nieuws

Utrecht wil beperking vrijstellingsprocedures

bouwbreed

De gemeente Utrecht wil het aantal vrijstellingsprocedures volgens artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening drastisch terugdringen. Nu is zo’n procedure meer dan 200 keer per jaar nodig, terwijl het vaak gaat om zaken die niet ke omdat er een volstrekt verouderd bestemmingsplan ligt of omdat er nog geen uitwerkingsplannen zijn.

In een notitie aan de Commissie Ruimtelijke Ordening van de Utrechtse gemeenteraad worden voorstellen gedaan om het aantal vrijstellingsprocedures te verminderen. Zo moet er hoge prioriteit worden gegeven aan het herzien van die bestemmingsplannen die aanleiding geven tot veel vrijstellingsverzoeken. Dat geldt bijvoorbeeld voor Voordorp waarop de bestemming ‘sport en spel’ rust. Dit betekent in de praktijk dat alleen al voor een simpele uitbreiding van een slaapkamer een art. 19-procedure nodig is.

Ook wordt voorgesteld om een andere wijze van beoordelen van ‘strijdigheid met het bestemmingsplan’ te introduceren waarbij meer naar de bedoeling van het bestemmingsplan wordt gekeken dan naar de letter. Die laatste methode leidt vaak tot onbegrepen en onbegrijpelijke procedures.

Een voorbeeld is dat voor een gemeenschappelijke rijwielstalling ten behoeve van de buurt een vrijstelling nodig is omdat er alleen voorzieningen mogen worden aangelegd ten behoeve van stilstaande en rijdende voertuigen. “Kunnen rijwielen in dit geval niet als voertuigen worden gezien”, zo vragen ambtenaren zich vertwijfeld af.

Klimtoestel

Een ander voorbeeld is dat voor het plaatsen van een klimtoestel en twee ballenvangers een vrijstellingsprocedure nodig was vanwege de bestemming ‘hoofdwegen’. “Hier moet sprake zijn van een zeer verouderde bestemmingsplanbepaling”, constateren dezelfde ambtenaren met gevoel voor understatement.

Voorts wordt voorgesteld de procedure verder te vereenvoudigen. Zo zou er ten behoeve van duidelijk te omschrijven categorieen kleinere beleidsuitgangspunten voor tegenstrijdigheden moeten worden geformuleerd waardoor niet elk afzonderlijk vrijstellingsverzoek in de Commissie voor Ruimtelijke Ordening behoeft te worden gebracht.

Een dergelijk vrijstellingsbeleid valt ook te overwegen voor kleine, veel voorkomende vrijstellingsverzoeken zoals dakkapellen.

Ook wordt voorgesteld om deze benadering tevens te kiezen in die gevallen waar wel een bestemmingsplan is, maar nog geen uitwerkingsplannen. Dit is met name in Leidsche Rijn het geval.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels