nieuws

Plastisch Lexicon

bouwbreed

‘Bossche School’ was in de eerste jaren na de oorlog een scheldwoord voor een groep architecten die nog behoudender werd geacht dan de als erg traditioneel beschouwde Delfste School. Het was een tamelijk gesloten groep rond pater/architect Hans van der Laan, die toendertijd een cursus kerkelijke architectuur verzorgde in Den Bosch. Pas een latere generatie kon minder bevooroordeeld staan tegenover het bij nader inzien gevarieerde werk van beide scholen en tegenover de architectuurtheorie die Van der Laan in enkele boeken had beschreven. Tot die latere generatie behoren de publicisten Ids Haagsma en Hilde de Haan, die erin geslaagd zijn om de belangrijkste personen uit de Bossche School en de belangrijkste begrippen van Van der Laans theorie beknopt te beschrijven in een klein lexicon.

Dat het ‘Plastisch Lexicon’ is gedoopt is een verwijzing naar het ‘Plastisch Getal’ dat in de verhoudingenleer van Van der Laan een centrale plaats innam. Dat het een lexicon is, houdt in dat er voortdurend onderlinge verwijzingen in de teksten zijn opgenomen. Ondanks het korte bestek van ongeveer honderd kleine pagina’s, geeft het lexicon op deze wijze een veelomvattend overzicht van de geschiedenis van de Bossche School. Het is ook een handzame introductie in de theorie, zij het dat het gevaar is dat de beknoptheid misverstanden en onduidelijkheden in de hand kan werken. Zoals de auteurs zelf al aangeven blijft voor een werkelijk goed begrip het originele werk van Van der Laan onmisbaar.

H. de Haan/I. Haagsma: ‘Plastisch Lexicon’. Uitg.: Architext. f. 34,50. ISBN 90-5105-0-18-6.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels