nieuws

Tommel moet werking markt respecteren

bouwbreed

Als staatssecretaris Tommel voor marktwerking kiest moet hij ook de werking van de markt respecteren. Daarmee rijst de vraag of opdrachtgevers en kopers wel een duurzame woning willen. Kopers zoeken geen duurzaam gebouwde woning maar een bepaalde kwaliteit zoals energiezuinigheid of goede geluidsisolatie. Daar willen zij ook voor betalen. Het valt echter niet te verwachten dat ‘de verwerking van menggranulaat in het beton’ die bereidheid ook teweeg brengt.

Promotie van duurzame bouw is de taak van de overheid, meent secretaris Bouwproces A. Schuurs van het NVOB. Op een bijeenkomst in Groningen legde hij uit dat pas wanneer bij opdrachtgevers en kopers voldoende interesse voor een duurzaam gebouwde woning is gewekt de duurzame aanpak succes sorteert. Veel aannemers die poen ontwikkelen boeken daarmee inmiddels geen onaanzienlijk succes.

Aannemers moeten zich niet blind staren op de maatregelen voor materiaalkeuzen in deel twee van het Nationaal pakket Duurzaam Bouwen. De maatregelen voor vormgeving en indeling uit deel een leveren beduidend meer milieuwinst op. Hetzelfde geldt voor de stedenbouwkundige invulling waarvoor nog geen nationaal pakket bestaat.

Aannemers die veel onderhoud, renovatie en verbouw doen hebben meer aan een pakket voor deze werken dan aan een nieuwbouwpakket. Tot aan de publicatie daarvan moeten er geen afspraken worden gemaakt over maatregelen voor duurzaam beheer. Anders dreigt dezelfde chaos die zich bij de bevordering van het duurzame bouwen voordeed voor de samenstelling van het nationale pakket.

Problemen

Van dat pakket wordt vaak gezegd dat het weinig ambities bevat. De praktijk ziet er volgens Schuurs anders uit, zij het dat er wel enige problemen rijzen.

De kosten van duurzaam bouwen nemen niet toe wanneer de aannemer naast de 42 vaste maatregelen ook de 46 kostenneutrale, variabele maatregelen opneemt.

Dat laatste is echter maar de helft van het totaal aantal variabele maatregelen. Sommige gemeenten willen dat 70 procent van de variabele maatregelen verplicht worden gekozen. Dit betekent dat minstens 20 procent hiervan wel geld kost. Het eisen van een percentage is echter een slag in de lucht die weinig verband houdt met een gewenst niveau van duurzame bouw.

Een ander probleem rijst rond de de opvatting van Tommel dat alleen dan van duurzame bouw sprake is wanneer voor f. 3000 aan vaste en variabele maatregelen is gekozen. Veel corporaties menen evenwel dat ze dit hogere bedrag moeilijk in hun exploitatie ke verrekenen. Het NVOB raadt aan standaard alle vaste maatregelen uit te voeren en die aan te vullen met de kostenneutrale variabele maatregelen. Per po kan, afhankelijk van het budget en de interesse van de opdrachtgever, een hoger niveau worden afgesproken.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels