nieuws

Een dag op stap met de Gehlmax MB 358

bouwbreed

Vanaf heden zal Cobouw-materieel periodiek een praktijktest uitvoeren met een op de Nederlandse markt gangbare grondverzetmachine. Hierbij spelen de maximale productiecapaciteiten van de desbetreffende machine geen rol: die kan men lezen in de technische folders. Centraal bij de Cobouwtest staan de ervaringen van de machinist met het materieel. Onze bevindingen geven signalen naar koper en verkoper van bouwmaterieel.

Geheel in tegenstelling tot hetgeen gebruikelijk is bij het ‘testen’ van grondverzetmachines kozen wij voor de eerste test geen machine die vers uit het krat kwam. Sterker nog: de Gehlmax MB 358 was rn.111 uit de verhuurvloot van Gehlmax Nederland BV uit Werkendam. Een machine die tevens kon bogen op een draaiurental van een kleine 400. De reden van deze keuze is terug te vinden in de praktijk. In de sector kleine grondverzetmachines wordt meer en meer gebruik gemaakt van inhuurmachines bij kleinschalige poen waarvoor de aanschaf van een nieuwe, eigen machine niet of nauwelijks rendabel is.

Daarnaast zijn de meeste kleine grondverzetmachines technisch dermate uitgerust dat naast het reguliere graaf- en laadwerk tal van andere werkzaamheden met behulp van aanbouwapparatuur te verrichten zijn zoals sorteren, knijpen, hameren, boren, knippen etc. Het voor de specifieke werkplek gevraagde hulpmaterieel is dan eenvoudiger te huren dan aan te schaffen, alleen al uit oogpunt van rendement.

De bouwput werd beschikbaar gesteld door het bouwbedrijf Gebr. van Leent te Monster en betrof het afgraven van een stuk grond ten behoeve van het plaatsen van een fundament waarop een fors bemeten garage diende te worden opgetrokken. Dit stuk grond was gesitueerd en werd begrensd door een bestaand woonhuis en een bedrijfsruimte. Een zo op het oog eenvoudige graafklus ware het niet dat de af te graven grond in een aantal fasen om een hoek heen gewerkt moest worden waarbij voor de machine nauwelijks werkplek beschikbaar was.

Daarbij kwam dat de af te graven grondlaag dooraderd was met allerlei kabels en leidingen. Halverwege het werk bleek dit stuk braakliggende grond in het verleden tevens dienst te hebben gedaan voor de ondergrondse ‘opslag’ van een kubieke meter gebroken vlakglas dat afkomstig was van een aanpalend tuinbouwbedrijf waar kennelijk een windhoos overgetrokken was. De totaal te verzetten grondmassa bedroeg ongeveer 30 m3.

Machine

Voor dit werk werd een Gehlmax MB 358 ingezet. Een machine met een eigen massa van ongeveer 3,5 ton waaraan duidelijk af te zien was dat deze reeds 400 uur in de verhuur, zonder vaste machinist, had meegedraaid. De machine, die van Chinese makelij is, wordt aangedreven door een rustig lopende Isuzu 3 LD motor met een vermogen van 19,65 kW.

Alle werkgangen worden servo-aangestuurd. De machine kan worden uitgerust met vele aanbouwhulpstukken waarbij de koppeling geschiedt met behulp van een eenbouts vergrendeling. Voor dit werk koos de machinist voor een brede grondbak (100 cm) om ondanks de krappe ruimte een goed zicht te hebben op de bakpunten.

Zijn afmetingen met zijn minimale zwenk van 3290 mm, zijn breedte van 1518 mm en zijn zwenkbereik (links/rechts) van 80 gr. /50 gr. maakten hem zeer goed inzetbaar in deze put.

Test

Om in de werkervaring met machines een min of meer vaste lijn aan te houden zijn in nauwe samenwerking met de vakvereniging Het Zwarte Korps zo’n vijftig punten opgesteld waarop de machinist, in een cijferreeks van 1 tot 10, zijn bevindingen dient vast te leggen. Hierdoor ontstaat dan het beeld dat de machinist van de betreffende machine heeft.

De MB 358 van Gehlmax verloochent zijn Chinese afkomst bepaald niet. Met andere woorden: soberheid troef! Geen overtollige franje, zeker niet waar het gaat om de ergonomie.

De machinistenstoel is scoorde zonder meer een onvoldoende. Waar de zitting nog redelijk te noemen is, geldt dit zeker niet voor de rugleuning die als een ‘houten plaag’ en een doorgeefluik van machinetrillingen werd ervaren. De machinist beschikt daarnaast ook niet over voldoende opbergruimte voor privespullen laat staan over een afsluitbaar kastje. Een haakje om kleding om te hangen ontbreekt. Helaas blijken vele importeurs het belang van zulk een op het oog futiliteit te onderschatten. Maar op de vloer van hun werkplek liggen dan ook geen modder- of olieplekken! Voor een bedrag van nog geen gulden kan in dit verband een hoop ergernis bij de machinist worden weggenomen terwijl hij tevens het idee heeft dat er aan hem is gedacht.

Ook de verwarming in de MB 358 komt bepaald niet in aanmerking voor een innovatie-prijs: hij geeft warmte, maar meer ook niet.

Technisch

Op het technische vlak zit de MB358 een stuk beter in elkaar en is gebruiksvriendelijker voor de machinist. Het onderhoud en reparatie zijn vanaf het maaiveld goed uit te voeren. Voor dit soort zaken is de cabine 30 gr. naar voren kipbaar waardoor essentiele punten goed bereikbaar zijn. Dit laatste geldt ook voor de afvulopeningen van hydraulische en dieselolie die overigens wat ons betreft wat meer onderlinge verscheidenheid zouden ke hebben, zeker waar het hier een huurmachine betreft.

De cabine is veilig en versterkt naar ROPS-normen en is moeiteloos te betreden en te verlaten. De bereikbaarheid van de besturing en de besturing zelf zijn zonder meer goed te noemen, terwijl het overzicht op het instrumentarium voldoende is.

Een veel besproken punt op het gebied van de ergonomie is de beperking van de geluidsoverlast. Als de ene producent er weer in geslaagd is een paar decibel af te knabbelen wordt dit vaak breed uitgemeten met een hoop bla-bla, terwijl de andere fabrikant de onmogelijkste toeren zal uithalen om weer onder die waarde te komen.

Een strakke regelgeving op dit gebied heeft er inmiddels mede voor gezorgd dat dit soort overlast tot een gezonde norm is gezakt in de loop der tijd. Vandaar dat het geluid binnen en buiten de cabine niet door ons, met behulp van allerlei technische apparatuur wordt gemeten. Daarbij komt nog dat de individuele werkplek in veel gevallen de overlast duidelijk beinvloed. In dit specifieke geval en uitgaande van een schaal van 1 tot 10 beoordeelde onze machinist het geluidsniveau in de cabine met een ‘7’. Ruim voldoende derhalve.

Ronduit hoog scoorde de MB 358 op zijn graafvermogen en uitkipvermogen (8) en daar gaat het uiteindelijk om bij dit type machines. Op deze, bepaald niet eenvoudige, werkplek kon de machinist het grote graafbereik van de giek/lepelsteel-configuratie goed benutten, dit ondanks de obstakels onder het maaiveld. Onbelast heeft de machine een redelijke rijfunctie maar onder last valt dit wat tegen zeker op hellende oppervlakken.

Samenvatting

Een samenvatting van een ‘dagje’ MB358 bracht Cor van Noord tot de volgende conclusie:

Een machine die simpelweg en degelijk goed doet waarvoor hij gebouwd is. Er is goed en nauwkeurig mee te werken. Het is een machine waar men zich in korte tijd ‘thuis’ voelt. Op het ergonomische vlak heeft hij nogal wat tekortkomingen, waarvan er een aantal op redelijk eenvoudige wijze te verhelpen zijn tegen niet al te grote investeringen. Met name de stoel is niet bepaald uitnodigend om bijvoorbeeld maanden achtereen volume/productie te draaien. Voor ‘putten’ zoals deze zal het een machine zijn met een zeer gunstige prijs/capaciteits-verhouding. Het is dan ook niet zo verbazinwekkend dat met name de verhuur van dit soort machines aan de kleine en middelgrote aannemer, het zo goed doet. Zeker als men zich realiseert dat een hele reeks van aanbouwapparatuur bij de verhuurder ter beschikking staat.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels