nieuws

Agrarische sector wacht renovatie van f. 17 miljard

bouwbreed

Het bestand aan agrarische bedrijven in Nederland ondergaat in de komende tien tot vijftien jaar een nagenoeg volledige renovatie. Het gaat hier om de vervanging van asbest door andere materialen. In totaal zo’n 170 miljoen m2 maal gemiddeld f. 100 per m2 brengt het eindbedrag in elk geval op zo’n f. 17 miljard. De bouw doet er goed aan deze komende orderstroom voor te bereiden, menen milieukundige/rentmeester-taxateur ing. A. Batstra en bedrijfskundig adviseur J. Put van het bureau Lyons Business Support uit Echt.

“De wet schrijft de verwijdering van het asbest voor”, zegt Batstra. “Het Asbestbesluit van 1 maart 1993 verbiedt het houden en het be- en verwerken van dit materiaal. Welbeschouwd zou je alle bedrijven op de naleving moeten controleren. En dan zou je alle agrarische bedrijven ke bekeuren omdat elke boer asbest heeft. Als het aard- en nagelvast zit komt het pas bij renovatie vrij en daar gelden nog geen regels voor. Met het zogeheten zwerfasbest worden de regels wel overtreden. Het proefpo in West-Friesland leverde ruim 350 ton van dit materiaal op wat gemiddeld neerkomt op 500 kilo per deelnemer. De opbrengst viel tegen in die zin dat er meer zwerfasbest was dan we dachten.”

Verglazing

“Bij het meeste zwerfasbest gaat het vaak om platen die langs en tussen de gebouwen staan en die ooit eens beschadigde platen moeten vervangen”, legt Put uit. “Eenmaal weggehaald komen die op een stortplaats terecht, momenteel nog de enige financieel haalbare oplossing. Alternatieve methoden als verglazing kosten teveel. Asbest bestaat uit silicaten en als je die fors verhit veranderen ze in glas. Per ton asbest komen de verwerkingskosten dan op zo’n f. 400 tot f. 700.”

“Het po moet er uiteindelijk toe leiden dat al het asbest uit de agrarische sector verdwijnt”, voegt Batstra toe. “Dat komt de woon- en werkomgeving en dus de gezondheid van de agrarier ten goede. Ook stopt de diffuse verspreiding van het materiaal in een groot gebied. Want het gemiddelde boerenbedrijf heeft een hectare erf, maal 120.000 bedrijven is verspreiding over 120.000 hectare. Daar komt bij dat een asbestvrij gebouw ook beter te verzekeren is. Schade door asbest bezorgt verzekeraars forse problemen waardoor de premies eveneens fors zijn.”

Zwerfasbest

“Zwerfasbest vormt de eerste fase van het po”, stelt Put. “De tweede fase moet inzicht geven in de verwijdering van het bouwasbest. Wegruimen van zwerfasbest kostte de agrarier f. 35 per zogeheten Depot Bag voor 25 platen. Dat deden ze zelf en ze kregen daarvoor diverse beschermingsmiddelen aangeboden. Het blijft een feit dat er moest worden betaald en dat zou sommigen ertoe ke doen besluiten het asbest gewoon onder het erf te werken. Dat kan uitermate onaangenaam uitpakken. Zo gelastte een gemeente bij de verkoop van een bedrijf een onderzoek naar de fysieke samenstelling van het erf. Er zat 3 procent asbest in de monsters. De boer had 7000 m2 maal 30 centimeter is 2000 m3 maal 2 is 4000 ton op te ruimen materiaal. En dat kostte f. 180 per ton, zodat hij zijn erf- en opstalwaarde wel kon vergeten. Iedere boer heeft wel een slecht stuk in het erf waarin de trekker telkens vastloopt. Daar kun je asbestplaten in rijden zodat je een stevige ondergrond krijgt. Maar dat plekje kost dan wel f. 600 tot f. 700.”

Solvabiliteit

Mede door het opsporen van de hoeveelheid zwerfasbest krijgen de agrariers een duidelijker zicht op de financiele waarde van hun vastgoed. “Ook projectdeelnemer Rabobank ziet dat verband en verbindt daaraan conclusies over de solvabiliteit van zo’n bedrijf”, zegt Batstra. “Er zal steeds minder handel ontstaan in bedrijven waar asbest voorkomt. En dat geldt nu nog voor zo’n 90 procent van de agrarische bedrijven, vooral bedrijven die zijn gemoderniseerd danwel uitgebreid. Kijk je naar de erven, dan kampt 90 tot 100 procent van de bedrijven met asbestvervuiling. Over een jaar of vijf, tien zal het gebruikelijk zijn dat de koper van een bedrijf de kosten voor het verwijderen van asbest op de vraagprijs in mindering brengt.”

“Waar dat toe kan leiden toont de ‘kwestie Baexem’ aan, waar een hagelstorm een groot aantal asbestplaten vernielde en zo voor honderden miljoenen schade veroorzaakte”, zegt Put. “Als gevolg daarvan kwam er asbest in het voer terecht, in de mest, op het erf… Soortgelijke schade ontstaat bij brand en dat gaat net zolang door als er asbest op een bedrijf voorkomt. Over het geheel genomen verzekeren agrariers zich om die reden voor twee tot drie ton bij. Ook dat zal agrariers alerter maken op asbest, ze zullen sneller een specialist erbij halen om dat materiaal weg te halen. Dat betekent dat deze sector met een behoorlijke groei kan rekenen. Zeker wanneer de WLTO aan de hand van het West-Friese proefpo een landelijke campagne begint.”

Stortkosten

“Je praat dan wel over een periode van tien, vijftien jaar”, rekent Batstra voor. “Die tijd heb je nodig om tot een betaalbaar po te komen. Te denken valt aan een vast tarief voor de stortkosten waarmee je graduele voordelen kunt behalen. Verdeeld over het hele land levert dat een belangrijke tegemoetkoming op in de totale kosten. Premies of subsidies lijken me hier niet op zijn plaats omdat een asbestvrij bedrijf in waarde stijgt en daar mag best wat tegenover staan. Wanneer een agrarier de middelen daarvoor niet bijeen kan krijgen, moeten de banken op een of andere manier bijspringen met bijvoorbeeld een groene lening. Dat onderwerp moet in de komende tijd worden uitgewerkt. De bouwnijverheid doet er goed aan nu al rekening te houden met die ontwikkeling.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels