nieuws

Prijs zonnepaneel en warmtepomp moet lager Energieneutrale wijk over twaalf jaar realiteit

bouwbreed Premium

Over een jaar of twaalf is het mogelijk een energieneutrale wijk te bouwen. Een belangrijke voorwaarde is wel dat de kostprijs van zonnepanelen en warmtepompen drastisch omlaag gaat. Ook moet het elektriciteitsverbruik van huishoudens veel lager. Want als de huidige ontwikkelingen doorzetten wordt in 2010 evenveel energie gebruikt voor elektrische apparaten als voor verwarming en warm tapwater.

Niet bekend

Daarom loopt het LTGO-programma langs drie sporen: besparende maatregelen (warmteterugwinning met een hoog rendement, vacuumisolatie), duurzame energie (zonnestroom, zonneboilers) en een efficiente omzetting van fossiele brandstoffen (bijvoorbeeld met warmtepompen).

In de eerste jaren richt Novem zich vooral op de besparingsmogelijkheden en de efficiente omzetting van fossiele energie. Fotovoltaische zonne-energie en warmtepompen komen later aan bod, die zijn nu nog veel te duur.

Maar tegelijkertijd kunnen die laatste twee wel eens essentieel blijken te zijn voor het slagen van het programma. Van Mourik verwacht dat er alleen maar energieneutraal kan worden gebouwd als de kostprijs van zonnepanelen en warmtepompen daalt. Dat ziet hij ook wel gebeuren. “Een warmtepomp kost nu nog f. 10.000, maar in principe zou dat naar beneden kunnen tot f. 3000 als je ziet welk materiaal erin zit en hoe zo’n pomp wordt gebouwd.”

Een andere randvoorwaarde voor het slagen van het project is een daling van het energieverbruik van elektrische apparaten.

Elektrische apparaten

Van Mourik constateert namelijk dat die een steeds groter deel gaan innemen van het totale energieverbruik. Was in 1995 de energievraag voor verwarming en warm tapwater tweemaal zo groot als de elektriciteitsbehoefte, in 2010 zullen beide ongeveer even groot zijn. En dat baart Van Mourik zorgen. “Huishoudens gebruiken steeds meer elektrische apparatuur. Een vaatwasser en een wasdroger zijn al bijna gemeengoed. En net nu bij de consument is doorgedrongen dat de stand-by stand van audio- en videoapparatuur ook elektriciteit kost, worden de breedbeeld-tv en de platte beeldbuis geintroduceerd die vele malen meer elektriciteit gebruiken dan de oude apparatuur.” Van Mourik is er zich echter van bewust dat besparing op dit terrein alleen in Europees verband is te regelen.

Voorbeelden

Inmiddels zijn her en der al voorbeelden te vinden van energieneutrale woningen, zoals de energienulwoning in Zandvoort en de energiebalanswoningen die in Amersfoort worden gerealiseerd. Volgens Van Mourik zijn die woningen echter nog veel te duur om op grote schaal te bouwen. Het LTGO-programma richt zich op een betaalbaar concept. De meerinvestering moet beperkt blijven tot tien procent van de bouwsom. “Dat kan door een optimale afstemming tussen de technische mogelijkheden en de kosten. Als bijvoorbeeld een woning een isolatiepakket heeft met een R-waarde van 4 is dat nu optimaal. Beter isoleren kan wel, maar heeft weinig zin. Dan kun je je geld beter steken in zaken als een warmtepomp of een zonneboiler.”

Energieprestatie

De energieneutrale wijk moet in stapjes worden bereikt. Het korte termijndoel van Van Mourik aan zijn opdrachtgever, het ministerie van Economische Zaken, zal zijn de ontwikkeling van een utiliteitsgebouw met een energieprestatiecoefficient (EPC) van minder dan 1,2 en woningen met een EPC van 0,7 of lager.

Dat roept meteen de vraag op of het project andere initiatieven tot energiezuinig bouwen overlapt. Bij de voorbeeldprojecten duurzaam bouwen en de zogenaamde exergiewoningen zijn immers al dergelijke EPC-waarden te vinden.

Van Mourik: “Het gevaar van die ontwikkelingen is dat iedereen zich teveel focust op het thermische deel in het energieverbruik. Je kunt je daarmee rijk rekenen, maar het kan zich ook tegen je keren. Want als een afnemende energiebehoefte voor verwarming een toename van het elektriciteitsverbruik voor koeling van de woning in de zomer tot gevolg heeft, schiet je je doel voorbij. De EPC-berekening heeft namelijk geen directe relatie met het energieverbruik. Een lage EPC wil nog niet zeggen dat het energieverbruik automatisch ook laag is. Het toepassen van veel HR+-glas in de zuidgevel zorgt bijvoorbeeld voor een lage EPC. Maar als het dan in de zomer te warm wordt, schaffen de bewoners een ventilator aan. En dat jaagt het totale energieverbruik weer omhoog.”

‘Energieneutraal bouwen in 2010: feit of fictie?’ is de titel van een congres dat op 4 december 1997 plaatsvindt in Utrecht. Dan wordt het LTGO-programma toegelicht, onder andere aan de hand van drie praktijkvoorbeelden: de toepassing van warmtepompen in een wijk van Beverwijk, hightech energiebesparing in het kantoor van Hoogheemraadschap Rijnland en de integrale energievoorziening van de Oostelijke Handelskade in Amsterdam.

Reageer op dit artikel