nieuws

VSB als eerste tegen algemeen verbindend verklaren Gespecialiseerde branches willen onder bouw-cao uit

bouwbreed

De nieuwe bouw-cao moet niet algemeen verbindend verklaard worden. Een boodschap met deze strekking kan minister Melkert van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) tegemoet zien van de gespecialiseerde aannemers. Ze zijn boos dat ze niet bij het cao-overleg betrokken zijn geweest en vinden die cao bovendien veel te duur.

Nog deze maand zal de Confederatie van Gespecialiseerde Aannemers (Conga) vrijwel zeker besluiten om bij de minister bezwaar te maken, als die voornemens zou zijn de bouw-cao algemeen verbindend te verklaren. Eerst echter moeten de bij de Conga aangesloten brancheorganisaties zich uitspreken over een dergelijke actie richting bewindsman.

De Vereniging van Steigerbouwbedrijven (VSB) heeft dat inmiddels gedaan. Die organisatie vindt dat Melkert moet afzien van algemeen verbindend verklaring (AVV). Volgens het met arbeidsvoorwaarden belaste VSB-bestuurslid Gijs Buys zullen de andere brancheorganisatie een zelfde standpunt innemen.

Niet blij

De VSB is absoluut niet blij met de nieuwe bouw-cao. “Die is bij ons in zeer slechte aarde gevallen”, aldus Buys. De pijn is het grootst voor de twintig steigermontagebedrijven (drieduizend werknemers). Zij vallen als enige groep binnen de VSB onder de bouw-cao.

De sectie ‘licht en hoog’ (aluminiumsteigers, hoogwerkers, hangbruggen) werkt met diverse andere cao’s en bedrijfsverenigingen. Ook de onder de sectie ‘staal’ ressorterende handelsbedrijven (verhuur en verkoop) kennen andere cao’s.

Van de steigermontagebedrijven is 60% werkzaam in de industrie (petrochemie, elektriciteitscentrales, voedingsmiddelensector etc.). De overige 40% is actief in de bouw.

Het steeds weer door de ministerie van SZW verplicht hanteren van de bouw-cao tast de concurrentie positie van de (industriele) steigermontagebedrijven aan. “Wij moeten opboksen tegen andersoortige bedrijven die ook steigers bouwen en dat veel goedkoper ke doen omdat ze andere, goedkopere, cao’s hebben”, stelt Buys vast.

Isolatiebedrijven

Het gaat daarbij met name om isolatiebedrijven. “Die vallen onder de cao kleinmetaal. En daarmee zijn ze 8-10% goedkoper uit dan bij toepassing van de bouw-cao”, licht hij toe.

Volgens hem is er sprake van concurrentievervalsing: “Wij hebben op zich geen problemen met concurrentie. Maar dan moeten alle bedrijven die steigers bouwen wel opereren met de zelfde arbeidsvoorwaarden.”

Ook schoonmaakbedrijven gaan er in toenemende mate toe over steigers te bouwen. “Die hebben ook een veel goedkopere cao” constateert hij. Het zelfde geldt volgens hem voor schildersbedrijven: “Zij worden eveneens een steeds grotere bedreiging.”

De reguliere steigermontagebedrijven menen dat hun concurrentiepositie met de onlangs afgesloten bouw-cao verder verslechtert. “De totale loonkosten stijgen met 4% per jaar. In de andere afgesloten cao’s is die stijging 2,75 tot hooguit 3%. Het betekent concreet dat de in de industrie werkzame steigerbouwers per jaar 1% aan marge verliezen, wat niet in de contracten gecompenseerd wordt”, verklaart Buys.

Een ander voorbeeld. “De bouw-cao kent 20 atv-dagen (exclusief 2 scholingsdagen), de cao kleinmetaal 13. Dat levert voor ons niet alleen een verschil in kosten op, het maakt het werken in de industrie er niet eenvoudiger op. Daarin wordt 7 1/2 per dag gewerkt. Met 20 atv-dagen is het voor ons heel moeilijk dat systeem te volgen”, zegt hij.

Volgens Buys is de bouw-cao “niet alleen te duur, maar ook heel star. De cao is volledig afgestemd op de bouw. Logisch. Maar voor steigerbouwers die in de industrie opereren zou eigenlijk de cao kleinmetaal moeten gelden. Dan is er sprake van eerlijke concurrentie.”

Bedrijfstakfondsen

De VSB-bedrijven worden op grond van de bouw-cao ook gedwongen bij te dragen aan bedrijfstakfondsen waarvan ze geen profijt hebben en waarover ze bovendien niet mogen meepraten.

“De industrie kent geen vorstverlet. Bij de eerste dag vorst wordt het voor ons juist drukker. Dan moet er veel preventief werk worden uitgevoerd. Ook dienen dan extra storingen te worden verholpen, die vanwege de kou optreden. Wij doen dus geen beroep op de het risicofonds vorstverlet, maar we moeten er wel aan bijdragen. Maximaal ke we wel 80% van de betaalde premie terugkrijgen. Maar je bent altijd 20% van de premies kwijt. Dat was 1,5% van de bruto-loonsom. Door de nieuwe afspraken wordt dat nu 2,5%”, rekent Buys voor.

Hij vindt dat in de industrie werkzame VSB-bedrijven 100% premierestitutie zouden moeten krijgen. “Je betaalt in de bouw meer voor bedrijfstakregelingen dan aan sociale verzekeringspremies”, aldus Buys.

Irritant

Wat steekt is dat de gespecialiseerde aannemers via Conga niet zijn toegelaten tot het cao-overleg. “Het is uitermate irritant dat van alles over je wordt afgeroepen, zonder dat je kan meepraten. Het begint echt de spuigaten uit te lopen. Op deze manier worden veel van onze bedrijven uit de markt geconcurreerd op een oneerlijke manier.”

Buys verwijt het AVBB een “regentenmentaliteit. Waar de bouwbonden geen bezwaar hebben tegen het aanschuiven van de Conga bij het cao-overleg, weigeren de bouwwerkgevers dat hooghartig. En dat terwijl de grote aannemers steeds meer werk op de bouwplaats uitbesteden aan gespecialiseerde aannemers. Er is dus veel voor te zeggen om die in het cao-verhaal te laten meepraten.”

Hij denkt dan aan het afsluiten van een raam-cao voor de bouw, die verder aangevuld wordt met branche-toegesneden afspraken, tussen werknemers en de werkgever uit de onderscheidene sectoren.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels