nieuws

Onttrekking van woningen

bouwbreed

Het onttrekken aan de voorraad van woningen die niet langer voldoen is een van de methoden om de kwaliteit op peil te krijgen, naast uiteraard renovatie. Met woningonttrekking wordt op lokaal niveau nog zeer verschillend omgegaan.

Ons onvolprezen CBS verzamelt onder veel meer ook gegevens over de woningonttrekking. De afgelopen dertien jaar werden gemiddeld 12.000 woningen aan de voorraad onttrokken. Dat is maar 0,2% van de totale voorraad, maar tussen gemeenten onderling zijn er grote verschillen. In de steden boven 100.000 inwoners is dat percentage ongeveer tweemaal zo hoog, in de grote vier zelfs driemaal.

Het aantal onttrokken woningen stijgt de laatste tijd nog maar heel weinig, van rond 11.000 per jaar in de periode 1983/’85 naar 12.200 in de jaren 1986/’90 en 13.200 in 1991/’95. Als de woningmarkt over een aantal jaren net zo ruim wordt als Staatssecretaris Tommel ons nu belooft, zullen de onttrekkingen van niet meer gewenste woningen flink gaan toenemen. Dit geldt des te meer, nu renovaties niet meer royaal worden gesubsidieerd.

Op een werkelijk ruime woningmarkt worden er niet meer, zoals voorheen, “heilige koeien geslacht”, maar wordt er gewoon “ouwe troep” opgeruimd. Een voorbode daarvan is al enigszins te zien in het percentage sloop van de totale onttrekkingen. Was dat in de jaren 1983/’85 rond de helft, het nam toe tot circa 60% in de jaren 1986/’90 en zelfs bijna 75% in 1991/’95.

Provincies

Een onttrekkingencijfer van 0,2% van de totale voorraad zegt eigenlijk niet zoveel. Zo zou het 500 jaar duren voor het laatste wrak is opgeruimd, terwijl de mediane levensduur van woningen slechts rond 90 jaar bedraagt. Woningonttrekking heeft alles te maken met kwaliteit. Een volledig overzicht van de kwaliteit van de woningvoorraad is niet beschikbaar. Daarom nemen we als benadering daarvan het aantal woningen van voor 1945. Het zijn immers vrijwel altijd oudere woningen die worden gesloopt. Deze benadering is niet onredelijk: er zijn veel woningen met een hoge kwaliteit van voor 1945, maar er zijn er meer met een lage kwaliteit van na die datum. We laten Flevoland buiten beschouwing, omdat daar geen voorraad van voor 1945 is.

Kijken we naar de onttrekkingen per 1000 van de totale voorraad (tabel, vierde kolom), dan valt op, dat tegenover een landelijk promillage van 2,2 er vooral veel wordt onttrokken in Z-Holland (3,8). Op de tweede plaats komen Groningen (2,7), Zeeland (2,6) en N-Holland (2,3). Alle andere provincies blijven beneden het landelijk gemiddelde, het meest nog Utrecht, N-Brabant en Limburg (1,1). Hier spelen waarschijnlijk verschillende oorzaken door elkaar. In Groningen en Zeeland zal vooral de ruime woningmarkt een rol spelen, aan de andere kant zal de krappe markt belemmerend werken in Gelre en vooral Utrecht. In Brabant en Limburg zal tevens gelden dat de grondslag beter is dan in het Westen; funderingsproblemen zullen hier minder vaak voorkomen.

Oude voorraad

Rekenen we de gemiddelde onttrekkingen in de laatste jaren nu eens om in promillen van de voorraad van voor 1945 die in 1995 nog over was, dan verandert het beeld nogal (tabel, vijfde kolom). Dat komt doordat het aandeel in de oude voorraad per provincie sterk verschilt van dat in de totale voorraad (tweede kolom). Het varieert van 15% in Noord-Brabant tot 34% in Noord-Holland. In 1995 was circa 25% van de voorraad van voor 1945, de onttrekkingen belopen 8,7 promille daarvan. Zuid-Holland komt ook nu weer op kop (13,6), maar Groningen zakt tot het gemiddelde. Zeeland rukt op van de derde naar de tweede plaats (10,1). Noord-Holland zakt van iets boven het gemiddelde tot ruim daaronder; bij een belangrijk hoger aandeel oude woningen wordt er relatief veel minder onttrokken.

De onttrekkingen in Utrecht blijven bijna de helft onder het gemiddelde. Brabant blijkt echter, relatief t.o.v. haar oude voorraad, nog tamelijk veel woningen te onttrekken. In plaats van de helft minder blijkt dat zo’n 15% minder te zijn. Ook de plaats van Overijssel verandert van beneden tot op het gemiddelde.

Slotsom

Als we de kwaliteitsachterstand in de woningvoorraad willen inhalen, zal een flink hoger onttrekkingenniveau nodig zijn. In de komende jaren zullen we in enkele provincies de onttrekkingen flink (moeten) zien toenemen (‘moeten’ gezien de daarvoor nodige extra ruimte op de woningmarkt, waarvoor het VINEX-beleid weer een belemmering vormt). Dit geldt vooral voor Utrecht en Noord-Holland, en ook wel voor Gelderland en Limburg.

Immers, bij het huidige tempo van onttrekkingen (toegerekend naar de voorraad van voor 1945) zou het in Zuid-Holland toch nog 73 jaar duren voor de laatste woning van voor 1945 is opgeruimd. Friesland, Gelderland, Noord-Holland en Limburg doen er rond anderhalve eeuw over, Utrecht zelfs meer dan 210 jaar, tot na het jaar 2200!

Pas als de vervangende nieuwbouw boven de 25.000 woningen per jaar komt, zal men ke spreken van een geleidelijk kleiner wordend woningtekort, ook in kwalitatief opzicht. Ook bij dat niveau zal het nog minstens 25 jaar duren voor er niemand meer beneden een redelijke standaard gehuisvest moet blijven wegens een tekort aan wat beters dat betaalbaar is. Het vervangen van alle woningen van voor 1945 in 25 jaar zou een onttrekkingenniveau vereisen van 60.000 per jaar. Er blijft dus ook bij hoge onttrekkingen nog heel wat renovatie nodig. Bij een normale marktontwikkeling en redelijke economische groei hoeven we, gezien dit soort cijfers, voorlopig niet bang te zijn voor een daling in de nieuwbouw. Woningvoorraad

totaal% van jaarlijkse onttrekkingen

1-1-1995 voor ’45 1991-1995

totaal %o %o van

totaal voor ’45 Groningen 235.744 31 631 2,7 8,6 Friesland 247.285 28 480 1,9 6,9 Drenthe 179.486 19 250 1,4 7,3 Overijssel 394.210 23 786 2,0 8,7 Gelderland 701.452 21 871 1,2 5,9 Utrecht 416.118 24 468 1,1 4,7 N-Holland 1.055.265 34 2.461 2,3 6,9 Z-Holland 1.387.550 28 5.296 3,8 13,6 Zeeland 156.628 26 413 2,6 10,1 N-Brabant 873.531 15 991 1,1 7,6 Limburg 448.922 19 505 1,1 5,9 Nederland 6.096.191 25 13.152 2,2 8,7 Gegevens excl. Flevoland Bron: CBS

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels