nieuws

Geen gevaar voor opblazen moter bij roetmeting diesels

bouwbreed

Eigenaren van personen-, bestel- en vrachtauto’s met een dieselmotor hoeven niet bang te zijn voor forse motorschade en hoge reparatierekeningen als gevolg van roetmeting aan hun voertuig. EVO, ondernemersorganisatie voor logistiek en transport en BOVAG, de belangenvereniging van onder meer garagehouders noemen die vrees onterecht.

Bij de roetmeting wordt het toerental van de motor een aantal keren onbelast opgevoerd. Eigenaren van diesels zijn daarom bang voor ‘opgeblazen’ motoren. Sinds 1 januari is een jaarlijkse roetmeting verplicht bij voertuigen met dieselmotoren die na 31 december 1979 in gebruik zijn genomen. Dat valt in het kader van de wettelijke verplichte APK.

Met de meting wordt gecontroleerd of de uitstoot van vaste roetdeeltjes in de uitlaatgassen de voorgeschreven waarde niet overschrijdt. De uitstoot houdt vooral verband met het verbrandingsproces in de motor en dus met de algehele conditie daarvan.

Volgens de EVO zijn de risico’s minimaal als de motor in conditie is, en dat kan via periodiek deskundig onderhoud. Bij twijfel aan de motorconditie en het desondanks laten uitvoeren van een roetmeting, is het verstandig dat de garagehouder en voertuigeigenaar van te voren de aansprakelijkheid bij schade regelen.

De EVO, waarbij 38.500 bedrijven zijn aangesloten, heeft over het fenomeen roetmeting uitvoerig overleg gehad met de BOVAG, de belangenvereniging van onder meer garagehouders.

Voorbarig

De BOVAG noemt de angst voorbarig, onder verwijzing naar ervaringen in het buitenland. Uit ervaringscijfers blijkt dat de kans op schade kleiner is dan 0,04 procent.

De BOVAG adviseert om de motor nog voor het uitvoeren van de roetmeting te laten controleren. Het kan voorkomen dat de garagehouder twijfelt aan de technische conditie van de motor. Wil de voertuigeigenaar desondanks een roetmeting laten doen, dan kan de garagehouder hem vragen een BOVAG-verklaring te tekenen waarin de aansprakelijkheid wordt geregeld. Daarbij verklaart de voertuigeigenaar de roetmeting te laten uitvoeren nadat het garagebedrijf op de slechte conditie van de motor heeft gewezen.

De EVO meent dat het garagebedrijf dan wel moet aangeven waar eventueel problemen zouden ke ontstaan.

Indien na ondertekening van de verklaring schade ontstaat, meent de EVO dat expertise moet uitwijzen wie voor de schade opdraait. De schade kan immers ook het gevolg zijn van ondeskundig handelen door het garagebedrijf. In alle andere gevallen adviseert de EVO geen verklaring te ondertekenen waarin de voertuigeigenaar de aansprakelijkheid op zich neemt.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels