nieuws

‘Secundaire grondstoffen verplicht in bestekken’

bouwbreed

Meer overheidsmaatregelen zijn nodig om het gebruik van secundaire grondstoffen te bevorderen. Daarbij moet worden gedacht aan stortverboden en het voorschrijven van secundaire grondstoffen in bestekken. Alleen dan is het mogelijk het primaire grondstoffenverbruik terug te dringen. Dat stelt de provincie Noord-Brabant in de evaluatienota ‘Werken met secundaire grondstoffen’. Zelf zegt de provincie het vooralsnog niet voor elkaar te krijgen, het gebruik van de natuurproducten structureel te verminderen.

Volgens de provincie Noord-Brabant zitten er nog heel wat haken en ogen aan het terugdringen van primaire grondstoffen. In de visie van de provincie is hier vooral het feit dat primaire grondstoffen nog altijd prevaleren boven secundaire grondstoffen, debet aan. “Secundaire grondstoffen zullen in beginsel prijstechnisch moeten concurreren met primaire grondstoffen”, aldus Noord-Brabant in de nota ‘Het fundament voor hergebruik-Werken met secundaire grondstoffen’.

Om dit te bereiken is het volgens dezelfde nota belangrijk dat de overheid instrumenten ontwikkelt die de toepassing van de grondstoffen bevorderden. Als mogelijke maatregel noemt Brabant het instellen van een milieuheffing op primaire grondstoffen. Maar ook met stortverboden en met het verplicht stellen van secundaire grondstoffen in bestekken, zou men een eind moeten komen.

Probleem

Overigens speelt er in de provincie nog een ander probleem. De markt dreigt de komende jaren overvoerd te worden door primaire grondstoffen, afkomstig van grootschalige ontgrondingsprojecten. Concreet ziet Noord-Brabant zich voor de volgende ontgrondingswerken gesteld:

-het vierde spaarbekken: 45 miljoen m3 ophoogzand;

-het baggerspeciedepot Hollands Diep: vermoedelijk 15 miljoen m3 ophoogzand;

-het zandmaasproject: mogelijk 8 miljoen m3 ophoogzand;

-verlegging Zuid-Willemsvaart: 3 miljoen m3 ophoogzand.

Het is niet mogelijk deze ontgrondingsprojecten in de tijd te spreiden, met als gevolg dat de concurrentie tussen beide grondstoffen zal toenemen. Daar komt dan ook nog bij, dat voor de financiering van projecten de opbrengst uit verkoop van de grondstof is meegenomen.

En dan is het volgens de opstellers van de nota de vraag waaraan de bestuurders de voorkeur geven: “Een gegarandeerde afzet van het zand met alle financiele voordelen van dien, of een optimale mogelijkheid om afzet te hebben voor secundaire grondstoffen?” Hoe dan ook stelt Brabant vast dat, wanneer overheidsmaatregelen uitblijven, het doel om in het jaar 2000 het primaire grondstoffenverbruik met 2,5 procent te verminderen, onder druk staat.

Ingewikkeld

De nota doen een groot aantal aanbevelingen, die er voor moeten zorgen tot een beter gebruik van secundaire grondstoffen. Zo constateert de provincie dat de regels voor de toepassing van secundaire grondstoffen, zeer ingewikkeld zijn. Dit kan leiden tot interpretatieverschillen bij de uitvoering. Een verbetering is dus van belang.

Verder dient volgens de nota-opstellers de im- en export van secundaire grondstoffen vrij te zijn. Alleen de toepassing van de grondstof hoeft dan te worden gemeld. Dit is een van de voornaamste aanbevelingen om onnodige procedurele belemmeringen, die het gebruik van secundaire grondstof frustreren, weg te nemen.

Tenslotte is nog van belang dat de infrastructuur voor de opslag, bewerking, en toepassen van secundaire grondstoffen verbeterd wordt. “Hierdoor kan stagnatie in de afzet worden voorkomen en wordt de certificering van secundaire grondstoffen bevorderd”, aldus de provincie. De Provinciale Staten zullen zich binnenkort over de evaluatienota buigen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels