 was gunstig. In het eerste kwartaal werd bij per saldo 16% van het mkb in de metaal meer personeel aangetrokken. In het tweede kwartaal was dat percentage zelfs 20, waarbij de constructie en de verspanende toelevering de kroon spanden, met respectievelijk 31% en 35%. In het derde kwartaal nam het personeelsbestand toe bij per saldo 5% van de bedrijven. In het vierde kwartaal was dat percentage 14.

Met de investeringen ging het in 1996 evenmin slecht. Per saldo heeft ongeveer 15% van de bedrijven in het mkb-metaal meer geinvesteerd dan in het jaar ervoor. In de verspanende toelevering heeft zelfs per saldo 40% van de ondernemers in 1996 meer geinvesteerd dan in 1995.

Volgens de METAALUNIE blijven de verwachtingen goed: ‘Het afzetvolume in het mkb-metaal blijft dit jaar stijgen’.

De verwachtingen met betrekking tot investeringen zijn gemiddeld iets gematigder geworden: ‘Maar in tal van sectoren worden dit jaar toch meer investeringen verwacht dan in 1996. Dit is het geval bij de constructie (waar per saldo 14% van de bedrijven verwacht meer te zullen investeren), de machinebouw (waar het saldopercentage 7 is) en vooral de oppervlaktebewerking, waarin per saldo zelfs 38% van de bedrijven verwacht in 1997 meer te zullen investeren dan in 1996. Voor het gehele mkb in de metaal is het saldopercentage 7.’

De prijzen blijven in veel sectoren echter onder (soms grote) druk staan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels