nieuws

Bedrijven laten Europese aanbesteding sloffen

bouwbreed

Gegadigden voor een Europese aanbesteding denken te vaak te gemakkelijk over het invullen van de inschrijving. Niet zelden staan er stijl- en spelfouten in de tekst van de inschrijving. De aanbestedende diensten gaan er over het geheel genomen van uit dat de presentatie de kwaliteit van de kandidaat weergeeft.

Aldus drs. H. ’t Hart van het bureau TenderSelekt op een bijeenkomst in de Maasstad van de KvK Rotterdam/Beneden-Maas.

De kandidaat moet, volgens ’t Hart, vrijwel altijd diverse officiele verklaringen overleggen, een voorwaarde waaraan niet iedereen blijkt te voldoen. Bij deze verklaringen gaat het onder meer om een document waarin de fiscus verklaart dat de inschrijver de belastingen en de sociale premies heeft betaald. Vereist is ook een uittreksel uit het strafregister waarin staat dat de inschrijver niet met uitstel van betaling te maken heeft of in staat van faillissement op liquidatie verkeert en niet bij vonnis veroordeeld is geweest. Nederland kent echter geen strafregister voor bedrijven zodat de gegadigde uiteindelijk bij een notaris te rade moet gaan. Sommige rechtbanken willen dergelijke verklaringen ook afgeven wat betekent dat de inschrijver eerst deze mogelijkheid moet onderzoeken. Een bedrijf dat zelf verklaringen opstelt zal daarmee slechts zelden succes oogsten.

Onredelijk

De aanbestedende diensten stellen op hun beurt volgens ’t Hart nogal eens onredelijke en overbodige eisen. Een voorbeeld biedt de aanbesteding van een gebouwbeheersysteem waarbij de opdrachtgever de inschrijver inzage voorschreef in de totale aanneemsom van poen waaraan de kandidaten hadden meegewerkt. Nu worden dergelijke poen doorgaans in delen en aan verschillende uitbesteed zodat de inschrijver geen totaal bedrag kon noemen. De opdrachtgever was maar met moeite van dit feit te overtuigen. Het komt ook voor dat aanbesteders eerdere aankondigingen met bijbehorende eisen voor volgende poen gebruiken. Sommige eisen zijn dan eigenlijk totaal niet van toepassing. Daarmee jaagt de opdrachtgever de inschrijver op extra kosten en kan daarmee ook zichzelf benadelen omdat mogelijke gegadigden door de onredelijke en overbodige eisen worden afgeschrikt.

’t Hart legde verder uit dat aanbesteders regelmatig te weinig bedrijven uitnodigen voor een verdere inschrijving bij de niet-openbare procedure. In dat geval dient een kandidaat een aanvraag tot deelneming in. Dat moet binnen 37 dagen gebeuren. De aanbestedende dienst moet minimaal vijf bedrijven een dergelijke uitnodiging sturen. De opdrachtgever laat het soms bij minder invitaties terwijl meerdere bedrijven aan de minimumeisen voldoen. Die ke op hun beurt een klacht indienen bij de aanbesteder.

Motivering

De Europese aanbesteding telt drie momenten van bekendmaking: vooraankondiging, aankondiging en gunning. Het gebeurt vaak dat de opdrachtgever het eerste en laatste moment overslaat. Een aanbestedende dienst moet elke gegadigde laten weten of die al dan niet is afgevallen tijdens het aanbestedingsproces. Daar hoort dan een afdoende motivering bij die verder gaat dan ‘uw inschrijving voldeed niet aan de economische en technische minimumeisen’. De inschrijvers ke met de motiveringsplicht hun voordeel doen omdat ze met de toelichtingen de bedrijfsvoering ke verbeteren.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels