nieuws

Werknemers krijgen keus in pensioenopbouw

bouwbreed

De regering wil het fiscaal mogelijk maken pensioenen aan de wensen van de individuele werknemer aan te passen.

De staatssecretarissen Vermeend van Financien en De Grave van Sociale Zaken hebben een wetsvoorstel voor maatwerk bij de pensioenopbouw voor advies naar de Raad van State gestuurd.

Naast de collectieve pensioenopbouw in en door het bedrijf, kan de werknemer voortaan zelf een keuze maken uit verschillende aanvullingsmogelijkheden. De premie voor dat soort ‘modules’ kan bijvoorbeeld worden voldaan met het spaarloon.

De pensioengerechtigde leeftijd is in dit wetsvoorstel niet langer heilig. Al op zestigjarige leeftijd kan aansprak worden gemaakt op een vol pensioen, dat wil zeggen 70% van het eindloon. Als men eerder met pensioen wil, wordt op de uitkering gekort.

Uitgangspunt voor de ruimte voor pensioenopbouw is dat in 35 dienstjaren een pensioen van 70% van het eindloon, inclusief AOW, kan worden opgebouwd. Dat betekent een opbouw met maximaal 2% per dienstjaar.

Als het wordt opgebouwd op basis van middelloon, zal het opbouwpercentage op maximaal 2,25 per dienstjaar worden gesteld.

Wie langer werkt dan 35 jaar kan meer pensioen opbouwen dan 70% van het eindloon, maar nooit meer dan 100% ervan.

Voor niet-collectieve regelingen, zoals die voor directeuren-grootaandeelhouder, die hun pensioen in eigen beheer opbouwen, geldt dat zij dat op eenzelfde wijze mogen dan als gebruikelijk is in de collectieve sfeer.

Het wetsvoorstel voorziet ook in een verbetering van de rechtsbescherming. Zo kan aan de Inspecteur der Belastingen vooraf zekerheid worden gevraagd over de fiscale gevolgen van een te kiezen pensioenregeling. Tegen zijn beslissing is bezwaar en beroep mogelijk.

Pas als de tekst het Staatsblad heeft bereikt, treedt de wet in werking.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels