nieuws

Principe-akkoord bouw-cao na marathonzitting

bouwbreed

Na een negende onderhandelingsronde van maar liefst 32 uur is donderdagavond om 9 uur het principeakkoord voor de nieuwe cao bouwbedrijf ondertekend. Het laatste potentiele struikelpunt, uitzendwerk, is in een compromis opgelost.

In het akkoord is twee keer voorzien in een structurele loonsverhoging van 0,75% per 1 april 1997 en 1998. Daarnaast is er eenmalige uitkering van 0,75% op 1 oktober 1998 en 0,75% op 1 januari 1998. Dat laatste is een eenmalige werkgeverspremie voor kapitaalgedekte oudedagsvoorziening om reserves op te bouwen.

Daartussendoor wordt vier keer de automatische prijscompensatie (apc) doorberekend. De verwachting is dat de apc in 1997 2,25% zal zijn en in 1998 2,75%.

De eindejaarsuitkering voor langdurig arbeidsongeschikten is veilig gesteld en structureel gemaakt. Deze wordt betaald met een premie van 0,6% waarvan werkgevers en werknemers ieder de helft betalen.

Uitzendwerk

“Niet van tevoren durven dromen” noemde CNV-onderhandelaar Freek van der Meulen het resultaat op het gebied van uitzendwerk in de bouw. Aanvankelijk wilden de werkgevers uitzendkrachten betalen volgens de uitzend-cao. De werknemers wilden beloning volgens de bouw-cao inclusief de bedrijfstakeigenregelingen.

Alle uitzendkrachten krijgen in het akkoord de garantielonen enonkostenvergoedingen van de bouw-cao. Degenen die in het bezit zijn van een diploma vakopleiding of praktijkcertificaat, zij die in de laatste twee jaar gedurende een jaar in de bouw hebben gewerkt en degenen die als vakvolwassenen een beroepsopleiding volgen in de bouw, vallen direct volledig onder de bouw-cao, dus inclusief de bedrijfstakeigenregelingen. Uitzendkrachten die niet aan die voorwaarden voldoen krijgen wel het bouw-cao-loon maar vallen gedurende maximaal een jaar verder onder de uitzend-cao.

Verder komt er een studie naar een nieuwe functie- en loonstructuur. Daarin wordt rekening gehouden met een eventueel per 1 januari 1998 door de overheid in te voeren maatregel om geen subsidie meer te geven aan mensen in opleiding die meer verdienen dan 130% van het minimumloon.

Over werkgelegenheid is afgesproken dat binnen een periode van drie jaar 10% van de nieuwe instromers in de vakopleiding moet bestaan uit langdurig werklozen, allochtonen en vrouwen. Samenwerkingsverbanden die verwijtbaar niet aan deze norm voldoen, worden daar financieel op afgerekend.

Arbeidstijden

De huidige arbeidstijden worden in de cao gehandhaafd. Bedrijven krijgen de mogelijkheid om, in overeenstemming met de ondernemingsraad, af te wijken van de cao binnen de normen van de standaardregeling uit de Arbeidstijdenwet. Deze is wel aangescherpt op onder meer het punt van de maximale reis- en werktijd. Die mag niet meer bedragen dan 11,5 uur.

De roostervrije dagen ke volledig flexibel worden ingezet. Verder kan gedurende perioden per jaar 9 uur per dag worden gewerkt zonder dat sprake is van overwerk.

Er komt een ouderenbeleid. Werknemers van 55 jaar en ouder krijgen de mogelijkheid om in overleg met hun werkgever vrijwillig te kiezen voor een vierdaagse werkweek. Men moet hiervoor een deel van de snipper- en atv-dagen inzetten. Bovendien moet een aantal dagen ‘gekocht’ worden. Dat komt neer op zo’n 7% van het loon.

Verder hoeven werknemers van 55 jaar en ouder niet meer dan 30 weken per jaar in verschoven werktijden te werken. Dit betekent dat er voor hen een maximum is gesteld aan nacht- en weekendwerk.

Daarnaast is een aantal kleinere punten geregeld:

– de onkostenvergoeding wordt verhoogd;

– jongeren worden verplicht een cursus veilig en gezond werken te volgen;

– er komt een campagne om de medezeggenschap in de bouw te versterken;

– maatwerk in de kostenvergoedingen en reisuren op ondernemingsniveau;

– stimulering scholing ex art. 35b door volledige vergoeding van cursuskosten aan de werkgever;

– reiskosten zijn nu losgekoppeld van reisuren.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels